Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2021–2022 36 045Situatie in de Oekraïne Nr. 29 MOTIE VAN HET LID KUZU Voorgesteld 10 maart 2022 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat duizenden Serviërs in Belgrado de straten zijn opgegaan om steun te betuigen aan Poetin; constaterende dat het een van de weinige openlijke steunbetuigingen is voor Rusland na diens invasie in Oekraïne; constaterende dat kandidaat-lidstaat van de EU Servië weigert om sancties in te stellen tegen Rusland; constaterende dat de bevoegde autoriteiten van Servië aangekondigd hebben alle maatregelen te nemen om te voorkomen dat Servische staatsburgers deelnemen aan het conflict aan de zijde van Oekraïne en hen zullen bestraffen als zij dat wel doen; overwegende dat de Servische regering duidelijk kant kiest voor Rusland en niet voor de Europese Unie; verzoekt de regering om bij de eerstvolgende Raad Buitenlandse Zaken kandidaat-lidstaten van de Europese Unie, zoals Servië, die Rusland steunen, te veroordelen, en gaat over tot de orde van de dag. Kuzu kst-36045-29ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 36 045, nr. 29