KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Wijziging van de Wet milieubeheer in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 (RED III) wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft

29 sep 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie d45c84373b6c9ced · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

De heer Thijssen (GroenLinks-PvdA): Dank, voorzitter. Complimenten aan mevrouw Van Groningen, want dit is niet het makkelijkste onderwerp om even een maidenspeech te doen, maar u heeft dat met vlag en wimpel gedaan. Voor een snelle transitie naar een circulaire economie en een klimaatneutrale energievoorziening kunnen we weinig middelen onbenut laten. De nood is hoog, de tijd is op en de klimaatcrisis is inmiddels bijna onafwendbaar; gelukkig zijn we het daar bijna allemaal over eens. Dat maakt ook dat we zorgvuldig moeten zijn in waar we in investeren: welke transitiepaden leiden uiteindelijk tot oplossingen voor de lange termijn en welke oplossingsrichtingen leiden de aandacht vooral af van wat er echt moet gebeuren omdat het daarbij gaat om investeringen die kleine stapjes zetten maar nieuwe lock-ins creëren en de echte omschakeling vertragen in plaats van versnellen? Mijn fractie is altijd kritisch geweest op biobrandstoffen, niet afwijzend maar wel kritisch. Dat zit in drie punten die ik even wil toelichten en waarop ik hopelijk een reactie van de staatssecretaris ga krijgen. Eén: veel biobrandstoffen doen meer kwaad dan goed. Ontbossing, natuurvernietiging, een grotere klimaatschade dan wat zij oplossen, concurrentie met voedselgewassen en fraude. Dat is de reden waarom we in Nederland de hoogste duurzaamheidseisen stellen aan de hierbij genoemde brandstoffen. Ook dat leidt tot fraude en vrijwel zeker tot meer fraude als we niet méér bijmenging eisen, terwijl de beschikbaarheid niet toeneemt. Ik wil dat we er echt voor waken dat we water bij de wijn doen qua duurzaamheidseisen. Ik houd mijn hart vast als ik kijk naar bijvoorbeeld de schriftelijke inbreng van de VVD en haar pleidooi voor het gebruik van feed- en foodstocks en ILUC, Indirect Land Use Change, die toch kan leiden tot meer ontbossing — ik wilde de afkorting noemen, maar die is natuurlijk nog steeds in het Engels — zodat de prijs aan de pomp niet stijgt. Als dat straks de lijn wordt, maken we alles erger. Dan jagen we ontbossing aan. Dan wordt voedsel onbetaalbaar voor miljoenen mensen en dan wordt de klimaatverandering erger. Kan de staatssecretaris mij garanderen dat we minimaal de hoogste eisen blijven hanteren? Twee: de hoeveelheid beschikbare duurzame biobrandstoffen is beperkt en eindig. Zeker als we de huidige bronnen beschouwen, zoals oud frituurvet uit China, dan kopen we eigenlijk alles al. We gaan met deze wet de vraag verder stimuleren, maar de productie van brandstoffen uit afval en reststoffen is amper schaalbaar naar het niveau dat we nu gaan eisen. Hoe gaat de staatssecretaris ervoor zorgen dat de productie van onbedenkelijke alternatieve brandstoffen de vraag gaat bijhouden die we met dit wetsvoorstel creëren? Hieraan gekoppeld: hoe gaat de staatssecretaris ervoor zorgen dat de vraag, die amper gedekt kan worden, niet leidt tot fraude? Want daar hebben we nu al heel veel last van. Meer import, minder toezicht, en onze eigen diensten zeggen nu al dat ze meestal geen idee hebben van wat er deugt en wat niet. Ten derde. Biobrandstof in de tank doet niets voor de transitie naar energievrij verkeer. Sterker nog, het kan ertoe leiden dat elektrificatie en innovatie vertragen. Het houdt de bestaande energienetwerken en marktdominantie in stand. Het is niet alleen voor het klimaat dat we af willen van verbrandingsmotoren; ook voor fijnstof en stikstof moeten we toe naar emissieloos vervoer of elektrisch vervoer. Nu geeft dit wetsvoorstel ook ruimte voor het stimuleren van elektrificatie. Dat is voor ons echt voorwaardelijk, want dat is immers écht een transitiepad naar een klimaatneutrale samenleving. Maar is de staatssecretaris bereid om met belendend beleid erop te sturen dat we de zeer schaarse duurzame biobrandstoffen vooral daar inzetten waar elektrificatie vooralsnog geen optie is, zoals scheepvaart en luchtvaart, zo vraag ik de staatssecretaris, en dat we dus voor het wegverkeer niet met groen gekleurde aflaten werken die niet bijdragen aan het einde van fossiel, maar dat we zo gaan normeren dat het hele wagenpark zo snel mogelijk elektrisch wordt? Voorzitter. Dat zijn mijn drie grote bezwaren. Maar we zien ook kansen, en de noodzaak voor de korte termijn, maar ook daar helaas wel risico's en zorgen. We hebben nog steeds geen goed antwoord voor luchtvaart en scheepvaart. Daar komen aparte doelen voor, ik weet het. Maar dit kunnen we niet los zien van wat we vandaag doen, want het gaat veelal om dezelfde sector die deze brandstoffen moet leveren uit veelal dezelfde grondstoffen met dezelfde