KamerkringInloggen
Uitspraak

Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2024 en Vaststelling van de begrotingsstaat van het Nationaal Groeifonds voor het jaar 2024 (L)

10 okt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie c3fd1bdf195f9998 · officiële bron

De heer Erkens (VVD): Daar heb ik moeite mee, om twee redenen. De eerste is dat je dan de kosten van netcongestie gaat afwentelen op bedrijven, terwijl zij dat probleem niet per se veroorzaakt hebben. Ik denk dat de politiek — wij dus — maar ook de overheid dat tempo veel eerder hadden moeten inzetten, wat nu gelukkig het geval is. Ik vind het niet fair om dat gewoon af te wentelen op bedrijven. Dat is in alle eerlijkheid ook niet goed voor je investeringsklimaat, als andere landen dat niet doen. Het tweede waar ik moeite mee heb, is het volgende. Sommige fabrieken moeten natuurlijk wel 24/7 productie draaien. Dan gaan de prijzen inderdaad heel hoog zijn op sommige momenten, wat letterlijk wordt doorvertaald naar de prijzen die consumenten voor die producten betalen. Daarom heb ik er dus wel zorgen over om dat volledig op die bedrijven af te wentelen. Ik denk dus dat je een combinatie van al die instrumenten nodig gaat hebben. Op het gebied van normering, ook vanuit netbeheerders en de ACM, en beprijzing zie ik al best een aantal zaken uitgewerkt worden, maar ik zie nog vrij weinig om die bedrijven ook te helpen aan de subsidiekant. Voorzitter. Het volgende onderwerp. Zoals ik aangaf, vinden we dat klimaatbeleid ambitieus én realistisch moet zijn. De industrie moet ambitieus verduurzamen en het goede voorbeeld geven. Hierbij willen we juist ervoor zorgen dat bedrijven in Nederland verduurzamen in plaats van dat we de bedrijven wegjagen naar een buitenland waar ze doorgaan met vervuilen. Grote bedrijven moeten verantwoordelijkheid nemen om te verduurzamen, maar de overheid moet er wel voor zorgen dat de randvoorwaarden er zijn om dat te kunnen doen. We zien op sommige plekken dat bedrijven wel willen verduurzamen, en soms zelfs concrete plannen hebben, maar vaak nog vijf jaar moeten wachten op een aansluiting op het stroomnet. Dat zijn vaak plekken waar veel netcongestie is, met regionale industrieën, zoals een papierfabriek in Gelderland, een baksteenfabriek in Limburg, en zo zijn er nog een aantal voorbeelden. Ze kunnen dus niet verduurzamen, omdat de overheid de randvoorwaarden niet op orde heeft gebracht. Hoe eerlijk is het dan, vraag ik aan de minister, dat die bedrijven wel een steeds hogere CO2-heffing gaan betalen, een nationale heffing wat dat betreft, terwijl ze niks kunnen doen om die kosten te ontwijken en wel willen verduurzamen? Zou het niet goed zijn als er een hardheidsclausule komt voor die nationale CO2-heffing? Die laten we inderdaad wel stijgen in prijs, want die prikkel moet er zijn. Als een bedrijf wil verduurzamen en daar plannen voor heeft, maar dan te horen krijgt dat het vier jaar moet wachten op een vergunning of vijf jaar moet wachten op een aansluiting op het stroomnet, is het dan eerlijk om die heffing er dan nog bij te doen voor een bedrijf? Ik denk van niet, maar ik hoor graag een antwoord van de minister. Voorzitter. Daarnaast zien we ook dat er onvoldoende aandacht is voor het ontzorgen en helpen van de kleine industrie in de regio. Voor de grote industriële klussers wordt er gewerkt aan maatwerkafspraken, maar de papierfabriek in Gelderland en de baksteenfabriek in Brabant vallen nu nog buiten de boot. Hoe gaat de minister deze bedrijven handelingsperspectief bieden? Voorzitter. We zien ook op steeds meer plekken zero-emissiezones ontstaan voor bestelbusjes, maar dat is niet altijd te doen voor kleine ondernemers. Een bakker of bloemist die twee jaar terug een nieuw busje heeft gekocht, zou volgend jaar niet meer het stadscentrum in mogen in