Mbo en studiefinanciering
Mbo en studiefinanciering
statement · 28 mei 2026 · Tweede Kamer
Mevrouw Biekman (D66): Dank u wel, voorzitter. Mijn studietijd begon op het mbo. Daarna studeerde ik door en merkte ik de verschillen tussen het mbo enerzijds en het hbo en het wo anderzijds. Daarom wil ik het vandaag over drie dringen hebben: het verschil in mogelijkheden voor mbo'ers, de kwaliteit van het mbo-onderwijs en het praktijkonderzoek bij het mbo. Voorzitter. Ik merkte dat het hbo en het wo een veel rijker studentenleven hebben en dat rijke studentenleven wil D66 ook voor het mbo. Mbo-studenten verdienen dezelfde waardering en toegang tot mogelijkheden als andere studenten: tot sport, tot cultuur, tot studentenhuisvesting en tot het opdoen van ervaringen tijdens bijvoorbeeld een bestuursjaar bij een vereniging. Tijdens de technische briefing over de benchmark mbo vertelde Zoé Rijnders dat zij van een hbo-opleiding is overgestapt naar een mbo-opleiding, omdat dit voor haar beter aansloot. Zoé gaf aan hoe belangrijk het studentenleven voor haar was op het hbo en verwachtte dit ook op het mbo. Ze was zeer verbaasd dat ze als mbo-student geen toegang had tot het studentensportcentrum. Na een gesprek met de wethouder kreeg zij de eerste sportkaart voor mbo-studenten in Eindhoven. Dat is echt een hele mooie stap, maar ook een uitzondering. In de praktijk zien we nog steeds te vaak verschillen; onderschat ook een betere toegang tot deze mogelijkheden niet. We weten allemaal dat sport en cultuur onze levens verrijken en dat we daardoor langere, gezondere en meer betekenisvolle levens kunnen leiden. Maar toegang tot studentenhuisvesting en verenigingsleven moet niet afhankelijk zijn van waar je studeert. Iedere mbo-student zou hiertoe toegang moeten hebben, want je leert hierdoor ook diverse andere vaardigheden. Je bouwt een netwerk op en het draagt bij aan je persoonlijke ontwikkeling. Hier heb je de rest van je leven profijt van. Daarom vraag ik aan de minister: hoe gaan we ervoor zorgen dat we al deze mogelijkheden voor mbo-studenten zo snel mogelijk realiseren? Vanaf welk studiejaar is het geregeld? Voorzitter. Mijn collega zei al dat de onderwijsinspectie constateert dat 44% van de onderzochte mbo-opleidingen een onvoldoende heeft. Vooral de kwaliteitszorg schiet tekort. Zo veel mbo'ers vertellen me over de kwaliteit van hun onderwijs en dat dit echt beter moet. Dat heeft niet te maken met de passie, de motivatie en de toewijding van de docenten, want die willen uiteraard alleen maar het allerbeste voor hun studenten. Maar het is aan ons om duidelijk te maken wat de kaders zijn en welke basis we verwachten. Daarom vind ik dat de docenten nog meer ontwikkelruimte moeten krijgen. Het mbo vormt onze samenleving en daarom mogen we ook wat verwachten van het onderwijs dat hun geboden wordt. Eerder is een wetsvoorstel naar de Raad van State gestuurd over de kwaliteit van het onderwijs op het mbo met betrekking tot de basisvaardigheden. Hoe staat het daarmee? Daarnaast vind ik het belangrijk dat we inzetten op de verdere professionalisering van docenten op het mbo. Hoe gaat de minister daarop inzetten en wat kunnen we verwachten? Tot slot, voorzitter. Er wordt dagelijks onderzoek gedaan om onze maatschappij te verbeteren. Het mbo maakt daar te weinig onderdeel van uit. En dat terwijl het mbo echt zo'n groot en belangrijk onderdeel is van onze maatschappij. We willen meer praktijkgericht onderzoek, maar hoe gaan we ervoor zorgen dat dit samen met het mbo gaat gebeuren? Hoe kijkt de minister naar de rol en de positie van practoraten? En hoe gaan we de samenwerking tussen het mbo, het hbo en het wo op dit vlak stimuleren? Hoe zorgen we voor brede samenwerking in de inmiddels bekende waaier in de context van praktijkonderwijs? Dank u wel, voorzitter.
Versie 29faf1b5e41f95e7b2766d367ca6fe9f40109ef27110b317c09e2ba60c33487b · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Mbo en studiefinanciering
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.