KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 9 sep 2026 · Tweede Kamer

Politie

Brontekst

Mevrouw Straatman (CDA): Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik namens het CDA onze steun uitspreken voor al onze agenten, voor de mensen die iedere dag voor onze veiligheid opkomen. Dat krijgt alleen maar meer gewicht na de vreselijke gebeurtenissen in Overasselt. Ik wens de gewonde agenten en hun families heel veel sterkte toe. Juist tegen die achtergrond vind ik het heel zorgwekkend dat agenten niet alleen fysiek, maar ook online steeds vaker onder vuur komen te liggen. De politiechef van Midden-Nederland, mevrouw Hondema, deed deze zomer in de Volkskrant een terechte oproep: ga als samenleving niet af op drie seconden beeld uit een filmpje. Maar wat als dat toch gebeurt? Welke bescherming is er dan voor een agent, ook wanneer achteraf blijkt dat het gebruikte geweld rechtmatig was? Die filmpjes blijven immers zonder context circuleren. Wat ons betreft vraagt dat om een aanvullende socialmedia-aanpak vanuit de politie, om agenten die hierdoor in de knel komen, te ondersteunen en beschermen. Hoe kijkt de minister hiernaar? Voorzitter. Dan de flexibiliteit van de politieorganisatie. Ik blijf het herhalen: geef binnen de begroting meer ruimte voor maatwerk in de politieformatie, zodat een basiseenheid daadwerkelijk kan inspelen op de criminaliteit die daar, op dat moment, speelt. Dat zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat een wijkagent op een bepaalde plek plaatsmaakt voor een forensisch expert, omdat daarmee effectievere opsporing mogelijk is. Eerder hebben wij daarover een motie ingediend. Wat is daarvan de stand van zaken? Voorzitter. Flexibiliteit veronderstelt ook transparantie en financiële verantwoording. Die randvoorwaarden zijn niet op orde. Deze zomer was ik op werkbezoek bij de districtsrecherche. Daar zag ik van dichtbij hoeveel goed werk daar wordt verricht, maar ik zag ook hoeveel informatie niet wordt vastgelegd, zoals ook de Algemene Rekenkamer vaststelt, bijvoorbeeld hoeveel uur een bepaalde opsporingshandeling kost of hoelang een onderzoek uiteindelijk duurt. Kennis is de basis van sturing, dus welke concrete stappen zetten de minister en de politieorganisatie op dit gebied? Wanneer zijn de ICT-systemen van de politie zover dat meer inzicht mogelijk is? Kan de minister een tijdlijn geven? Hoe gedetailleerd wordt die informatie straks beschikbaar? Is de minister bereid om in bepaalde basisteams of eenheden nu al meer te sturen op tijd, middelen en mensen? Voorzitter. Dan privacy en veiligheid. Daarin moeten we steeds een balans zoeken, maar ons bekruipt het gevoel dat privacy in Nederland te vaak absoluut wordt beleefd. Daarom is de CDA-fractie positief over de reactie van de minister gisteren op de breed ingediende motie om een wettelijke grondslag te creëren om bewaartermijnen van politiegegevens te verlengen. Want laat duidelijk zijn: de gevolgen van vernietiging van politiegegevens zijn zeer vergaand, niet alleen voor cold cases maar ook voor de aanpak van huiselijk geweld, femicide en georganiseerde criminaliteit. Het is goed dat de minister het zoekproces vervolgt en kijkt naar een gefaseerd plan, want openbareordedata en gegevens rond noodmeldingen zijn immers van een totaal andere orde dan meldingen van huiselijk geweld of tapgegevens uit onderzoeken naar georganiseerde criminaliteit. Ook gisteren gaf de minister weer aan dat het juridisch ingewikkeld is, omdat niet vaststaat dat algemene politiegegevens cruciaal zijn voor het oplossen van cold cases. Maar past de term "cruciaal" eigenlijk wel bij de praktijk van het opsporingsonderzoek? Want bepaald bewijs is misschien niet de smoking gun, maar wel het laatste puzzelstukje om een zaak rond te krijgen of om vervolgstappen te zetten. Helpt het de minister dan niet om met een ander criterium, met een andere bril, naar dit dossier te kijken, zo vraag ik hem. Dan het TOOI. De kritiek van de Autoriteit Persoonsgegevens leidt nu tot een aangepaste werkwijze bij de politie, terwijl de minister aangeeft nog niet te kunnen overzien wat de gevolgen zijn voor de informatiepositie van politie en gezag. Maar voor het CDA is één ding duidelijk: het TOOI moet effectief blijven. Waarom wordt het wettelijke kader van artikel 3 Politiewet niet op voorhand nu al uitgebreid, zoals dat ook ophanden is voor online informatievergaring? Voorzitter. Tot slot voetbal en veiligheid. Te vaak gaat het mis in onze voetbalstadions. En ja, clubs moeten meer doen om de veiligheid in hun stadions te bewaken, maar kunnen die clubs dat altijd alleen? Nee, is het antwoord van het CDA, want ook uit het rapport over vuurwerk blijkt dat achter de ultra's in de harde kern georganiseerde netwerken schuilgaan. Wat zichtbaar wordt in het stadion kan het topje van de ijsberg zijn van een veel groter crimineel netwerk. En daarbij past wat het CDA betreft niet langer alleen een lokale aanpak. De KNVB vraagt daarom al langer om landelijke opschaling, bijvoorbeeld via een landelijke taskforce voor ondermijnende voetbalcriminaliteit. Het CDA ziet daar de meerwaarde van in. Dus mijn slotvraag is: hoe kijkt de minister hiernaar? Ziet hij ook dat juist zo'n landelijke aanpak uiteindelijk politiecapaciteit bij individuele wedstrijden kan besparen? Dank u wel.

Versie 23d5b3e09ffc307d50b42335328c742842b77c9cb26d70b208ba6f7118f396b4 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van debat · Officiële koppeling

Politie

Politie

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.