Staat van de infrastructuur
Brontekst
Versie 81134dd7fc872db8 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenMinister Karremans: Bedankt, voorzitter. We mogen in dit land trots zijn op onze infrastructuur. Dat gaat van de Deltawerken tot onze bruggen en tunnels en van de Rotterdamse haven tot Schiphol, van onze dijken tot onze wegen en spoorlijnen. Dit land is letterlijk gebouwd op infrastructuur. Als familie gingen wij vroeger elke zomervakantie naar de stacaravan van mijn opa en oma in Workum. "Warkum ", voor de heer De Hoop. Met de auto. Over de afsluitdijk. Dan kom je langs het standbeeld van een man op een sokkel die uitkijkt over zee. Als kind denk je daar niet zoveel van, maar achteraf besef je wat daar eigenlijk staat. Dat is niet zomaar een standbeeld: dat is een symbool van visie, van lef, van een land dat durfde te bouwen aan zijn toekomst, verpersoonlijkt in de persoon van Cornelis Lely. De afsluitdijk is namelijk niet alleen een waterkering. Het is een keuze van een generatie geweest, de generatie van Lely, om verantwoordelijkheid voor dit land te nemen en niet in vandaag of morgen te denken maar decennia vooruit. Daardoor leven we vandaag in een land dat veilig, bereikbaar en economisch sterk is. Daar mogen we trots op zijn, maar trots alleen is niet genoeg. Diezelfde infrastructuur waarop dit land en onze economie is gebouwd, veroudert. Bruggen, viaducten, tunnels en waterkeringen die in de vorige eeuw zijn gebouwd, bereiken het einde van hun levensduur. De basis van ons wegennet bestaat nu 70 jaar. In de jaren 50, toen dus, reden er ongeveer 250.000 auto's rond in ons land. Nu zijn dat er meer dan 10 miljoen, goed voor 330 miljoen kilometers per dag. Die auto's zijn ook nog eens een stuk zwaarder dan vroeger. Met andere woorden: de basis van toen is simpelweg niet ontworpen op de belasting van vandaag. Dat is de realiteit en die realiteit is hard. Tot 2040 kijken we aan tegen een onderhouds- en vernieuwingsopgave van ongeveer 80 miljard euro. Dat is geen klein probleem; dat is een fundamentele uitdaging waar onze generatie nu voor staat. Dat is waar wij, kabinet en Kamer, nu voor staan. Dat betekent onvermijdelijk dat we keuzes moeten maken. Scherpe keuzes. Keuzes die misschien niet altijd populair zijn maar wel noodzakelijk. Daarvoor kijkt het kabinet, want zoals u weet, stoelt het op een samenwerking van drie partijen die in beide Kamers geen meerderheid hebben, nadrukkelijker dan ooit naar zowel coalitie als oppositie. Afgelopen maandag hebben wij, ikzelf en de staatssecretaris, uw commissie een brief gestuurd met een schets van de situatie die de staatssecretaris en ik hebben aangetroffen op het departement. We vragen de commissie in die brief om in dit commissiedebat wensen en bedenkingen aan te dragen voor het maken van de juiste keuze. De commissie heeft dat ook gedaan en daar zijn we de commissie erg dankbaar voor. Het gaat er namelijk om of wij, coalitie en oppositie, net als de generatie van Lely bereid zijn om verder te kijken dan vandaag. Het gaat erom of wij bereid zijn te investeren in een Nederland dat ook over 50 of 100 jaar nog veilig, bereikbaar en welvarend is. Dát is onze verantwoordelijkheid. Daar mogen we best ambitieus in zijn, maar we moeten ook eerlijk zijn over onze prioriteiten. Goed onderhoud is misschien minder zichtbaar dan een nieuw project, maar minstens net zo belangrijk. Sterker nog: zonder goed onderhoud van het fundament van ons land en onze economie gaat alles wankelen. Nederland is groot geworden door te bouwen, maar de komende jaren moeten we laten zien dat we ook groot genoeg zijn om goed te onderhouden. Ik weet dat de noodzaak van groot onderhoud, een investering in onze infrastructuur, Kamerbreed wordt gedeeld. Dat hebben we net ook gehoord. Dat is al een stevige gemeenschappelijke grond, een goede basis voor het werk dat ons te doen staat. Dat brengt mij bij de vragen die de Kamer heeft gesteld. Omdat ik weet dat de Kamer daar prijs op stelt, zal ik aangeven in welke blokjes ik van plan ben de vragen te beantwoorden. Vervolgens zal de staatssecretaris de vragen die aan haar zijn gesteld, voor haar rekening nemen. Maar ik zie dat de heer De Hoop een vraag heeft.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.