Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
statement · 5 okt 2026 · Tweede Kamer
Minister Van Weel: Dat durf ik nu niet meer! Allereerst dank namens het hele kabinet aan de initiatiefnemers die hier zitten, maar ook hun voorgangers, die een belangrijke rol hebben gespeeld bij het opstellen van deze nota. Het agenderen van het onderwerp en het onderwerp zelf is ontzettend belangrijk. Het gaat hier om PTSS, een ernstige aandoening, bij mensen die voor ons de kastanjes uit het vuur halen; laat ik het zo maar zeggen. Dat zijn de mensen in een geüniformeerd beroep. Bij de voorbereiding van de behandeling moest ik meteen terugdenken aan mijn eigen tijd als beleidsmedewerker bij Defensie, waar ik zo'n twintig jaar geleden onder andere betrokken was bij het personeelsbeleid. Natuurlijk speelde PTSS toen een grote rol. Als ik kijk naar wat er in die jaren bij Defensie is opgezet aan zorg, erkenning, systemen en backoffice, in de woorden van de heer Struijs, dan is er ontzettend veel gebeurd. Tegelijkertijd zie je dat dat elke keer weer opnieuw moet gebeuren bij nieuwe organisaties. Bij de politie zijn een aantal jaar geleden een aantal grote stappen genomen. Er is in eerste instantie inderdaad aangesloten bij het Veteraneninstituut, maar in de volwassenwording van het PTSS-beleid bij de politie werd toch besloten dat dat niet de goede plek was. Inmiddels durf ik te zeggen dat de regeling bij de politie in ieder geval voor de nieuwe instroom haar vruchten begint af te werpen en dus meer en adequate zorg levert. De politie heeft immers een 24/7-loket et cetera, et cetera. Dus ook daar zie je een stuk van de volwassenwording in het PTSS-beleid. Dan komen we bij de brandweer. Ik denk dat daar beleidsmatig, op papier, een belangrijke stap is gezet. We hebben nu een landelijke regeling. Nu is de vraag hoe we ervoor zorgen dat die niet bij papier blijft, maar dat die regeling ook in de praktijk wordt nageleefd en er daarbij geen verschillen zijn tussen regio's. Daarvoor doen we de evaluatie. Natuurlijk luisteren we daarbij ook naar de betrokken zelf, hoe die dat ervaren. Ik zou er ook mijn hand niet voor in het vuur willen steken dat er niet sprake zal zijn van problemen bij de implementatie, nu er wordt teruggegaan van 25 systemen naar 1 systeem. Daar moeten we open voor zijn en daar moeten we scherp op zijn. We moeten zorgen dat we ook bij de brandweer toewerken naar een volwassen PTSS-organisatie. Daarmee zijn we er natuurlijk niet, want dit overleg gaat breder. Je kunt het eigenlijk zo breed trekken als je wilt. De zorg werd erbij gehaald in zijn volledigheid. Ik heb ook de reddingsbrigade, de Kustwacht, de Douane, de DJI gehoord. Dat is allemaal waar. Tegelijkertijd is het in de manier waarop we het nu wettelijk hebben belegd zo dat uiteindelijk tussen werkgevers en werknemers, in overleg met de vakbonden, moet worden gekomen tot een antwoord op de vraag hoe dat wordt ingebed. Daarom worstel ik een beetje met de rol vanuit het kabinet. Ik vind het vrij makkelijk vanuit de politie bezien, want ik ben gewoon de werkgever van de politie en heb daar zelf een verantwoordelijkheid in. Ik vind het nog redelijk makkelijk als het gaat om de brandweer, want dat is een organisatie waarvoor ik mij in ieder geval politiek verantwoordelijk voel, en waar ik een nauw gestructureerd overleg heb met de werkgevers, waar ik dit in kan brengen. Ik moet voor de ambulancedienst, waar ik zeker een warm hart voor heb, wel kijken naar mijn collega van VWS, die overigens heeft toegezegd om hieraan aandacht te willen besteden, juist vanwege de versnippering die je ook daar tussen de 25 werkgevers ziet. Ik voel een morele plicht waar het de boa's aangaat, omdat ik nu al zie dat het met de honderden werkgevers die er in het boa-landschap zijn, moeilijk