KamerkringInloggen
Uitspraak

Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2024 en Vaststelling van de begrotingsstaat van het Nationaal Groeifonds voor het jaar 2024 (L)

10 okt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie c3fd1bdf195f9998 · officiële bron

De heer Boswijk (CDA): Dat gaat u zo horen. Ik kwam er ineens achter dat ik twee minuten minder heb, dus ik moet heel snel gaan lezen. Voorzitter. Klimaatbeleid moet volgens het CDA ambitieus, realistisch en sociaal zijn. Ambitieus zijn we met de doelstelling van 55% reductie in 2030. Bij de presentatie van het coalitieakkoord noemde het PBL het zelfs "grenzend tegen wat haalbaar was". Uit de KEV blijkt nu dat die doelen mede dankzij het aanvullende klimaatpakket ook echt in zicht komen, maar dan moeten de klimaatplannen wel echt snel verder worden uitgewerkt en geïmplementeerd. Dat is voor het CDA een reden geweest om het klimaatbeleid niet controversieel te verklaren zodat de minister hiermee door kan gaan. Voorzitter. De afgelopen tijd werd vaak het beeld geschetst dat er helemaal niks is gebeurd op het gebied van de energietransitie. Dat beeld is vooral een beeld, want de realiteit is best indrukwekkend. Elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen is in 2022 met 20% gestegen ten opzichte van 2021, terwijl de elektriciteitsproductie uit fossiele bronnen daalde met 11%. In 2022 kwam 40% van de totale elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen. In 2020 was dat nog minder dan 10%. Voor de eerste helft van 2023 was het aandeel hernieuwbare stroom zelfs al bijna 50%. Nederland staat ook nog eens in de top van Europa als het gaat om het elektrische wagenpark. 29% van alle oplaadpunten in Europa staat in Nederland. Zo kan ik nog wel even doorgaan, maar omwille van de spreektijd skip ik de helft. Voorzitter. Richting 2030 komt het nu vooral aan op de uitvoering. Wat het CDA betreft is het nu geen tijd meer om over doelen te praten, maar moet er vooral worden gepraat over doen. De ambities staan, maar in de uitvoering liggen er nog allerlei knelpunten. Daar is winst te behalen. Dat brengt ons bij het punt "realisme en uitvoerbaarheid". In de uitvoering zijn nog veel knelpunten als het gaat om netcongestie, vergunningen, stikstof, voldoende technische mensen en ga zo maar door. Vandaag wil ik een paar punten benoemen die nog wat minder aandacht krijgen. Het eerste voorbeeld betreft de tenders voor wind op zee. Vanuit de sector horen we dat het vanwege regels die steeds weer veranderen, veel tijd en werk kost om telkens deel te nemen aan dit proces. Als we de ambities voor wind op zee willen halen, zal daar toch een verandering in moeten komen en moet dat meer gestandaardiseerd worden. Wat doet de minister om het tenderproces voor wind op zee simpeler te maken en om meer voorspelbaarheid te bieden? Dat gaan we namelijk richting 2050 nog veel meer nodig hebben, aangezien de opgave enorm groot is. In het Verenigd Koninkrijk zien we dat zich geen partijen hebben aangemeld voor de laatste ronde voor wind op zee. Het is niet uitgesloten dat we dit in Nederland uiteindelijk ook gaan meemaken. Wat gaat de minister doen om dit te voorkomen, zodat we dit in Nederland niet ook gaan meemaken? Het tweede voorbeeld is de maatwerkaanpak waarvoor het CDA al vaak heeft gepleit. Voor het CDA is de verduurzaming van de industrie belangrijk. Met maatwerkafspraken hebben we er nadrukkelijk voor gekozen om de industrie hier te vergroenen in plaats van banen en bedrijven weg te jagen, want liever groen hier dan grijs elders. We vinden het belangrijk om door te blijven gaan met dit maatwerk. We zijn goed op weg en we moeten maatwerk nu ook niet nog ingewikkelder maken. We moeten ook kijken hoe we op andere gebieden meer maatwerk kunnen bieden. Denk daarbij aan grote uitstoters, bijvoorbeeld in de elektriciteitssector. Specifiek wil ik nog aandacht vragen voor het verbinden van vraag en aanbod, met name van elektriciteit. Dat is belangrijk voor zowel de verduurzaming van de industrie als de energievoorziening in het algemeen. Momenteel is het namelijk niet mogelijk om gezamenlijk een project op te zetten door