KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 24 jun 2026 · Tweede Kamer

de staat van de rechtsstaat

Brontekst

De heer Ellian (VVD): Dank, voorzitter. Een debat over de rechtsstaat. Het is goed dat we dit debat hebben. Uiteraard wil ik ook de collega's die dit debat hebben voorbereid danken voor hun voorbereidende werkzaamheden. Ik dacht: het is misschien goed om even te beginnen bij wat "rechtsstaat" nou eigenlijk betekent. Het wordt namelijk heel veel gebruikt. Ik ben er maar weer eens even ingedoken. De eerste die het begrip "rechtsstaat" introduceerde, was de Duitser Robert von Mohl in 1831. Waar het toen om ging, is dat de rechtsstaat als tegenhanger gold van de absolute macht. Het staatshoofd — in die tijd was dat de koning, de autocraat — had de macht op basis van een soort goddelijke interventie en de gedachte was dat het gezag gebaseerd moest zijn op de wet. De rechtsstaat had dus op zich een vrij lege betekenis, maar voor die tijd was die natuurlijk heel waardevol. Gezagsuitoefening moest gebaseerd zijn op de wet. Punt. En wat de inhoud van die wet was, deed dan wat minder ter zake. Na de Tweede Wereldoorlog is dit natuurlijk enorm veranderd, omdat de geschiedenis ons leerde dat je ook inhoudelijke eisen, materiële eisen, moet stellen aan de rechtsstaat. Die eisen kent iedereen, want ze zijn tegenwoordig uitgekristalliseerd: rechtszekerheid, verbod van willekeur, democratische procedures waarmee wetgeving tot stand komt, onpartijdige gerechten, eerbied voor de rechten van de mens, gelijkheid en een verbod op discriminatie. Maar voor de VVD-fractie is dat niet het enige. Dat de overheid, kort gezegd, gebonden is aan het recht, is natuurlijk een heel belangrijk overkoepelend element, maar daar staat natuurlijk in de eerste plaats tegenover dat het primaat van de wetgever wel centraal moet blijven staan. Daar heeft de VVD-fractie zorgen over. Als je heden ten dage ziet hoeveel ingrijpende besluiten door de rechter worden genomen — dat zijn besluiten waarvan je je, gelet op de omvang van de consequenties, kunt afvragen of die niet aan deze staatsmacht zijn — roept dat de vraag op: vinden wij, en ook het kabinet, nog steeds dat het primaat hier ligt, zeker als het gaat om beslissingen die een grote groep raken? Wat ons betreft hoort hier ook bij dat op voorhand niet meteen door allerlei organisaties moet worden gezegd dat een voorstel onrechtsstatelijk is. De een zal een voorstel wat spannender vinden dan de ander, maar als ik bijvoorbeeld het rapport van de orde van advocaten las, was het hele VVD-verkiezingsprogramma zo'n beetje onrechtsstatelijk. Dan denk ik: dat helpt een gezonde discussie in de democratie niet. Wat ik proportioneel vind, hoeft een ander inderdaad niet proportioneel te vinden. Dat is het debat dat wij hier met elkaar voeren. En dan aan de voorkant zeggen dat het onrechtsstatelijk is, dus bijvoorbeeld bezuinigingen op onderwijs onrechtsstatelijk noemen … Ja, de een kan vinden dat er meer geld naartoe moet dan de ander, maar dat maakt nog niet dat ik onrechtsstatelijk handel.

Versie 36abc75b75b840f9196619d8b61c0688fe11255d4fd3ff19696e49a7e86a5b44 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.