KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 2 jun 2025 · Tweede Kamer

Suriname

Brontekst

Minister Veldkamp: Daar wil ik zeker naar kijken. Ik kan er eventueel ook in tweede termijn op terugkomen. Ik loop er wel tegenaan dat Nederland sinds het najaar van 2021, toen de klimaattop in Glasgow was, in mijn herinnering COP24, zich eraan heeft gecommitteerd een beleid te voeren waarin het geen exportkredietverzekeringen kan bieden voor Nederlandse bedrijfsactiviteiten in fossiele sectoren. Dat is wel een belemmering hierbij. Ik zou het in dit geval best anders willen zien, want het lijkt voor de hand te liggen dat je juist daar het Nederlandse bedrijfsleven met betrekking tot Suriname in wil helpen, maar dat kunnen wij dus op grond van dat algemene beleid en die algemene beleidsregel niet meer doen. Dat is een beperking voor de samenwerking met Suriname op het gebied van olie. We kunnen wel zeggen "bedrijven, kijk daarnaar", maar als het direct gerelateerd is aan de fossiele sector, kunnen wij niet via Atradius en dergelijke kredietverzekeringen bieden. Ik denk op dit punt bijvoorbeeld ook aan baggermaatschappijen en dergelijke, die in de hele wereld tegen deze problematiek aan lopen. Er is ook een vraag gesteld over kritieke grondstoffen. We kijken daar wel naar op basis van de Nationale Grondstoffenstrategie en de Europese Critical Raw Materials Act. Momenteel is er geen EU-partnerschap of bilateraal partnerschap met Suriname op dit gebied. Wel is er jaarlijks een EU-Suriname politieke dialoog. Een belangrijke instrumenten van de EU, naast bilaterale projecten op het gebied van bosbeheer en landbouw, is de Global Gateway strategie van de Commissie, u bekend, om wereldwijd duurzame slimme verbindingen te versterken via investeringen op het gebied van bijvoorbeeld energie, vervoer, gezondheid en digitaal. Wij blijven ook in die context in Brussel aandacht vragen voor het belang van Suriname. Ik denk dat de aanzienlijke belangen die er in Suriname ontstaan door de oliewinning ook hiervoor interessant kunnen zijn. Maar nogmaals, het is ook aan het bedrijfsleven om zelf kansen te identificeren. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van onze Nationale Grondstoffenstrategie ligt bij de ministeries van EZ, IenW en BHO. Mijn ambtgenoot mevrouw Klever is verantwoordelijk voor diversificatie in het afsluiten van samenwerkingsverbanden op het gebied van grondstoffen met landen buiten de EU. Ik kan daar met haar natuurlijk altijd nader over van gedachten wisselen. Mevrouw Piri had een vraag naar aanleiding van het artikel in de Volkskrant over de oliewinning en de Hollandse ziekte. Om die reden zou het ook zo mooi zijn om op dit terrein de lessen uit Nederland omtrent de gaswinning te delen. Dan doel ik op de Dutch disease, zoals die internationaal bekend is geworden. Diversificatie van de economie is in die context inderdaad van belang. Ook daarom zijn de keuzes waar Suriname voor staat zo ontzettend belangrijk. We kennen natuurlijk allemaal landen die rijk zijn door olie en gas, maar waar het geld niet heel nuttig lijkt te worden besteed. Denk aan Venezuela. In andere landen wordt juist geïnvesteerd in infrastructuur en dergelijke, op een wijze waarmee de economie wordt aangezwengeld. Denk daarbij aan Noorwegen en enkele Golfstaten. Kennisuitwisseling is dus nuttig. Denk ook aan kennisuitwisseling op fiscaal beleid; hierover heb ik ook met mijn ambtgenoot gesproken. De heer De Roon had een aantal specifieke vragen op financieel-economisch en economisch gebied. De Staatsolie Maatschappij Suriname, Staatsolie, heeft inderdaad geld geleend bij een achttiental financiële instellingen. Ik heb daar weinig informatie over. Dit betreft het inkopen voor 20% in het Frans-Amerikaanse consortium. Dit betreft ook bedrijfsvertrouwelijke informatie. De inkoop bij het consortium is nog niet bekend. Dat acht ik ook niet per se noodzakelijk. Naar ik begrepen heb, heeft Staatsolie de financiering van een consortium van banken wel rond. De schuldherschikking tussen Suriname en China vind ik ook heel boeiend. Het is terecht dat de heer De Roon die aan de orde stelt, maar dit gaat om een bilateraal proces tussen Suriname en China, waar Nederland geen rol in speelt. Ik heb daar ook geen goed zicht op. Op basis van berichten uit de media is bekend dat het schuldherschikkingsproces nog loopt. Ik weet dat in de zomer van vorig jaar daarvoor een delegatie vanuit Suriname in China is geweest. Men had een akkoord hierover; dat liep tot en met 2024. Maar de onderhandelingen over de betalingstermijn en de voorwaarden voor dit jaar lopen nog. Het probleem met schulden die uitstaan aan China en aan Chinese financiële instellingen, is dat er vaak een gebrek aan transparantie is. Zoals u weet, maakt China geen onderdeel uit van de crediteurenclub van Parijs. Daardoor is er gewoon weinig transparantie wat