Toenemende spanningen in het Caribisch gebied en de gevolgen voor het Koninkrijk
Toenemende spanningen in het Caribisch gebied en de gevolgen voor het Koninkrijk
statement · 9 dec 2025 · Tweede Kamer
Minister Brekelmans: Als het gaat om het veiligheidsbeeld sluit ik me uiteraard aan bij wat de minister van Buitenlandse Zaken daarover heeft gezegd, namelijk dat er geen sprake is van een acute dreiging voor het Koninkrijk, dat we nauwlettend monitoren en in de gaten houden welke militaire capaciteiten de VS naar de regio brengen en natuurlijk ook welke activiteiten zij uitvoeren, en dat we daarnaast ook een beeld proberen te hebben en te houden van de Venezolaanse capaciteiten, ook wanneer daar eventuele beweging en veranderingen in plaatsvinden. Dat doen we natuurlijk vooral in het inlichtingendomein. We kijken ook steeds aan de hand van indicatoren welke scenario's zich zouden kunnen afspelen en welke het meest waarschijnlijk zijn. Zoals de minister van Buitenlandse Zaken al zei, doen wij er alles aan om te laten zien en te communiceren dat wij niet betrokken zijn bij de nationale operaties van de Verenigde Staten en dat als de spanningen tussen de Verenigde Staten en Venezuela zouden oplopen, wij daar gaan speler in zijn. Dat is, zoals de minister eerder schetste, ook om te voorkomen dat bij Venezuela het beeld zou ontstaan dat wij onderdeel zouden zijn van de operaties die de Verenigde Staten uitvoeren. Dat is ook steeds een afweging — daar zal ik zo meteen nader op ingaan — bij de vraag welke militaire capaciteiten wij in deze fase al naar de regio brengen. Je zou namelijk kunnen zeggen "we schalen onze militaire presentie op", maar dat kan ook weer het verkeerde beeld wekken aan de Venezolaanse kant, namelijk dat wij ook bezig zouden zijn met voorbereidingen voor iets meer dan wat nodig is. Wij maken dus steeds de afweging: "Welke scenario's kunnen zich voordoen? Welke voorbereidingen zijn daarvoor nodig? Hoe kunnen we middelen daar gericht voor inzetten, zonder dat er een verkeerd beeld ontstaat bij een van de partijen, in het bijzonder bij Venezuela?" Dan de scenario's waar wij naar kijken. Dat is aan de ene kant het scenario dat de situatie blijft zoals die nu is. Zoals verschillende leden van uw Kamer natuurlijk zeiden, zouden er wanneer er sprake is van een toename van spanningen, verstoringen kunnen ontstaan, bijvoorbeeld doordat er migratiestromen ontstaan of doordat de aanvoer richting de eilanden wordt bemoeilijkt. In een ernstiger scenario — het "derde scenario", zou je het kunnen noemen — zou de logistieke aanvoer echt in grote mate beperkt kunnen worden en zouden er daardoor ook in de bevoorrading issues kunnen ontstaan. Dan heb je nog een extremere variant waarin er wel sprake zou zijn van toenemende militaire spanningen waar de eilanden toch op de een of andere manier in betrokken zouden zijn. Maar zoals ik zei is dat een scenario dat, op basis van hoe we daar nu naar kijken, zeer onwaarschijnlijk is. Daarvan zeggen we dat dat geen acute dreiging is. Op basis van met name de scenario's een, twee en drie kijken wij naar welke voorbereidingen nou passend zijn. Dan moet u er met name aan denken dat we militaire eenheden die ter ondersteuning zouden kunnen dienen op een snellere "notice to move" zetten, zoals dat heet, dus dat die, wanneer de spanningen toenemen of wanneer er problemen zouden ontstaan, binnen 48 uur in staat zijn om te worden ontplooid richting het Caribische deel van het Koninkrijk. We hebben twee schepen die standaard in het Caribisch deel van het Koninkrijk liggen. Het gaat om een stationsschip dat een patrouilleschip is, namelijk Zr.Ms. Groningen, en een ondersteuningsschip, namelijk Zr.Ms. Pelikaan. De Zr.Ms. Den Helder, een groot bevoorradingsschip, was bij toeval in de regio en we hebben besloten dat voorlopig nog niet te laten terugkeren richting Nederland, omdat het een heel belangrijke rol kan spelen als scenario twee of drie zich zou voordoen