Voorstel van wet van het lid Van Nispen houdende verandering in de Grondwet, strekkende tot opneming van bepalingen inzake het correctief referendum (36468)
Brontekst
Versie bf938748d8e07b6c · officiële bronMevrouw Palmen (NSC): Dank u wel, voorzitter. Ik begin vandaag uiteraard met het bedanken van de initiatiefnemer en -nemers voor het wetsvoorstel dat vandaag besproken wordt. Een hele kluif werk, zo heb ik begrepen. Nadat het voorstel in de eerste lezing is aangenomen door beide Kamers zijn we nu toe aan de tweede lezing. Het voorstel wordt nu verdedigd door de heer Van Nispen. Dank daarvoor. Voorzitter. De kern van ons betoog is simpel: een correctief referendum versterkt de democratie. De fractie van Nieuw Sociaal Contract is daarom ook voorstander van het invoeren van een correctief referendum, niet als vervanging van de representatieve democratie, maar juist als aanvulling daarop. Het geeft de burgers namelijk de mogelijkheid om vaker een duidelijk signaal af te geven, vaker dan alleen tijdens de verkiezingen die eens in de vier jaar plaatsvinden. In een representatieve democratie is het van belang dat het democratisch gehalte gewaarborgd wordt en het invoeren van een correctief referendum is hier een goed voorstel toe. Het laat zien dat de overheid en de politiek burgers serieus nemen, niet alleen tijdens de verkiezingen, maar juist ook gedurende de hele bestuursperiode. De samenleving krijgt de kans om bij te sturen. Voorzitter. Het invoeren van een correctief referendum is al decennialang onderwerp van gesprek. In mei 1999 werd het eerste voorstel voor het invoeren van een correctief referendum in tweede stemming gebracht bij de Eerste Kamer. Dit voorstel strandde. Uiteindelijk bleek de tegenstem van Hans Wiegel de nekslag. Het werd een berucht moment in de parlementaire geschiedenis en niet voor niets staat deze stemming, diep in de nacht, nu bekend als de nacht van Wiegel. Maar, voorzitter, feit is dus wel dat adviezen over een correctief referendum al veel langer worden besproken. Dat is al zo sinds de staatscommissie-Biesheuvel uit 1982-1985. In dat eindrapport wordt nadrukkelijk ingegaan op de principiële voordelen van een correctief referendum. De conclusie is dat het referendum de burger de mogelijkheid geeft de overheid te corrigeren. Bovendien is het vooraf vastleggen van de referendumvraag een belangrijke vereiste. Het gaat om de vraag of een door de Staten-Generaal aangenomen wet van kracht moet worden. Voorzitter. Na deze aanbevelingen van de staatscommissie-Biesheuvel zijn er verschillende voorstellen ingediend om te komen tot een correctief referendum. Dat is niet eenvoudig, want er is een grondwetswijziging voor nodig. Het is nog niet gelukt om in tweede lezing een tweederdemeerderheid van beide Kamers te krijgen. Wellicht komt daar nu verandering in, juist omdat dit wetsvoorstel past binnen weg die de vier coalitiepartijen zijn ingeslagen, juist als het gaat om een vernieuwing van het openbaar bestuur. Het regeerprogramma zit vol met maatregelen die zorgen voor democratische vernieuwingen, een sterke democratische rechtsstaat en herziening van het kiesstelsel. Dit voorstel past daar natuurlijk bij. Een correctief referendum past ook binnen de bestuurlijke hervormingen die Nieuw Sociaal Contract zelf voor ogen heeft, bijvoorbeeld voor een grondwettelijk hof, een ander kiesstelsel en het aanpakken van de hardheden in het openbaar bestuur. Dat is een pakket hervormingen dat de positie van de burger in onze samenleving structureel versterkt. Als we de wens hebben om een reconstructieve overheid te zijn, is dit bij uitstek een mogelijkheid om dit te bewerkstelligen. Voorzitter. In de inbreng van het schriftelijk overleg heeft de fractie van Nieuw Sociaal Contract al aandacht gevraagd voor en zorgen geuit over de toevoeging van het amendement-Van der Graaf c.s. Het amendement ziet op een fundamentele uitbreiding van het wetsvoorstel. Die uitbreiding houdt in dat gemeenten en provincies de vrijheid krijgen om zelf te bepalen of ze een bindend correctief referendum willen invoeren. Gemeenten en provincies kunnen hierdoor via verordeningen besluiten of en hoe ze referenda willen organiseren en over welke besluiten die referenda gaan. Onze fractie heeft hier vraagtekens bij. Het staat absoluut buiten kijf dat Nieuw Sociaal Contract voorstander is van autonomie voor gemeenten en dat daar ruimte moet zijn voor maatwerk. Tegelijkertijd hebben wij natuurlijk wel vragen met betrekking tot rechtsgelijkheid, uniformiteit en het risico op versnippering. Hoe worden namelijk de rechtsgelijkheid en de gelijkwaardigheid gewaarborgd in het democratisch proces als het aan gemeenten en provincies zelf is om te besluiten over een referendum? Daarnaast geeft het amendement veel vrijheid aan provincies en gemeenten, maar hoe wordt ervoor gezorgd dat deze vrijheid op een transparante manier wordt ingevuld en dat er geen sprake is van willekeur? Waarom heeft de indiener niet gekozen voor advies van de Raad van State op specifiek dit onderwerp? Maar ook: wat betekent dit voor de burger? Kunnen we accepteren dat in de ene gemeente een referendum wel mogelijk is en in de andere niet? Hoe zien de indieners dit? Is er een mechanisme denkbaar om deze ongelijkheid te voorkomen? Een dergelijk amendement heeft een dusdanig effect op het wetsvoorstel dat het de kern ervan raakt. Ook is onduidelijk hoe bijvoorbeeld de VNG hierover denkt. Het heeft namelijk niet ter consultatie gelegen. In de nota naar aanleiding van het verslag geeft de indiener aan dat hij niet verwacht dat er lokale verschillen gaan ontstaan. Wel ziet hij een rol voor het IPO en de VNG, die de gemeenten en provincies zouden kunnen ondersteunen. Kan de indiener toelichten wat hij hiermee bedoelt en welke rol hij voor hen weggelegd ziet?
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.