problemen. Mijn fractie vindt dat we de beschikbare grondstoffen voor duurzame brandstoffen zo veel mogelijk moeten reserveren voor lucht- en scheepvaart, want commercieel vliegen op een accu gaat waarschijnlijk nooit van de grond komen. Ik hoor al 25 jaar verhalen over biokerosine. De hele Sahara zou dan vol moeten liggen met algenfabrieken, als je destijds naar de groene praatjes van KLM had geluisterd. Niets van terechtgekomen. Reders hebben schepen gekocht die op het duurdere lng kunnen varen, met de belofte dat ze binnenkort overal bio-lng kunnen bunkeren. Maar dat valt nog vies tegen. En de vooruitzichten zijn niet erg rooskleurig, laat staan groen, want afgelopen weken is de ene na de andere biobrandstoffabriek in aanbouw ermee gestopt. Collega's zeiden het al: Shell, BP, ze zeggen het gewoon. Ze hebben bewust gekozen voor kortetermijnaandeelhouderswinsten in plaats van voor de transitie naar een duurzame toekomst, inclusief een mogelijke toekomst voor hun bedrijven. "Weg ermee! Nu alles opmaken, en na ons de zondvloed" — letterlijk. Natuurlijk zijn het risico-investeringen. Miljarden investeren in een transitiebrandstof, terwijl je met een beetje goede lobby en klimaatontkenners in de regering ook gewoon kunt blijven doen waar je rijk mee bent geworden ... Daar zit volgens mij een hele grote zwakte in ons klimaatbeleid: alsmaar zwalken, doelen afzwakken en vooruitschuiven. De middenpartijen, zoals het CDA, stribbelen mee. Gematigd rechts, zoals de VVD, stribbelt tegen. En hun extreemrechtse vrienden zijn vol in verzet. Waar moet je dan als bedrijf je investeringen op afstemmen? Ik wil de staatssecretaris dan ook vragen om dat extra tussendoel voor 2040. We hebben een doel voor 2030. Dat had wat ons betreft ambitieuzer gemogen, maar er is weinig tijd meer. Daarom zou het dus goed zijn als we voor 2040 een ambitieus doel formuleren. Dat sluit beter aan bij investeringsplannen en ambities in het buitenland. De VVD heeft vaak geroepen dat we de transitie wel allemaal moeten kunnen meemaken. Dat is natuurlijk niet zo. De voorlopers, de innovators, de investeerders en de visionairs, voor hen is de toekomst. De achterblijvers, die blijven achter. Dat hoort zo in een transitie, zeker in een technology shift. Maar wat we nu zien, is dat de voorlopers massaal in de problemen komen en aandeelhouders van de achterblijvers worden beloond, vooral omdat de overheid niet of onvoldoende doorzet en sluiproutes opzet. Een van die sluiproutes die de transitie ondermijnen, is het gesjoemel met garanties van oorsprong via de lng-terminals. Als op papier groengewassen fossiel lng goedkoper is dan daadwerkelijk in Nederland geproduceerd groen gas, dan ondermijnen we de markt voor bedrijven die wél geïnvesteerd hebben in die productie. Daar komt bij dat fossiel lng dat we importeren, vaak afkomstig is van fracking en schaliegas, en daarmee door lekkage een veel grotere CO2-voetafdruk heeft. Die extra, niet geregistreerde CO2-uitstoot wordt witgewassen. Ik zou graag van de staatssecretaris de garantie krijgen dat we dit gaan voorkomen. Geen schaliegas witwassen en niet de productie van het veel schonere biogas uit reststromen van onze landbouw ondermijnen. Dan geeft de wet verschillende aandelen hernieuwbare energie voor de verschillende sectoren, wegverkeer en scheepvaart, met luchtvaart apart. Uit de beantwoording maak ik op dat de sectorspecifieke doelen zijn gebaseerd op wat men haalbaar acht, en op wat het buitenland doet. Dat klinkt redelijk, maar dat vind ik wel nogal vaag. Zoals ik in het begin stelde, willen wij graag een voertuigtransitie en de schaarse, beschikbare biobrandstoffen zo veel mogelijk reserveren voor de sectoren die nog niet kunnen elektrificeren. Dat kunnen we dus grotendeels regelen met die verdeelsleutel: het wegverkeer zo snel mogelijk elektrisch en bio bijmengen voor lucht- en scheepvaart. Ik vraag de staatssecretaris: gaan we dat bereiken met die verdeelsleutel en kunnen we die verdeelsleutel aanpassen als daar aanleiding voor is? Ten slotte wil ik nog even terugkomen op de andere punten waarmee ik begon. Leidt de implementatie van de RED III daadwerkelijk tot de transitie naar emissievrij? Lopen we geen vertraging op in de vehicle shift naar emissievrij in plaats van verbrandingsmotoren, of is het vooral levensduurverlenging voor de fossiele sector doordat we hun markt overend houden? En gaat het lukken om fraude met biobrandstoffen en grondstoffen effectief te bestrijden? Gaat de staatssecretaris hier voldoende middelen voor vrijmaken? Gaat het lukken dit ook Europees te coördineren? Worden klokkenluiders voldoende beschermd en zijn inspecties on-site verplicht, hier en in productielanden? Ik ben benieuwd naar de beantwoording. Dank, voorzitter.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 6f564519a9e6f431

13 okt 2026 · 6cb97ecc38928d69

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.