KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

China

6 jul 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 315b109dd41f8162 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

De heer Sjoerdsma (D66): Voorzitter, dank. Een ezel stoot zich meestal geen twee keer aan dezelfde steen, maar toch bekruipt mij soms het gevoel dat we dat met China wel doen. Als het gaat om Rusland hebben we de annexatie van de Krim gebagatelliseerd, mensenrechtenschendingen in Rusland genegeerd en onze afhankelijkheden geaccepteerd. Daar hebben we ruw van moeten ontwaken. Nu zien we precies hetzelfde gebeuren met China. De annexatie van Hongkong hebben we geaccepteerd, de mensenrechtenschendingen binnen China bagatelliseren of negeren we en onze afhankelijkheden proberen we langzaam een beetje af te bouwen. Ik zou deze minister van Buitenlandse Zaken willen vragen of hij die parallellen ziet. Hij heeft zelf al een keer gezegd: als Rusland een orkaan is dan is China klimaatverandering en daar hebben wij ons op voor te bereiden, willen we niet worden weggeblazen. Een collega rechts van mij zei het ook al: dat begint met afhankelijkheden afbouwen. Ik heb het regeerakkoord — dat is dezer dagen misschien een relatief document — er toch nog eens even op nageslagen om te zien waar de afhankelijkheden in deze kabinetsperiode allemaal zouden moeten worden afgebouwd. Dat betreft strategische goederen, grondstoffen, geneesmiddelen, productie van halfgeleiders, vitale processen en het voorkomen van ongewenste zeggenschap. Als ik kijk naar de verschillende kabinetsstukken, heb ik niet het idee dat op al deze terreinen evenveel haast wordt gemaakt. We zijn nu zover dat we weten waar onze afhankelijkheden zitten. We zijn dus niet meer blind in de geopolitieke boksring — dat zou ik als voordeel willen bestempelen — maar hebben we ook doelstellingen om die afhankelijkheden terug te dringen? Die zie ik eigenlijk nergens. Er staat nergens "dit moeten we echt zelf kunnen doen" of "op deze terreinen moeten we zoveel procent minder afhankelijk zijn en dat gaan we binnen zoveel jaar doen". Ik zou aan al deze ministers willen vragen: waar blijven die doelstellingen en welke doelstellingen wil het kabinet hier stellen? Vorig jaar nam de Kamer ook de motie-Sjoerdsma/Van der Lee aan om het buitenlands beleid richting de grote autocratische mogendheden te herijken. Daar stond volgens mij ook een deadline bij. Die deadline is ruim verstreken. We gaan nu het zomerreces in. Ik zou willen vragen: hoe zit het met de uitvoering van deze motie? Graag een reactie van de minister. Voorzitter. Er zit nog een les in de vraag waarom Rusland Oekraïne heeft kunnen binnenvallen. Het antwoord is: een gebrek aan afschrikking. Ik zou zeggen dat dit een les is. Rusland heeft onvoldoende eenheid gezien en gehoord van de zijde van Europa en het Westen. Het heeft onvoldoende gehoord dat er gezegd werd: doe dit niet, want de gevolgen zullen heel groot zijn. Ik vraag me af of we die les niet ook op Taiwan moeten projecteren. Heeft China voldoende eenheid gezien en intensiteit beleefd voor het geval ze daarop zouden bewegen? Denk aan een blokkade, of erger, dat de consequenties zodanig zouden zijn dat het ook voor hen desastreus zou zijn. Vindt de minister van Buitenlandse Zaken dat wij die signalen hebben gegeven? Op welke manier is de minister bezig ervoor te zorgen dat, als dit al zou gebeuren, we voorbereid zijn vanaf dag één? En daarachter heb ik dan een vraag die volgens mij ook voor de andere ministers geldt. Wat zijn de consequenties van een dergelijke blokkade voor a de omgeving Veldhoven, waar ASML huist, b onze haven Rotterdam, omdat de helft van de wereldeconomie door de Straat van Taiwan gaat, en c voor onze economie in brede zin, omdat de ontwikkeling en de productie van halfgeleiders bepalend zijn voor een heel groot deel van niet alleen onze economie maar ook de wereldeconomie? Graag een reactie. Voorzitter, tot slot. We hebben de NAVO met artikel 5, maar ik zou aan deze ministers willen voorleggen of we ook niet naar een economisch artikel 5 moeten gaan. Ik bedoel naar een bondgenootschap van de Europese Unie, de Verenigde Staten, Canada, het Verenigd Koninkrijk, Japan, Nieuw-Zeeland, Zuid-Korea. Het kabinet kent natuurlijk alle landen met wie wij gelijk optrekken en met wie we onze waarden delen. Ik bedoel een economisch artikel 5 waarin wij samenwerken en, als China probeert ons te raken, uit elkaar te spelen of economisch pijn te doen, gezamenlijk optreden om te voorkomen dat we uit elkaar worden gespeeld. Dan kunnen we gezamenlijk optreden om bijvoorbeeld onze productie en ons intellectueel eigendom te beschermen. Met zo'n artikel kunnen we niet alleen met de Europese Unie — daar beginnen de instrumenten er langzaam te komen — maar ook in breder verband gezamenlijk reageren op datgene wat China op de mat legt. 450 miljoen mensen in de Europese Unie is veel, maar gezamenlijk met deze bondgenoten kunnen we misschien meer. Dank u wel, voorzitter.

Gerelateerde bronnen

  • Onderdeel van dit debat · Officiële koppelingChina

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.