Wijziging van de Embryowet naar aanleiding van de derde wetsevaluatie (36677)
Wijziging van de Embryowet naar aanleiding van de derde wetsevaluatie (36677)
statement · 15 apr 2026 · Tweede Kamer
De heer Bevers (VVD): Dank, voorzitter. Vandaag behandelen we een aantal wijzigingen van de Embryowet. Het zijn wijzigingen naar aanleiding van de derde wetsevaluatie, die alweer uit 2021 stamt. De eerste versie van de Nederlandse Embryowet dateert uit 2002. De wet reguleert hoe moet worden omgegaan met eicellen, zaadcellen en embryo's, met name in het kader van vruchtbaarheidsbehandelingen zoals ivf en onderzoek. Ik heb het over onderzoek dat zich met name ook richt op oorzaken en het voorkomen van ernstige genetische ziekten en afwijkingen. De regelgeving die in de Embryowet is opgenomen, geeft aan welke balans er gekozen wordt tussen de beschermwaardigheid van beginnend menselijk leven en het belang van wetenschappelijk onderzoek. Voorzitter. In het debat over de initiatiefwet hebben collega Paternotte en ikzelf aangegeven dat het wijzigen van de wet naar ons idee mogelijk is, mede ook door de hoge wetenschappelijke, ethische en morele standaarden die we in Nederland kennen. Die standaarden worden natuurlijk primair door regelgeving vormgegeven in de Embryowet. Ook nu denkt de VVD-fractie dat de voorgestelde wijzigingen van de Embryowet naar aanleiding van de derde wetsevaluatie verantwoord zijn. De ethische toetsingscriteria voor onderzoeken blijven dezelfde. Is het nuttig voor de medische wetenschap en patiënten? Is het goed opgezet? Is het proportioneel, oftewel: kan het onderzoek niet op een minder ingrijpende manier plaatsvinden? Deze elementen zijn voor de VVD-fractie een belangrijke basis, die wat ons betreft niet ter discussie staat. Het huidige kabinet en de voorgaande kabinetten zijn zeer terughoudend geweest om de wettelijke kaders aan te passen. Dat wordt ook duidelijk uit het feit dat we vandaag de eerste wijziging van de Embryowet bespreken sinds 2002. Dat geeft aan dat het kabinet niet over één nacht ijs is gegaan en steeds zorgvuldig de uitkomsten van de opeenvolgende evaluaties heeft afgewogen. In het voorliggende voorstel ontbreken twee onderdelen die wel in de evaluatie zijn genoemd. Allereerst is dat het opheffen van het verbod om embryo's uitsluitend tot stand te brengen voor wetenschappelijk onderzoek. Dat onderdeel heeft de regering niet willen wijzigen. Daartoe hebben D66 en VVD een initiatiefvoorstel ingediend, dat op 16 december 2025 door uw Kamer is aangenomen en nu ter behandeling voorligt bij de Eerste Kamer. Dat voorstel staat wat ons betreft los van de wijzigingen die we vandaag bespreken. Ten tweede heeft de regering gemeend geen wijziging van de veertiendagengrens voor te stellen; collega Vliegenthart noemde dat ook al. Daarvoor zijn een aantal redenen, die de VVD-fractie overigens begrijpt. Het onderwerp blijft gevoelig. Het gewenste draagvlak in de samenleving is mogelijk nog niet altijd voldoende duidelijk. Wel vraag ik aan de minister hoe zij verder omgaat met het advies van de Gezondheidsraad van 31 oktober 2023 over dit onderwerp. Hoe ziet zij discussie en besluitvorming voor zich? Op welke manier wil zij de maatschappelijke dialoog waarover gesproken wordt ook verder vormgeven? Voorzitter. Dan de wijzigingen waar we wel een besluit over gaan nemen. Naast aanpassingen van de regelgeving met betrekking tot onderzoek met foetussen en een aantal administratieve en technische wijzigingen springt de aanpassing van de definitie van het begrip "embryo" natuurlijk het meest in het oog. We kennen de discussie die hierover plaatsvindt, namelijk of we het menselijk, of "klassiek", embryo dehumaniseren of de embryomodellen humaniseren. Oftewel: ontmenselijken we iets wat puur menselijk is en kennen we menselijke waarden toe aan een kunstmatige entiteit, het embryomodel? Mijn fractie vindt beide niet van toepassing. We blijven immers spreken over een "klassiek" tot stand gebracht embryo en een embryomodel dat daarnaast een intact "klassiek" embryo nabootst. Beide bestaan naast elkaar, alleen wordt de wet- en regelgeving aangepast naar de stand van de wetenschap van dit moment. Voorzitter. De VVD staat voor ethisch onderzoek met embryo's. Onderzoek met embryo's is essentieel voor de ontwikkeling van onder andere de voortplantingsgeneeskunde. Vooruitgang is nodig binnen alle medische disciplines om op lange termijn toegankelijke en kwalitatieve zorg te kunnen blijven bieden. Het is goed dat de minister de zorgvuldigheid van onderzoek met embryo's versterkt met deze wet. De wet- en regelgeving moet worden aangepast aan de huidige situatie. Er is door de vele ontwikkelingen onduidelijkheid binnen de embryologie over wat er wel en niet mag. Onderzoekers hanteren daardoor mogelijk een "better safe than sorry"-beleid. Ik hoorde die term vanavond ook al eerder. Voorzitter. We hebben als VVD groot vertrouwen in de wetenschap en de zorgvuldige wijze waarop die haar taak vormgeeft; ik verwees daar al naar. Wat de VVD-fractie betreft zou wet- en regelgeving voldoende duidelijkheid moeten bieden. Wij denken dat deze wetswijziging, die vast niet de laatste is, daaraan bijdraagt en zijn voornemens deze ook te steunen. Dank u wel, voorzitter.
Versie b8c5c5e26a8abea7abb41f0bb876b465fa711a4a733c446cf3c138e81d590053 · Officiële bron.
Wijziging van de Embryowet naar aanleiding van de derde wetsevaluatie (36677)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.