statement · 16 dec 2025 · Tweede Kamer
de Europese top van 18 en 19 december 2025
Brontekst
Minister Schoof: Ja, voorzitter. Dan ga ik naar de laatste stand van zaken van het vredesproces en de vredesonderhandelingen. Het gaat stap voor stap, met soms versnellingen en soms vertragingen. U weet hoe dat gaat in deze complexe onderhandelingen. In Berlijn is gisteren constructief gesproken, en afgelopen weekend overigens ook. Gisteren gebeurde dat met de twee gezanten van de Verenigde Staten, Witkoff en Kushner, maar natuurlijk belde ook president Trump in tijdens het overleg met een aantal Europese regeringsleiders, waaronder ikzelf, de voorzitter van de Commissie, de voorzitter van de Raad, de sg van de NAVO en president Zelensky. Een van de belangrijke conclusies die we daar met elkaar hebben getrokken, is dat het positief is dat de Amerikanen goed betrokken zijn en dat zij op dit moment een momentum voor een staakt-het-vuren, vrede, hebben gecreëerd. We hebben als Europese landen een gezamenlijke verklaring afgegeven. Die bevat in principe elementen waar Nederland op inzet en zich ook eerder over heeft uitgesproken, en die ook uw Kamer overigens altijd van belang heeft geacht, inclusief het belang van een rechtvaardige en duurzame vrede, dat Rusland de schade die is aangericht, moet compenseren en dat Oekraïne bepaalt wat er met zijn grondgebied gebeurt. Ook dat is gisteren nog eens een keer expliciet aan de orde gekomen. Wat gisteravond in Berlijn belangrijk was, is dat Oekraïne voor die duurzame vrede veiligheidsgaranties nodig heeft. Veiligheidsgaranties zijn op een aantal manieren op te bouwen. Daarover is gisteren een politieke afspraak tot stand gekomen en een belangrijk signaal afgegeven, met name aan Zelensky, namelijk dat het van belang is dat er een sterk Oekraïens leger is — u heeft in onze verklaring kunnen lezen dat het om 800.000 mensen gaat — dat er daarnaast vanuit de coalition of the willing de bereidheid is om een multinational force in te zetten, en dat de monitoring van het staakt-het-vuren of de vrede door Amerika zal gebeuren, met allerlei technologische middelen. De US hebben daar vervolgens van gezegd: bij inbreuken op een staakt-het-vuren of de vrede staan wij garant en zijn wij bereid op te treden. Dat gebeurt dan natuurlijk in een escalatieladder; dat spreekt voor zich. Ik wil op dit moment niet verder vooruitlopen op de invulling van deze veiligheidsgaranties of op verdere details, want het is allemaal nog onderhevig aan veel overleg. Dat is natuurlijk primair met president Zelensky en met Rusland. Uiteindelijk is het op een aantal onderdelen ook belangrijk dat de EU kan beslissen over dingen die de EU aangaan, dat de NAVO kan beslissen over dingen die de NAVO aangaan, en dat Oekraïne kan beslissen over dingen die Oekraïne aangaan. Uiteindelijk zal daarover ook overleg met Rusland moeten plaatsvinden. Ik heb geconstateerd dat gisteren in ieder geval alle partijen het gevoel hadden dat de vrede dichterbij is gekomen. Maar zoals ik op een ander moment ook heb gezegd, durf ik hier niet te voorspellen hoe dichtbij die vrede dan daadwerkelijk is. Ik heb hier in de Kamer altijd gezegd dat het proces met betrekking tot de coalition of the willing en de inzet van Nederland een proces is dat hier in de Kamer na een besluit in het kabinet zorgvuldig zal worden doorlopen op basis van een artikel 100-procedure en dat we u daar op tijd over zullen informeren. Dat is ook precies de stand van zaken als het gaat over de coalition of the willing. Daar is voor wat betreft dit kabinet en voor mij in mijn rol als premier niets in veranderd. Dat betekent dat het nu aan Rusland is om te laten zien dat het bereid is die stappen naar een staakt-het-vuren en een vrede te zetten. Voorzitter. Daarmee heb ik ook een aantal punten met betrekking tot de coalition of the willing en de rol van het parlement aangegeven. Mevrouw Dobbe vroeg naar de uitspraken van de sg van de NAVO. Het allerbelangrijkste is, denk ik, dat het op dit moment positief is dat Amerika, Europa en Oekraïne gezamenlijk optrekken. Tegelijkertijd ontslaat de vrede die dan misschien binnen handbereik komt — want uiteindelijk staat alles wat we doen in dat teken — de NAVO en de bondgenoten er niet van zich voor te bereiden op de Russische dreiging. Ik denk in die zin dat de sg van de NAVO daar op zijn manier nog aandacht voor heeft gevraagd, want de kans bestaat dat Rusland na Oekraïne de pijlen op een van de NAVO-landen richt of