KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 12 okt 2026 · Tweede Kamer

Implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1203 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht en tot vervanging van de Richtlijnen 2008/99/EG en 2009/123/EG (Implementatiewet herziene Europese richtlijn milieucriminaliteit) (36876)

Brontekst

Minister Van Weel: Dank, voorzitter. Ah! Welke gevolgen heeft de implementatie van deze richtlijn voor bedrijven, om welke sectoren gaat het en welke economische gevolgen heeft het? U heeft zomaar het bruggetje gevonden tussen de twee kopjes, mevrouw Faber. Het gaat hierbij om bestaande EU-milieuvoorschriften. Die zijn er dus al op grond van andere wetgeving. Deze richtlijn voegt daar alleen maar aan toe dat het overtreden van die normen in alle lidstaten strafbaar moet worden gesteld. Dat is voor Nederland bij het overgrote deel van die feiten eigenlijk al het geval, maar dat gaat nu dus EU-breed gelden. Er worden dus geen nieuwe normen geïntroduceerd; er worden enkel al bestaande regels strafbaar gesteld. Voor bonafide ondernemingen is er dus geen enkel effect en worden er ook geen economische gevolgen verwacht op basis van deze richtlijn. U vroeg ook nog naar het mkb. Kunnen de nieuwe milieuregels daar heel ingewikkeld voor zijn? Moeten we niet een duidelijk signaal afgeven van gewijzigde informatie? In lijn met wat ik daarnet zei, is de verwachting dat deze richtlijn geen gevolgen heeft voor bonafide mkb-ondernemers, aangezien de normen waar ze zich aan moeten houden, niet veranderen met deze richtlijn. In algemene zin heeft de overheid wel een actieve informatieplicht en moeten wij een duidelijk signaal geven als vergunningsregels ingrijpend veranderen. Dat vloeit voort uit de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zoals het rechtszekerheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel. Dat kan op een paar manieren. Wanneer wet- en regelgeving worden gewijzigd, kunnen we dat op een aantal manieren kenbaar maken. Dat kan door actieve informatievoorziening en communicatie en door de wijziging van bestaande vergunningen. Dat is dus het proactief aanpassen, waar we het in het eerste blokje ook over hadden. Er kan ook sprake zijn van overgangstermijnen en er is het evenredigheidsbeginsel, zodat ondernemers de tijd krijgen om zich aan te passen. Nieuwe regels voor bestaande situaties gelden daarom zelden van de ene op de andere dag en er worden vrijwel altijd overgangstermijnen ingesteld zodat bedrijven de ruimte krijgen om investeringen te doen, bijvoorbeeld in schonere machines of filters om aan nieuwe vergunningseisen te voldoen. Maar nogmaals, met deze richtlijn worden er dus geen nieuwe normen geïntroduceerd. Mevrouw Straatman vroeg hoeveel milieurechercheurs de politie nu heeft. De formatie van tactische opsporing, intel en expertise voor de bestrijding van milieucriminaliteit is ongeveer 400 fte. Daarnaast is het streven om per eenheid gemiddeld twee agenten per basisteam met het taakaccent milieu inzetbaar te hebben. Dan kom je in totaal uit op ongeveer 700 fte voor deze taak. De bezetting is op dit moment wel lager. Er wordt dus op ingezet om die op niveau te krijgen. Draagt deze implementatiewet ook bij aan de daderpakkans? De EU-richtlijn verplicht de lidstaten om te komen tot een nationale strategie en tot coördinatie en samenwerking op strategisch en operationeel niveau. De operationalisering hiervan is belegd bij de al langer bestaande Strategische Milieukamer, die in april 2025 is geformaliseerd door mij en de collega's van IenW en LVVN. In de Milieukamer zit het OM, de politie, de NVWA, de Inspectie Leefomgeving en Transport en de omgevingsdiensten. Die kiezen op basis van een dreigingsbeeldanalyse de prioritaire thema's waarop de opsporing gericht wordt en een informatiepositie opgebouwd wordt om daarmee de zwaardere milieucriminaliteit op te sporen. Daarmee wordt de pakkans vergroot en wordt de opsporing en vervolging zo effectief mogelijk ingezet. Daarnaast heb ik 3 miljoen structureel geïnvesteerd in meer opsporing ten behoeve van de richtlijn, om de opsporing en de vervolging te versterken. Ik kom er zo op terug hoe de verdeling is tussen de politie en de andere diensten. Dan het afpakken van door milieucriminaliteit wederrechtelijk verkregen vermogen. Uiteraard ben ik daar een groot voorstander van. De vraag was ook of ik mogelijkheden zag voor civielrechtelijke afhandeling van schade, om die breder in te zetten. Zoals gezegd ben ik zeer voor het afpakken van crimineel vermogen, ook als dat gaat om milieucriminaliteit. Ik denk dat de Europese Confiscatierichtlijn, waar wij hopelijk in de nabije toekomst over komen te spreken, en de nieuwe procedure voor non conviction based confiscation alsook de spoedbevriezing, het vermogensdossier en de silver notices pilot van Interpol, allemaal methoden zijn om in het geval van milieucriminaliteit meer in te kunnen grijpen op het verdienmodel. Met die nieuwe wetgeving wordt voorkomen dat crimineel vermogen in de maatschappij blijft