en we dus problemen met de bevoorrading krijgen. Voorlopig houden we de Den Helder dus in de regio als extra voorzorgsmaatregel. We wegen natuurlijk continu af of dat passend is en natuurlijk ook wat daar de nadelen van zijn, want ook de Den Helder heeft zijn eigen programma. Die afweging maken we dus doorlopend en continu. Voor nu moet u het vooral als een extra voorzorgsmaatregel zien; we verwachten niet dat dat schip daar op heel korte termijn voor moet worden ingezet. Verder kijken we ook naar extra hulpmiddelen, dus dat die voorradig zijn als die nodig zouden zijn en dat die ook op korte termijn richting de regio kunnen worden gebracht. In die zin hebben we een lijst van dit type voorbereidingsmaatregelen die we op dit moment al treffen. Dan gaat het vooral om maatregelen om ervoor te zorgen dat we snel klaarstaan áls de spanningen en problemen toenemen. Er wordt natuurlijk ook samen met de eilanden gewerkt aan noodplannen, want het is in eerste instantie natuurlijk ook de verantwoordelijkheid van de eilanden zelf om bepaalde zaken voor elkaar te krijgen, zeker als het meer op het civiele terrein ligt. Zij kunnen de ondersteuning van Defensie en van anderen daarbij inschakelen. Het Crisisplan Militaire Dreigingen, dat we dus ook samen met de eilanden maken, is er ook om te kijken hoe we reageren op verschillende situaties of verschillende scenario's die zich voordoen. Dat traject liep al langer en gegeven de toenemende spanning komt dat nu in een wat ander licht te staan. Maar we zijn ook bezig om het crisisplan, los van de noodplannen die we al hadden, nogmaals tegen het licht te houden en we kijken natuurlijk ook wat er, kijkende naar de actualiteit, extra nodig is langs de lijnen die ik net beschreef. Dan waren er nog een aantal specifieke opmerkingen. Over de gevangenissen heeft mijn collega, de minister van Buitenlandse Zaken, al het een en ander gezegd. Als het gaat om de communicatie en de vergelijking met het boekje dat wij in Nederland hebben, denk ik dat het vooral van belang is dat we ook specifiek kijken naar welk type communicatie nou goed werkt op elk van de eilanden. Als wij nu ineens hetzelfde boekje zouden maken als het boekje dat we voor Nederland hebben gemaakt, zou dat ook juist verkeerd kunnen worden opgevat, alsof er nu sprake zou zijn van een enorm grote dreiging voor de eilanden gegeven de actualiteit daar. De minister zei al eerder dat we heel goed bekijken met welke informatievoorziening we er nou voor kunnen zorgen dat de eilanden aan de ene kant goed worden geïnformeerd maar dat er aan de andere kant ook niet te veel paniek en te veel onrust ontstaan, zodat we daarmee niet de plank misslaan. Het was vorige week de Week van de Crisisbeheersing. Dat is een gecoördineerde en reguliere week die ieder jaar is. In die week waren ook alle departementen op de eilanden om met de eilanden te spreken over hoe de rollen en de verantwoordelijkheden zijn in het geval van een crisis en op welke ondersteuning vanuit Nederland er dan kan worden gerekend. In aanvulling op wat de minister zei, kan ik me, waar het gaat om communicatie, overigens heel goed voorstellen dat er heel veel vragen zijn op de eilanden, en dat het, zeker als je de ontwikkelingen van zo dichtbij ziet, frustrerend kan zijn als er geen antwoorden komen. Maar daarbij geldt dat ook wij een heleboel antwoorden niet hebben, bijvoorbeeld die over de intenties en over wat de Verenigde Staten precies van plan zijn. Dan is het niet zo dat we niet genoeg communiceren of dat de kanalen niet openstaan; dan zijn de antwoorden die mensen begrijpelijkerwijs heel graag zouden willen hebben gewoon niet voorhanden. Voorzitter. Dan ga ik naar de defensiecapaciteit.
Versie e962724aebfeffdab68ff1089c17a2887e85a28af1c2154e54667b830239dca0 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Toenemende spanningen in het Caribisch gebied en de gevolgen voor het Koninkrijk
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.