toch weer op Oekraïne zelf. Daarom is het van belang dat de NAVO zich blijft inzetten op de collectieve verdediging en dat de bondgenoten snel komen tot de 5% aan defensie-uitgaven, in de verhouding 3,5% tegen 1,5%. Voorzitter. Dan vroeg mevrouw Dobbe naar de ontvoerde kinderen en wat Nederland daarvoor doet. Dit is voor Oekraïne een uitermate belangrijk thema en dat geldt ook voor Nederland. Wij steunen internationale organisaties die daar onderzoek naar doen en sanctioneren personen die betrokken zijn bij de ontvoering van kinderen. Nederland steunt Oekraïne met diverse initiatieven om te helpen die ontvoerde kinderen terug te krijgen. In elk overleg komt dit thema telkenmale weer terug. Dan kom ik bij de 700 miljoen euro aan steun en de vraag van zowel de heer Dassen als de heer Van der Lee over hoe het zit met de uitvoering van de motie-Klaver c.s. Zoals ik eerder heb gezegd, ook in het debat waarin de motie werd ingediend, zijn het kabinet en de Kamer het over één ding volledig eens, namelijk dat Oekraïne onze steun keihard nodig heeft en dat we Oekraïne onverminderd moeten blijven steunen. Het kabinet erkent de wens van de Kamer. Daarom hebben we nogmaals gekeken wat we nu concreet kunnen doen. Die 700 miljoen hebben we zelfs kunnen versnellen naar dit jaar. Die komt dus niet in het eerste kwartaal van volgend jaar, maar komt dit jaar. As we speak komt er daadwerkelijke concrete militaire steun voor Oekraïne. Het kabinet zorgt daarmee voor militaire leveringen aan Oekraïne, die overigens in het eerste kwartaal van '26 gecontinueerd kunnen worden. We kijken altijd waar de kansen zijn, maar tegen deze achtergrond beziet het kabinet begin komend jaar hoe de motie van uw Kamer verder ingevuld wordt. We zullen de Kamer daar dan over informeren. Voorzitter. Dan kom ik bij de vraag van mevrouw Bikker met betrekking tot de schaduwvloot. U weet dat het kabinet er in Europa vaak voor pleit om de druk op Rusland te verhogen met aanvullende sancties. De aanpak van de schaduwvloot is een essentieel onderdeel daarvan. We werken met internationale partners om te kunnen optreden, ook naar aanleiding van de Franse initiatieven. Ik heb dat eerder gezegd. Dat doen we ook in Nederland en binnen Europa, met informatiedeling over de schaduwvloot. Mede dankzij Nederlandse inzet zijn inmiddels 605 schepen gesanctioneerd. We blijven er buitengewoon hard aan werken om ervoor te zorgen dat we zullen acteren, ook als dat op de Noordzee is binnen de gebieden waarin Nederland kan acteren. Mevrouw Bikker vroeg naar de uitvoering van de motie-Ceder, die gaat over een nationaal verbod op import, export, doorvoer en promotie van goederen en diensten uit Rusland. Het kabinet zet daar via de EU volop op in, want dat is uiteindelijk het effectiefst. In die zin zijn we ook hard onderweg om na het negentiende sanctiepakket verder te gaan naar het twintigste sanctiepakket. Dat brengt me meteen bij een vraag van mevrouw Teunissen. Zij vroeg welke opties Nederland ziet voor extra sancties richting de Russische Federatie. Gisteren nog zijn er extra individuele sancties getroffen tegen personen en bedrijven die betrokken zijn bij de schaduwvloot en bij mensenschendingen in Rusland. Voor een volgend volledig pakket zijn de prioriteiten van het kabinet onder meer het overnemen van Amerikaanse sancties tegen Lukoil en Rosneft en het ondermijnen van het Russische verdienvermogen op de mondiale oliemarkten, waaronder de schaduwvloot, en tot slot het tegengaan van omzeiling via derde landen, onder andere door sanctionering van betrokken bedrijven. Voorzitter. Dan kom ik bij de laatste vragen. Het is een combinatie. Het gaat over het EU-lidmaatschap van Oekraïne. U weet dat het kabinet hecht aan een strikt en fair toetredingsproces, gebaseerd op merites en op de methodologie zoals we die overeen zijn gekomen. Dat betekent dat het kabinet volledige steun geeft aan de opening van hoofdstuk 1. Overigens wordt er druk gewerkt aan de hoofdstukken 2 en 6, zeg ik tegen de heer Van der Lee, maar je kan hoofdstuk 2 en 6 niet openen zonder dat hoofdstuk 1 geopend is. Helaas hebben we te maken met een politieke blokkade van Hongarije op het openen, maar als we daar als Nederland over kunnen besluiten, zullen wij dat onmiddellijk in positieve zin doen. Voorzitter. Daarmee ben ik door de vragen over Oekraïne heen.
Versie e25ee05df3a0c2ae039752f526e816d53dd8f9a2bd9e77941d0c458d26fa720d · Officiële bron.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.