circuleren of wordt gebruikt voor het plegen van nieuwe strafbare feiten. Civielrechtelijk zijn er al mogelijkheden om schade te verhalen op de veroorzaker. Die worden ook nu al benut. Iemand die milieuschade heeft geleden kan via de rechter zijn schade op de veroorzaker verhalen op basis van de "onrechtmatige daad" uit het Burgerlijk Wetboek. Maar er zijn verder ook nog bijzondere bepalingen opgenomen in het Burgerlijk Wetboek die van toepassing kunnen zijn, bijvoorbeeld die voor gevaarlijke stoffen of die van de stortplaatsexploitant voor schade als gevolg van verontreiniging van lucht, water of bodem. Mevrouw Straatman vroeg naar de resultaten van het High Impact Environmental Crime-team sinds de oprichting daarvan. Het is nog in ontwikkeling, zeg ik u daarbij. De politie krijgt van de 3 miljoen die ik eerder noemde, 1,72 miljoen. Die middelen worden juist ingezet om dat High Impact Environmental Crime-team te versterken. Een voorbeeld van een succesvolle actie van het High Impact Environmental Crime-team is een actie in samenwerking met de Voedsel- en Warenautoriteit tegen illegale visserij. Daar zijn uiteindelijk ruim twintig veroordelingen uit voortgekomen. Mevrouw Straatman vroeg: wat verandert dit wetsvoorstel in positieve zin aan de constatering dat er nog winst te behalen valt in het beter benutten van het bestaande sanctiearsenaal? Dat sanctiearsenaal wordt met de implementatie van deze richtlijn niet uitgebreid. Het WODC-onderzoek naar de bestraffing van ernstige milieudelicten heeft wel handvatten gegeven voor het beter benutten van het huidige sanctiearsenaal. In de beleidsreactie, die u nog dit jaar krijgt, kom ik daar verder op terug. Welke maatregelen nemen we om te stimuleren dat burgers en bedrijven sneller meldingen doen bij de politie? Kunnen we vaker acties doen zoals die genoemd werden door mevrouw Straatman? De Meld Milieu Week is overigens georganiseerd in drie verschillende eenheden. We zullen evalueren of die ook daadwerkelijk heeft geleid tot positieve aandacht en tot een stijging in het aantal meldingen door burgers en bedrijven. Daar moeten we het namelijk heel vaak wel van hebben. De eerste lead komt vaak uit die hoek. Die drempel moet dus omlaag. Mevrouw Van Oosterhout vroeg op welke manier olie- en gasactiviteiten worden gecontroleerd. In beginsel zijn dat natuurlijk gewoon legale activiteiten, waarop toezicht wordt gevoerd door de Nederlandse Emissieautoriteit en het Staatstoezicht op de Mijnen. Ik zou willen zeggen dat er niet direct een link ligt met de implementatie van deze richtlijn met betrekking tot milieucriminaliteit. Zoals ik eerder tegen mevrouw Faber heb gezegd: het strafbare feit wat betreft de energiesector is nu wel opgenomen in de handhavingsartikelen. Strafbare feiten op dat gebied kunnen dus worden vervolgd. Mevrouw Van Oosterhout vroeg ook of we hebben berekend wat het kost om niet te handhaven. Dat hebben wij niet berekend, maar er is wel het rapport Handhaven in het duister. Schattingen van de ILT bedragen tussen de 4,5 miljard en de 5,5 miljard aan schade per jaar. Dat is enorm. Dat benadrukt ook het belang van dit wetsvoorstel en de handhaving hierin. Of handhaving leidt tot een winst van 5,5 miljard — het gaat hier natuurlijk ook over schade die uiteindelijk wordt toegedaan — kun je niet zo zeggen, maar het belang van handhaving om dit soort schade te voorkomen is wel evident. Wat is de bijdrage van JenV aan het voorjaarspakket wat betreft klimaatdoelen? Op de capaciteits-, vergunnings- en toezichtsketen zal de staatssecretaris van IenW terugkomen in de volgende VTH-brief, die uw Kamer nog dit jaar zal ontvangen. Ten aanzien van de handhavingsketen heb ik niet het idee dat de capaciteit daar onvoldoende is. Van die 3 miljoen die ik noemde, gaat dus 1,72 miljoen naar de politie. De rest gaat naar het Openbaar Ministerie, de rechtspraak en de Strategische Milieukamer. Ik denk dat wij binnen de EU wel een van de voorlopers zijn in de manier waarop we die aanpak doen en ook wat betreft wat er al strafbaar was in Nederland. Ik denk dat voor een hoop EU-landen de implementatie van deze richtlijn veel meer vereiste dan er uiteindelijk in het Nederlandse wetboek moest worden aangepast.

Versie c186340215f3faaa65607edfef06a11980df3f4e7630dfe497e983d541b79585 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

12 okt 2026 · 3e76fa862e5951d4

12 okt 2026 · 53a3e9d628fefdab

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van debat · Officiële koppeling

Implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1203 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht en tot vervanging van de Richtlijnen 2008/99/EG en 2009/123/EG (Implementatiewet herziene Europese richtlijn milieucriminaliteit) (36876)

Implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1203 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht en tot vervanging van de Richtlijnen 2008/99/EG en 2009/123/EG (Implementatiewet herziene Europese richtlijn milieucriminaliteit) (36876)

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.