Raad Buitenlandse Zaken d.d. 14 oktober 2024
Raad Buitenlandse Zaken d.d. 14 oktober 2024
statement · 10 okt 2024 · Tweede Kamer
De heer Paternotte (D66): Voorzitter. Ik was afgelopen maandag bij de herdenking van 7 oktober in de Raw Aron Schuster Synagoge. Ik vond de hele herdenking buitengewoon indrukwekkend, maar het meest indrukwekkend vond ik wel de bijdrage van de kleindochter van de oudste gijzelaar die nu in de tunnels in Gaza zit. Haar opa is 85. Zij liet een foto zien van een lachende man op zijn laatste levensavond in de kibboets, maar die nu in Gaza is, al dan niet dood of levend. Zij deed ook een heel duidelijke oproep. Net als de broer van een andere gijzelaar zei ze: er is maar één manier waarop onze familieleden ons nog ooit levend in de armen zullen kunnen sluiten, en dat is het maken van een afspraak, een gijzelaarsdeal, een staakt-het-vuren. Voorzitter. We zien dat de Israëlische premier ondertussen alleen maar meer olie op het vuur gooit. Na de vernietiging van Gaza en de dood van duizenden Palestijnen maakt hij nu eigenlijk de Libanese bevolking verantwoordelijk voor Hezbollah. Dat is dus een heel ander doel dan het doel dat we eerst nog zagen, namelijk veiligheid voor Israëliërs in het noorden, in de corridor tussen de Litani-rivier en de Israëlische grens. Hezbollah is daar weg, maar nu zegt hij: Libanezen, kom in opstand, of het wordt nog veel erger. Sterker nog, er wordt verwezen naar de vernietiging in Gaza en gezegd dat er zelfs iets vergelijkbaars zou kunnen gebeuren. Het lijkt niet uit te maken wat Europa of de VS vraagt; Netanyahu kiest altijd voor escalatie. Door de uitingen van het kabinet lijkt het erop dat het kabinet kiest voor stille diplomatie. Ik vraag mij af of die stille diplomatie niet zó stil is dat die bijna niet meer te detecteren valt. De Hoge Vertegenwoordiger van de Europese Unie, de heer Borrell, heeft vandaag immers aangegeven dat hij zeer gealarmeerd is. Hij laat zich heel duidelijk uit over die rede en over de escalatie door de Israëlische regering. Zou Nederland dat niet ook moeten doen om op z'n minst duidelijk te maken waar we staan? Als de minister dat niet vindt, kan hij dan aangeven wat volgens hem het resultaat is van de stille diplomatie die wij nu bedrijven? Ik kijk ook naar de toekomst. Ik wil ertoe oproepen dat Nederland zich aansluit bij het initiatief van Borrell voor een internationale alliantie met allerlei landen binnen en buiten Europa die zich zal inzetten voor de tweestatenoplossing. Hoe kijkt het kabinet daarnaar? Welke rol kan Nederland daarin spelen? Voorzitter. De druk in de Donbas in Oekraïne is op dit moment heel groot. Oekraïne geeft zelf aan dat het front instabiel is. Dat is een levensgroot risico, want als Rusland daar doorbreekt, kan dat een heel ander verloop van de oorlog gaan betekenen. Nu ligt er een heel duidelijk advies van Clingendael dat overeenkomt met het verzoek dat Oekraïners aan ons hebben gedaan. Wij geven aan veel Oekraïense soldaten trainingen, maar breng die trainingen alsjeblief ook naar Oekraïne zelf. Dat betekent immers dat ze beter aansluiten bij de operaties en dat daar gewerkt kan worden met hetzelfde materiaal als het materiaal dat op het slagveld gebruikt moet gaan worden. Het is bovendien een goede manier om echt commitment aan de steun aan Oekraïne te geven. Maar de reactie van het kabinet is heel terughoudend en bevat zelfs een verwijzing naar een motie van een Kamerlid dat niet meer in de Kamer zit, een motie die is ondersteund door partijen die nu geen meerderheid meer hebben. In die motie stond waarom dat niet zou mogen gebeuren. Mijn vraag is: waarom is het kabinet zo terughoudend? Valt er misschien over na te denken om dat te veranderen? Hetzelfde geldt natuurlijk voor het pleidooi om aan Oekraïne duidelijk te maken dat de route naar de NAVO openstaat, want daar is internationaal ook twijfel over, ook door de uitspraken van de leider van de grootste partij in Nederland. Voorzitter. Ik zou nog twee onderwerpen willen aansnijden. Een ervan is Venezuela. De situatie daar lijkt erop uit te komen dat Maduro wederom stevig in het zadel zit, en dat na een gestolen verkiezing. De vraag is wat Nederland nog blijft doen om druk uit te oefenen. Kan de minister daarop ingaan? Het tweede is Moldavië. Ook daar zijn volgende week verkiezingen. Eerder dit jaar zijn door de Kamer twee moties aangenomen van mij en collega Veldkamp die gaan over een veiligheidsovereenkomst met Moldavië en het ondersteunen van Moldavië op zijn route naar het EU-lidmaatschap. Mijn vraag is hoe die moties op dit moment worden uitgevoerd.
Versie 1c71960b54d1ff956a5ddc85a13187822a05d01d052effb47570f476e39f85d1 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Raad Buitenlandse Zaken d.d. 14 oktober 2024
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.