sommige gemeentes. Daarom moet er een gerichte ontheffing komen voor kleine ondernemers in de eerste jaren nadat er een zero-emissiezone wordt ingesteld, dus voor de bloemist met dat busje, de bakker; ga zo door. Graag een reactie daarop. Voorzitter. Dan kernenergie. We hebben kernenergie nodig om als Nederland onafhankelijk te worden van energie uit onvrije landen. De minister heeft echter nog steeds niet voldoende helderheid gegeven over de plannen voor de bouw van twee nieuwe kerncentrales. Hoe staat het met de bouw van deze twee nieuwe centrales? Volgens de kernenergiebrief eind 2022 zou de Kamer van eind 2023, dit jaar dus, bijna nu, geïnformeerd worden over de uitkomsten van de marktconsultatie, de vervolgstudie naar financiële modellen en een technische haalbaarheidsstudie. Wanneer kunnen we deze brief verwachten? Daarnaast zijn de investeringen in de kennisinfrastructuur wat ons betreft teleurstellend. Al sinds 2021 hebben we het hierover bij de begroting EZK. Dat begon toen met het amendement-Erkens/Dassen. Vorig jaar was die nog eens ingediend, en dit jaar bespreken we het weer met elkaar. Nu wordt er in 2024 gelukkig een substantieel bedrag uitgetrokken. Daar zijn we blij mee, maar het bedrag is niet structureel. Hoe verwacht de minister leerstoelen aan te stellen als er maar geld is voor één jaar? Hoe verwacht de minister technische opleidingen in te richten als er maar geld is voor één jaar? Hoe verwacht de minister het voorlichtingscentrum voor publiek te financieren als er maar geld is voor één jaar? En hoe verwacht de minister fundamenteel onderzoek en innovatie te bekostigen als er maar geld is voor één jaar? In het voorjaarspakket is een structureel bedrag vrijgemaakt voor de kennisinfrastructuur. Er moet meer zekerheid geboden worden, ook in deze begroting. Ons geduld raakt echt op. Vandaar dat we mogelijk zelf met een voorstel komen om dit helder te maken, zodat we de komende jaren inderdaad al deze zaken gaan doen en er niet weer een halfjaar vertraging komt. Zo kan de sector daadwerkelijk investeren in de kennisinfrastructuur, doordat we zekerheid gaan bieden. Voorzitter, afrondend, mijn laatste punt. Er is in september lithium gevonden bij een geothermieput in Limburg. Verder onderzoek daarnaar lijkt verstandig. Dat is ook conform de motie van onder andere mevrouw Kröger bij de aanpassing van de Mijnbouwwet voor aardwarmte, waarin wordt verzocht om onderzoek te doen naar de winning van lithium bij geothermieputten. Dat is nu gebeurd. Ik vraag dus aan de staatssecretaris of daar meer onderzoek naar gedaan kan worden. Tegelijkertijd vind ik het wel van belang, als dat inderdaad mogelijk blijkt te zijn in de toekomst, dat omwonenden daar ook voordeel van kunnen hebben en dat er dus draagvlak gecreëerd wordt aan de voorkant. Daarom is het zorgwekkend dat de mijnbouwschade in Limburg vrij traag wordt afgehandeld en dat de regio zich daar nog onvoldoende bij betrokken voelt. Ik moet de staatssecretaris een compliment geven, want hij heeft zich er wel voor ingezet de laatste maanden, maar daar zijn nog verdere stappen voor nodig. Kan de afhandeling in de regio versneld worden? En kan er een centrum worden opgericht in de regio waar gedupeerden terechtkunnen voor advies, hulp en expertise, zodat ze niet verdwalen in de loketten van de overheid? Ook daarvoor heb ik met een aantal collega's, op dit moment wederom met Stoffer, Grinwis en Boswijk, een amendement ingediend. Graag een reactie daarop. Voorzitter. Ik wil bij dit laatste grote klimaatdebat in de Kamer de collega's ook nog heel kort bedanken voor de fijne samenwerking, maar ook voor de stevige, vaak inhoudelijke, technische, bijna nerderige debatten die we hebben gevoerd in de laatste tweeënhalf jaar. Dank u, voorzitter.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.