Wetboek van Strafvordering (Boek 2) (36327)
Wetboek van Strafvordering (Boek 2) (36327)
statement · 3 feb 2025 · Tweede Kamer
De heer Koops (NSC): Ik ben het ermee eens dat de reclassering een onderzoek moet kunnen verrichten, zo vaak als mogelijk en nodig is. Het is inderdaad waar dat er op dit moment grote gaten zitten in de complete lading aan voorlopige hechtenissen, waarbij de reclassering helemaal niet zo veel doet. Tegelijkertijd heeft dat in heel veel gevallen ook amper meerwaarde, omdat de reclassering zich in hoge mate baseert op datgene wat de verdachte tegen de reclassering zegt. Die toetst als het ware wat door de verdachte aan de reclassering wordt verteld. Die meerwaarde is er dus niet altijd. Dat weet de reclassering net zo goed als iedereen. Dat is mijn eerste antwoord. Meer in het algemeen ben ik het volkomen eens met het lid Mutluer dat ook de reclassering een grote rol kan spelen bij het terugbrengen van de hoeveelheid gevallen van voorlopige hechtenis. Het drama is dat dit met name allemaal gaat om maatregelen in de praktijk. Het gaat bijvoorbeeld om de budgetten die beschikbaar zijn voor de reclassering om een rapport op te kunnen maken. Dat zijn budgetten waar we het vandaag niet over hebben. We hebben het nu alleen over het inregelen. Maar ik kan hier wel de volgende vraag aan koppelen, in het verlengde van wat mevrouw Mutluer net opmerkte. Is de regering het eens met de stelling dat zo veel mogelijk gebruik moet worden gemaakt van de mogelijkheden tot het storten van een waarborgsom — dat is gewoon bail, zoals we die kennen uit de Amerikaanse films — en de mogelijkheid van enkelbanden? Kortom, dat gaat over alle alternatieven die er zijn voor het daadwerkelijk in een huis van bewaring hechten van een verdachte.
Versie 2993003231abfaa96ff4940c8d64f6b7077aafabe5d02a9fa53d83f302bfbe59 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Wetboek van Strafvordering (Boek 2) (36327)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.