Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
statement · 5 okt 2026 · Tweede Kamer
Mevrouw Straatman (CDA): Die hartenkreet, zoals ik het eigenlijk wel zou willen noemen, van mevrouw Van der Plas kan ik helemaal onderschrijven, want het is natuurlijk niet uit te leggen dat als je iets op papier regelt, mensen dan in de praktijk nog steeds het gevoel hebben dat ze het moeten bevechten. Ik denk dat de heer Struijs dat zojuist ook heel mooi noemde: er ontstaat een soort tweede PTSS omdat je in allerlei juridische regelingen verwikkeld raakt. Daar moeten we zo mogelijk van af, want dat doet totaal geen recht aan al het goede werk dat mensen hebben gedaan voor onze veiligheid en onze gezondheid. Wat kan het landelijke loket toevoegen? Ik zie daar drie dingen. Allereerst is dat landelijke loket onafhankelijk. Het is buiten de eigen organisatie geplaatst. Je ziet met name bij Defensie dat juist die onafhankelijke positie ontzettend belangrijk is — dat is eigenlijk ook al antwoord op de vraag van de heer Van Lanschot, die vroeg wat wij leren van het Veteraneninstituut — omdat mensen toch vaak spanning ervaren, terughoudend zijn, niet snel genoeg hun klachten durven aan te geven binnen de eigen organisatie omdat ze angstig zijn voor wat er dan na komt, bijvoorbeeld bij de politie. "Heeft dat dan gevolgen voor het gebruik van mijn dienstwapen?" Wij zeggen dus: hou dat niet binnen de eigen organisatie, maar verplaats het naar een onafhankelijk loket, zodat je veel laagdrempeliger signalen kan doorgeven en klachten kan aangeven en je veel sneller geholpen kan worden. Dat is één. Het tweede punt is dat je in je hele carrière verschillende uniformen kan dragen. Op het moment dat mensen blootgesteld worden aan PTSS-klachten kan het zomaar zijn dat dat zijn oorzaak heeft in iets dat tien jaar geleden heeft plaatsgevonden. Dan is het heel lastig voor iemand om te bepalen waar hij dan naartoe moet. Moet hij naar zijn huidige werkgever? Moet hij naar zijn vorige werkgever? Je belandt dan al heel snel in een soort bureaucratisch geheel, waar we in Nederland heel goed in zijn, in juridische procedures, terwijl wij zeggen dat het helemaal niet uitmaakt welk uniform je hebt gedragen en je altijd bij iemand terecht moet kunnen. Daar kan dat landelijke steunpunt dan ook bij helpen. Ten derde een punt dat ook meteen een antwoord is op een vraag die een heel aantal van uw leden heeft gesteld, namelijk hoe we ervoor zorgen dat die zorg uiteindelijk voor iedereen gelijk is. Het eerlijke antwoord is dat wij het antwoord daarop nog niet hebben in deze initiatiefnota; dat zeg ik ook richting de heer Struijs over die backoffice. Die verantwoordelijkheid blijft bij de werkgevers; we behouden de bestaande zorgstructuren. Maar door dat allemaal te bundelen maken we wel heel inzichtelijk waar de verschillen zitten, dat het dus anders is als je als boa aanklopt bij het landelijke steunpunt dan als je als militair aanklopt. Wij hopen dat dat het gesprek op gang brengt tussen werkgevers om die onrechtvaardige verschillen recht te trekken. Dat is ook de oproep met deze initiatiefnota. Bij dat gesprek kan het landelijk steunpunt helpen. Inzicht is stap één en vervolgens gaat het om het voeren van het gesprek. Mocht dat niet voldoende zijn, dan moeten we denken aan verdergaande stappen zoals de Veteranenwet. Mevrouw Mutluer zal daar zo dadelijk nader op ingaan. Wat mij betreft is de toegevoegde waarde van het loket om ervoor te zorgen dat iedereen de zorg krijgt die hij of zij verdient. Dat is heel terecht, zoals u zei.
Versie 35b19360a3f305d26219d48bd8e6f11fd52aae4ab83a6f70aa719a432db3364c · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.