betreft de manier waarop China omgaat met schuldenproblematiek en de herschikking van schulden. Dat is dus echt een nadeel. Wat betreft het IMF, dat transparanter is: Suriname rondde maart jongstleden een succesvol hervormingsprogramma met het IMF af. Eerder was er al een schuldherschikking met schuldeisers, ook met de Club van Parijs; die noemde ik al. Het staat Suriname vrij om eventuele andere overeenkomsten af te sluiten met crediteuren. Bij verzoeken om advies zijn wij natuurlijk altijd bereid om mee te denken, maar we verwachten dat er wat dit onderwerp betreft vooral gesprekken zullen zijn tussen Suriname en het IMF. Als ik er puur financieel-economisch naar kijk, zou ik zeggen dat het van belang is om die economie zo veel mogelijk op orde te hebben voorafgaand aan het moment waarop die olie-inkomsten er echt komen, zodat je de risico's op scheefgroei beperkt. Maar dat is mijn persoonlijke mening. Ik zeg dit meer vanuit mijn ervaring bij een bank, niet zozeer als minister van Buitenlandse Zaken. De heer Van der Burg vroeg naar de militaire samenwerking. Ik noemde al de jungletraining. Defensie heeft recent afspraken getekend met Suriname als opvolging van de intentieverklaring uit 2021, die fungeerde als basisoverlegstructuur voor toekomstige samenwerkingsactiviteiten. De huidige Nederlands-Surinaamse militaire samenwerking is goed, maar gaat wel richting het maximaal haalbare wat betreft de capaciteit. Dat heeft te maken met de omvang van de Surinaamse krijgsmacht, maar ook met de beschikbaarheid van de Nederlandse capaciteit, zowel in Nederland als in het Caribisch deel van het Koninkrijk, maar we blijven eraan voortwerken. Sinds enkele jaren is er ook een Defensieattaché in Paramaribo. Toevallig ontmoette ik vandaag de dame die de beoogde nieuwe Defensieattaché is. Militaire operaties en drugssmokkel. De Koninklijke Marechaussee werkt al jaren samen met Suriname op het gebied van de bestrijding van internationale drugssmokkel op de luchthavens, in samenwerking met de nationale politie en de Douane. De heer De Roon vroeger ook naar de grensoverschrijdende criminaliteit. Suriname is voor Nederland een prioritair land op het gebied op dat gebied. Er bestaat een lange en nauwe samenwerking, ook heel praktisch, bijvoorbeeld op het gebied van training van scananalisten, de inzet van speurhonden en andere trainingen. Wat betreft de aanpak van drugssmokkel via luchthavens werken de Koninklijke Marechaussee, de politie en de Douane samen. In 2024 werd aan Surinaamse en aan Nederlandse zijde in totaal 1.068 kilo cocaïne aangetroffen in het reizigersverkeer, inclusief geschenkzendingen. Het gaat dus niet zozeer over containers en dergelijke. De bilaterale handel tussen Nederland en Suriname is namelijk, ook gezien de afstand, erg beperkt. Maar in het reizigersverkeer en in geschenkzendingen wordt weleens iets verstopt, zo blijkt. Naast deze praktische samenwerking is er bilateraal drugsoverleg dat de samenwerking tussen de operationele diensten in beide landen versterkt. Denk aan informatie-uitwisseling tussen de politie en het Openbaar Ministerie, best practices van de Douane, afspraken over trainingen en andere ondersteuningen. Verder zijn er op het gebied van justitie diverse samenwerkingen aangegaan, onder andere via dat Makandra-programma, dat hier al een aantal malen terecht is genoemd. Er is een vijftiental aan Justitie en Veiligheid gerelateerde projecten opgezet met Makandra-steun, onder andere met ketenpartners als het Hof van Justitie, het Openbaar Ministerie, Korps Politie Suriname, Korps Penitentiaire Ambtenaren en de forensische en maatschappelijke zorg. Dat is dus heel goed. Het pact dat ik al noemde is een internationale, bredere EU-samenwerkingsvorm. Het is op dit gebied van belang om door te vragen, gezien de minpunten van het feit dat je hechte betrekking hebt en gezien de ligging van onze beide landen. De heer De Roon vroeg nog naar de in maart jongstleden opgepakte, op non-actief gestelde personen. Ik heb geen verdere informatie over de laatste stand van zaken, maar de korpschef van het Korps Politie Suriname is zich bewust van de kwetsbaarheid van zijn mensen en poogt middels een roulatiesysteem de kwetsbaarheden te verminderen. Er is natuurlijk een kwetsbaarheid, zowel aan Nederlandse kant als aan Surinaamse kant. Als er tussen Nederland en Suriname het een en ander gebeurt, dan vindt op zo'n aanbod-en-vraagroute ondermijning en dergelijke plaats. Voorzitter, ik hoop dat ik hiermee alle vragen zo veel mogelijk heb kunnen beantwoorden.

Versie 30de6f75dff6f9cd3b428d93bfa596acab026d20e05a3edbe512b621ae43666e · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 41af601ae411fd85

13 okt 2026 · 1d87a9ebdf8dd962

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van dit debat · Officiële koppeling

Suriname

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.