zal zijn voor elk van die werkgevers om dit op een adequate manier in te regelen. Ik ga daar dus wat mee doen, zeg ik u. Dat doe ik met de psychosocialeondersteuningrichtlijn in de hand. Die helpt en geeft in ieder geval aanknopingspunten voor de werkgevers voor hoe hiermee omgegaan zou moeten worden. Maar ik wil dat ook doen — dat werd eerder al genoemd in een van uw inbrengen — door te starten met een campagne die zich richt op al deze beroepen en die wijst op de effecten die PTSS of het zware beroep kunnen hebben op deze mensen. Daarbij vragen we actief aandacht voor ten eerste de melders, om naar voren te komen met de klachten die zij hebben, maar ten tweede de werkgevers, om richtlijnen te geven in de campagne en om daar beleid op in te richten. Ik zou vinden dat dit geen gevecht zou moeten zijn tussen werknemers en werkgevers. We hebben inmiddels zo veel ervaring met PTSS dat we dat ook over moeten kunnen brengen en op een goede manier moeten kunnen regelen zonder dat daar druk aan te pas komt. Ook maak ik er, zeg ik bij dezen, een half miljoen voor vrij om zo'n campagne in te gaan richten. Dat brengt mij bij het landelijk steunpunt. Wellicht was de kabinetsreactie destijds wat hoekig. Ik ben niet a priori tegen een steunpunt, maar ik zou wel willen weten wat we er precies mee gaan doen, om te voorkomen dat we verkeerde verwachtingen wekken. Daarbij echo ik wat de heer Struijs al zei. Is het een intakepoint? Is het een onafhankelijk steunpunt waar je informatie krijgt die je in de goede richting wijst? Moet het ook al verder ingaan op de zorgvragen die er leven? Daar wil ik graag een slag naar maken. Ik denk dat dit ook voor elke organisatie wellicht anders kan liggen. Ik denk dat volwassen organisaties zoals Defensie en politie wellicht minder behoefte hebben aan een dergelijk loket, omdat er gedurende de afgelopen periode geleerd is wat deze bijzondere medewerkers eigenlijk nodig hebben aan laagdrempeligheid om steun te kunnen vragen. Maar ik noemde net al de boa's. Wat hen betreft kan ik me ontzettend goed voorstellen dat dit echt een toegevoegde waarde kan hebben om te zorgen dat je landelijk in ieder geval met je initiële vragen terechtkunt en in de goede richting wordt gewezen. Dus met die slag, namelijk dat ik dat onderzoek zou willen doen, steek ik meer de hand uit in de richting van het initiatief zoals genoemd in de inbreng. Voorzitter. Ik zal met gezwinde spoed proberen door de vragen heen te gaan, want het waren er best veel, hoewel er ook al ontzettend veel is beantwoord door de initiatiefnemers. Ik heb een mapje algemeen, een mapje politie, een mapje boa, een mapje brandweer en een mapje ambulance. Dat geeft al wel aan hoe er toch ook verschillen zitten tussen de verschillende beroepsgroepen, terwijl PTSS zich natuurlijk overal kan voordoen. Enkele vragen heb ik al in mijn inleiding gehad. Dan de volgende vraag: vind ik het wenselijk dat er grote verschillen zijn tussen beroepsgroepen? Dat sluit eigenlijk aan bij mijn inleiding. De heer Van Lanschot vroeg ernaar, maar het ligt in het verlengde van wat mevrouw Tseggai zei, namelijk: is er deskundigheid en maatwerk per doelgroep? Ja, je zult daar een balans in moeten vinden. Ik vind aanjagen wel degelijk een rol voor het kabinet, om er zo voor te zorgen dat het voor alle beroepsgroepen geregeld wordt, in algemene zin. Waar dat nog niet zo is, denk ik dat je heel erg kunt meeliften op bestaande initiatieven. Je kunt het Veteraneninstituut inschakelen of anderszins, maar uiteindelijk denk ik dat elke beroepsgroep ook weer dusdanig eigen kenmerken heeft dat je de kennis- en expertise in je eigen organisatie op de een of andere manier wil borgen, om ervoor te zorgen dat daar aandacht voor is. Dat sluit weer aan bij het verhaal van het Veteraneninstituut en de