Vreemdelingen- en asielbeleid
Vreemdelingen- en asielbeleid
statement · 2 okt 2025 · Tweede Kamer
Minister Van Weel: Ik noemde niet voor niks drie noordelijke en drie zuidelijke lidstaten, omdat dat nu net twee groepen van landen zijn die elkaar vinden. Natuurlijk trekken wij met andere noordelijke lidstaten op in de problemen die wij zien rondom migratie. Natuurlijk is de uitvoering van Dublin daarbij een van de belangrijkste onderdelen om het Migratiepact uiteindelijk te laten werken. Voor de zuidelijke landen heeft vooral de solidariteit prioriteit. Dat is ook begrijpelijk vanuit hun optiek, maar gezamenlijk voelde ik gisteren in die zaal wel de wens om hier op een goeie manier uit te komen. Dan Uganda. Er zijn een aantal vragen. Laat ik beginnen met het algemene. Er is een jaar lang gewerkt, na het eerste bezoek van, toen nog, minister Klever aan Uganda, om te komen tot de intentieverklaring die ik afgelopen week in New York heb ondertekend. Die kan ik — dat zeg ik via u, voorzitter, tegen mevrouw Piri — niet delen met uw Kamer. Dat is op verzoek van Uganda. Maar ik kan u wel vertellen wat de bedoeling is van de overeenkomst zoals we die hebben getekend en wat er nu moet gebeuren in de toekomst. Laat ik beginnen om te zeggen dat deze migratiesamenwerking die we nu aangaan met Uganda onderdeel is van de bredere relatie die we hebben met Uganda. Die samenwerking is niet transactioneel. Dus wij betalen niet per afgewezen asielzoeker die we naar Uganda sturen. Dat mechanisme zit er niet in. Er is een hoop aan te merken op Uganda. Er werd al gesproken over mensenrechten, de rechten van de lhbtiq+-gemeenschap en de vrijheid en het democratisch gehalte van verkiezingen. Daar ben ik het allemaal niet mee oneens. Tegelijkertijd zeg ik tegen u dat als we dat als maatstaf zouden nemen voor de relaties die wij hebben met alle landen wereldwijd, dat een flinke besparing op het ambassadenetwerk zou geven, want zo heel veel landen zijn er niet waar het zo goed is geregeld als in Nederland. Dat vind ik ook altijd weer fijn om te constateren op het moment dat ik terugkom in Nederland: we hebben een ontzettend mooi land, met een fantastische rechtsstaat en met een hele goeie mensenrechtenpositie. Zo worden wij ook gezien, ook in New York. Dat wil niet zeggen dat als je een bredere relatie met een land aangaat waarvan je commentaar hebt op de mensenrechten of de rechten van de lhbtiq+-gemeenschap, dat je het daar niet over kunt hebben. Juist het feit dat je een relatie en een wederzijdse afhankelijkheid in je relatie hebt, stelt je ertoe in staat om dit soort dialogen te voeren. Dat doen we dus ook met Uganda. Dat houdt wat mij betreft dus niet tegen dat deze samenwerking op dit specifieke punt ook gewoon in goede samenwerking doorgang kan vinden. Dat geldt overigens niet alleen voor Uganda; dat doen we ook met de IOM en met de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de VN. Daarmee heb ik ook gesproken in New York. Zijn staan ook positief tegenover het model dat wij hier nu proberen op te zetten. Ze zijn en worden ook betrokken bij de verdere uitwerking daarvan. Op dit moment vangt Uganda 1,9 miljoen vluchtelingen uit de regio op. Met alles wat er aan te merken is op Uganda — daar wil ik best een heel eind in meegaan — moeten we ook wel respect en waardering hebben voor de enorm belangrijke rol die het land vervult in de regio en voor de manier waarop ze dat doen. Dat gebeurt op een menswaardige manier, met oog voor het opbouwen van bestaansrecht en met waardigheid voor de vluchtelingen. Ook dat kunt u in allerlei VN-rapportages teruglezen.
Versie 0b91a8655a0fbaf717a1add04f8dd6210934e8460ae7a9323751473fb184e460 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Vreemdelingen- en asielbeleid
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.