KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 24 jun 2026 · Tweede Kamer

de staat van de rechtsstaat

Brontekst

De heer Tijs van den Brink (CDA): Dank u wel, meneer de voorzitter. Tijdens mijn maidenspeech, alweer een klein halfjaar geleden, heb ik hier de lof gezongen van de Grondwet, onze vrijheden en onze rechtsstaat. Het is fantastisch om in een land te leven met de vrijheden en rechten die wij kennen. Wat ons christendemocraten betreft is die vrijheid er vooral om verantwoordelijkheid te nemen voor anderen en voor de samenleving als geheel. Vandaag bespreken we de vraag: hoe staat het ervoor met de rechtsstaat? Tijdens het schrijven van mijn inbreng kwam ik tot de conclusie dat ik er weer niet aan ontkom: dit wordt een genuanceerde inbreng. Dat is communicatief en voor de filmpjes misschien niet zo slim, want zowel bagatelliseren als moord en brand schreeuwen levert meer aandacht op, maar de waarheid ligt waarschijnlijk ook vandaag ergens in het midden. Mijn partijgenoot Ernst Hirsch Ballin schrijft dat de rechtsstaat naast formele kenmerken, zoals de rule of law, de scheiding der machten en onafhankelijke rechtspraak, vooral de vertrouwensbasis van het samenleven moet garanderen en dat juist de rechten van de mens tot die kern behoren. Die vertrouwensbasis is, afhankelijk van hoe je meet, broos. Werkt de rechtsstaat ook voor mij? Houdt die stand als die van binnen of van buiten wordt aangevallen? Dat zijn spannende vragen. Daarom hebben we samen met D66 en VVD in het coalitieakkoord afgesproken om de rechtsstaat weerbaarder te maken, door de onafhankelijkheid van instituties te versterken, gehoor te geven aan vernieuwingsvoorstellen van de commissie-Remkes en het democratisch ethos te versterken. Het is goed dat we daar werk van maken. Voorzitter. Toch gaat onze rechtsstaat hier bijna wekelijks kopje-onder, als we bepaalde stemmen mogen geloven. Er wordt soms wel heel snel geroepen dat onze rechtsstaat ernstig bedreigd wordt door politieke voorstellen, bijvoorbeeld bij voorstellen om het demonstratierecht aan te passen of om Ye West te weren. Als dan meteen wordt geroepen dat de rechtsstaat wordt bedreigd, denk ik: doe eens rustig. Ik krijg daar een "the boy who cried wolf"-gevoel van. Je zou het "rechtsstaatbedreigingsinflatie" kunnen noemen. Als je bij ieder ophefje het woord "rechtsstaat" gebruikt, verliest het zijn waarde. Als je het dan roept bij een echt problematisch voorstel, hoort men het niet meer. Legitieme politieke wensen zullen soms schuren met de rechtsstaat. Ik zei het al: we spreken dit najaar over het aanpassen van het demonstratierecht om relschoppers aan te pakken. Wat mij betreft kun je daar prima over debatteren zonder meteen te doen alsof de rechtsstaat wankelt. Daarbij heb ik een vraag aan de minister. Wil hij reflecteren op welke ruimte de politiek volgens hem heeft om voorstellen te doen die afwijken van de huidige staat van de rechtsstaat? Herkent hij het beeld van rechtsstaatbedreigingsinflatie? Voorzitter. Dan het Dreigingsbeeld Ondermijning Nederland 2026 van vorige maand.

Versie 36abc75b75b840f9196619d8b61c0688fe11255d4fd3ff19696e49a7e86a5b44 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.