Uitspraak · 30 sep 2025 · Tweede Kamer
Funderend onderwijs
Brontekst
De heer Ergin (DENK): Voorzitter, ik hoor geen vraag. Kennelijk zou ik niet instaan voor andermans vrijheden. Ik hoor daar graag voorbeelden van. Volgens mij pleit ik hier voor artikel 23. Dat doe ik niet zomaar. Dat doe ik als iemand die zelf onderwijswethouder is geweest en door ouders werd gebeld omdat christelijke middelbare scholen tegen ouders en leerlingen zeiden: met een hoofddoek komt u niet binnen. Ik heb toen als wethouder niet gezegd: we moeten artikel 23 afschaffen. Nee, ik heb direct een afspraak gemaakt en ik ben in gesprek gegaan met schooldirecteuren. Ik heb tegen hen gezegd: "Volgens mij is het niet verstandig als u de identiteit van uw leerlingen ontkent. Volgens mij is dat niet goed voor een veilige schoolomgeving." Ik ben blij dat het mij toen is gelukt om een volwassen gesprek te voeren over gevoelige onderwerpen, over zaken zoals identiteit. Het ging om meerdere scholen, met meerdere incidenten, maar ik heb geconstateerd dat het uiteindelijk wel goed is gekomen. Als dit een verwijt is dat ik daarin niet volwassen zou handelen of tegen andermans vrijheden in zou gaan, dan zeg ik: ik ben niet de juiste persoon om dat verwijt te krijgen.
Versie 9791c40aff5305e2217bb392b6c404dafb61318c1a693fa4e5cc915afa506ea2 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Doğukan Ergin