politie. Ja, in eerste aanleg denk ik dat het goed was, maar uiteindelijk ligt er nu een structuur die meer toegespitst is op het specifieke werk van de politie dan wat het Veteraneninstituut vanuit de Defensie-expertise kon bieden. Nou, die volwassenwording zie ik eigenlijk door alle doelgroepen heen gaan. Zoals gezegd, zal ik me voor de boa's als eerste bijzonder inspannen. Dat zeg ik namens de collega ook toe voor de ambulances. Bij wie kun je op dit moment terecht als je klachten krijgt? Dat hoeft dus niet alleen maar op je werk te zijn. Bij een volwassen organisatie — denk aan Defensie of aan de politie — zijn er gewoon professionele routes om jezelf laagdrempelig te kunnen melden, maar ook de huisarts is natuurlijk een eerste instappunt voor klachten in het verlengde van PTSS. Uiteindelijk moet de werkgever natuurlijk wel een rol gaan spelen in de zorgvraag. Dat werd ook door de initiatiefnemers benoemd. Daar zal, zeker voor beroepsgroepen met geweldsmonopolie, een afweging moeten worden gemaakt van de impact voor de burgers, de collega's en de persoon zelf, bijvoorbeeld waar het gaat om het behoud van een vuurwapen. Het is overigens zeker geen automatisme dat dit afgenomen wordt, maar dat is natuurlijk wel een vraag die de werkgever uiteindelijk als enige kan beantwoorden. Als een medewerker geen gehoor vindt of het niet durft, dan hebben we ook de ombudsfunctionaris bij de politie, die daarin kan bemiddelen, die kan doorverwijzen of die zelf onderzoek kan gaan doen naar aanleiding van een of meerdere meldingen. Dat geldt dus ook voor medewerkers die in de knel komen. Hoe werkt het nu in de praktijk voor medewerkers die bij meerdere werkgevers hebben gewerkt? In principe is de huidige werkgever als eerste aan zet. Op het moment dat blijkt dat klachten ook te relateren zijn aan eerdere beroepen, is het in eerste instantie aan de werkgevers om met elkaar in overleg te gaan om te bekijken hoe de afwikkeling moet verlopen tussen de werkgevers om de juiste zorg te kunnen bieden. De vraag over het loket heb ik beantwoord. Dan de vraag over een landelijk PTSS-instituut. Je zou zeggen: dat is eigenlijk het backoffice, dus een stap groter dan het meldpunt. Ik denk dat je daarmee de verschillen tussen de verschillende beroepsgroepen tekort zou doen. Ik heb het dus het liefste gewoon geregeld per beroepsgroep, met het landelijk steunpunt als kenniscentrum dat mensen in de goeie richting kan wijzen of een rol richting de werkgevers kan hebben. De campagne gaan we doen; dat heb ik zojuist verteld. De MDMA-ondersteunde therapie. Recent heeft mijn collega-minister van VWS Kamervragen van D66 daarover beantwoord. Het betreft echt haar beleidsterrein, dus ik zou u ook naar haar willen verwijzen. Volgens haar gaat het nog niet om een bewezen effectieve en veilige behandeling, maar om een geneesmiddelenonderzoek. Recentelijk heeft ze wel geld vrijgemaakt voor onderzoek daarnaar via ZonMw, zeg ik via u, voorzitter, tegen de heer Sneller. Moeten werkgevers een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek aanbieden aan alle werknemers? Dat was een vraag van de heer Sneller. Ja, dat moet inderdaad conform de Arbowet. Werkgevers moeten daarbij ook aandacht hebben voor de preventie van psychische problemen. Dat staat onder andere beschreven in de Richtlijn Psychosociale ondersteuning hoog-risico beroepen, waar we het eerder over hadden. Overigens valt de DJI ook al onder die richtlijn, zeg ik daarbij. Daar wordt er dus ook al mee gewerkt.
Versie 35b19360a3f305d26219d48bd8e6f11fd52aae4ab83a6f70aa719a432db3364c · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Initiatiefnota van de leden Straatman, Mutluer en Mathlouti over de aanpak van PTSS bij geüniformeerde beroepen (36662)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.