een partij die energie opwekt en een partij die energie gebruikt. Welke mogelijkheden ziet de minister om daar ruimte voor te maken in deze maatwerkafspraken? Of ziet hij andere opties om deze afstemming beter mogelijk te maken? Is de minister bereid om na te gaan en erover na te denken of we dit kunnen oppakken en hoe we dit beter kunnen aanpakken, met name voor de industrie in de regio? Een ander punt waarbij we wat realisme kunnen gebruiken betreft de regels voor groene waterstof, met name de delegated act. Het gevaar is dat de waterstofproductie in Nederland onnodig duur wordt vergeleken met die in landen waarvoor een uitzondering geldt, zoals Zweden en Frankrijk. Kan de minister een actueel beeld geven van het effect van de delegated act? Heeft hij daarbij een overzicht van de kosten voor de waterstofproductie in Nederland in vergelijking met andere landen, met name de landen die een uitzondering krijgen? Voorzitter. Zoals al vaker bepleit, moet kernenergie onderdeel zijn van een realistische energiemix. Het CDA is van mening dat we moeten blijven inzetten op kernenergie, in eerste instantie met de bouw van twee nieuwe kerncentrales. Maar we moeten ook verder denken richting 2050. Daarom moeten we bijvoorbeeld de ontwikkeling van kleine modulaire kerncentrales blijven stimuleren. Ik heb de minister al eerder gewezen op de SMR's en op de grote interesse die bestaat in de regio's en in de coalitieakkoorden in de verschillende provincies. Een aantal regio's wil hier snel mee aan de gang, bijvoorbeeld in de Kop van Noord-Holland. Tegelijkertijd zijn er fabrikanten die op zoek zijn naar plekken om de eerste centrales neer te zetten. Hoe kunnen we die regio's, provincies of gemeentes en de fabrikanten van SMR's bij elkaar brengen, zodat ze uiteindelijk op de goede plek terechtkomen en we concreet kunnen beginnen met het plannen van deze locaties? Ten slotte moet de energietransitie ook sociaal zijn. Iedereen moet mee kunnen doen. In deze kabinetsperiode is er veel ingezet op isolatie, onder andere met isolatieprogramma's. We hebben geprobeerd de verduurzaming van woningen meer te richten op bijvoorbeeld slecht geïsoleerde woningen. Het CDA wil dat gemeenten een grotere rol krijgen in het wijk voor wijk aanpakken van isolatie en verduurzaming van woningen en dat met name woningen in kwetsbare wijken voorrang krijgen. Helaas dreigt er met name bij het isoleren enorme vertraging te ontstaan. We zien dat het aantal aanvragen voor isolatiemaatregelen enorm is gekelderd sinds de uitspraak van de Raad van State over de vleermuis. De minister van BZK heeft al een aantal maatregelen aangekondigd om toch door te kunnen gaan met spouwmuurisolatie. Mijn vraag is nog wel in hoeverre daarmee ook jaarrond gewerkt kan worden voor de isolatie van deze woningen. Kan de minister huiseigenaren geruststellen dat ze de komende winter gewoon door kunnen met het isoleren van hun huis? Naast het isoleren van hun huis is het van belang dat iedereen mee kan doen en kan profiteren van de voordelen. Vanuit de visie van het CDA op een sterke samenleving, zien we een belangrijke rol voor energiecoöperaties. Die moeten we blijven stimuleren. Daar hebben we onder andere de Subsidieregeling Coöperatieve Energieopwekking voor. Daar is nog veel budget voor beschikbaar. Wij zagen dat dit ongeveer 120 miljoen is. Hoe kan het dat dit toch nog niet wordt aangevraagd, terwijl we wel zien dat er heel veel behoefte aan is? Hoe kunnen we dat verbeteren? Ten slotte moeten we de energietransitie voor het mkb zo veel mogelijk ondersteunen. In 2019 is met het amendement-Agnes Mulder — nou, een heel nummer — 100 miljoen beschikbaar gemaakt binnen de ISDE als investeringssubsidie voor de investering in duurzame energie door in het bijzonder het mkb. Hiermee kunnen projecten op het gebied van kleine houten windmolens worden gefinancierd. Deze regeling houdt echter per 2023 op, terwijl er dan naar verwachting nog circa 40 miljoen beschikbaar is. Het zou toch mooi zijn als we deze regeling zouden kunnen verlengen. Daar hebben wij ook een amendement voor. Dat was het, voorzitter.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.