KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 27 mei 2026 · Tweede Kamer

Terrorisme/extremisme

Brontekst

Minister Van Weel: Dank, voorzitter. Dank ook aan de leden voor hun inbreng in de eerste termijn op dit belangrijke onderwerp. Ik zal beginnen met een korte inleidende spreektekst. Dan heb ik een wat langer blokje, waarin alle verschillende verschijningsvormen van terrorisme, extremisme en activisme aan de orde komen. Dan ga ik in op de vraag hoe we omgaan met vrijkomende terrorismeveroordeelden, uitreizigers et cetera. Vervolgens heb ik een kopje online. Daar heb ik natuurlijk ook een hoop vragen van u over gekregen. Tot slot heb ik een blokje overig. Als u uw onderwerp nog niet gehoord heeft, dan zit het in het blokje overig. Voorzitter. We leven in een tijd waarin internationale instabiliteit direct doorwerkt in onze nationale veiligheid en de dreiging steeds diffuser wordt, bijvoorbeeld door het online domein. Radicalisering op jonge leeftijd is een groeiende zorg die ons allemaal aangaat. Het recente jaarverslag van de AIVD onderstreept deze dreiging. Veel van deze onderwerpen zijn zojuist, in uw termijn, ook aan bod gekomen. Daarom investeren we de aankomende jaren in onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten en in een sterke NCTV en versterken we de aanpak van terrorisme in bredere zin. De ontwikkelingen in Iran en de bredere regionale spanningen volgen elkaar in een hoog tempo op en vragen onverminderd onze aandacht, waaronder voor de gevolgen voor Nederland. Tegelijkertijd houden we doorlopend aandacht voor de situatie in Syrië en Irak. De ontwikkelingen in Syrië hebben impact op de opvang- en detentiekampen, waar ook vrouwen en kinderen met een Nederlandse link verblijven. Desalniettemin staan de betrokken nationale en internationale partners goed met elkaar in contact. Vandaag hebben we het over de dreiging die zich hier, in eigen land, voordoet. Het relatieve gemak en de snelheid waarmee jongeren online radicaliseren, is een harde realiteit. Dat blijkt onder andere uit de zestien aanhoudingen op verdenking van terroristische misdrijven van begin dit jaar, waarbij vier verdachten minderjarig zijn. Veel van de jongeren blijken makkelijker beïnvloedbaar en vatbaar voor geweld en extremisme. De dynamiek die het online domein met zich meebrengt, speelt hierbij een grote rol. Het online domein mist een corrigerend geluid. Het wordt door extremisten en terroristen benut om hun ideologieën, desinformatie en netwerk te verspreiden en te onderhouden. Dat gebeurt via social media, maar ook via andere platforms. Radicalisering blijft hierdoor in eerste instantie vaak onopgemerkt door de directe omgeving. Dat benadrukt de urgentie en de noodzaak om radicalisering van jongeren actief tegen te gaan. Zo blijven we inzetten op preventie en vroegsignalering, door onder meer kennis en kunde bij professionals en ouders te vergroten. Ook willen we zorgen dat terroristische content binnen een uur van het internet wordt verwijderd en dat platforms in brede zin verantwoordelijkheid nemen. Op beide thema's, preventie en online, kom ik nog nader terug. Daarbij gaat dit kabinet het juridische instrumentarium uitbreiden. Met het wetsvoorstel Strafbaarstelling verheerlijken van terrorisme wordt de bestraffing van verwerpelijke uitingen na vreselijke aanslagen mogelijk. Het draagt ook bij aan het de kop indrukken van de aanjagende effecten van verheerlijkende of steunbetuigende uitingen. Op korte termijn zal ik het wetsvoorstel aan uw Kamer aanbieden. Ik kijk ernaar uit om daarover het gesprek met u aan te gaan. Daarnaast creëert dit kabinet meer mogelijkheden voor toezicht op vrijgekomen terrorismeveroordeelden van wie het Nederlanderschap is ingetrokken, maar die nog niet kunnen worden uitgezet. Conform het coalitieakkoord zetten we belangrijke stappen om onze aanpak structureel te verankeren. Zo werkt het kabinet aan de permanentmaking van de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding en wordt er ingezet op de mogelijkheid tot elektronische monitoring en gebiedsgebonden maatregelen. Ook daar kom ik later nog op terug. Voorzitter. Het is goed dat wij vandaag een debat voeren over dit onderwerp. De vele vragen uit uw Kamer, maar ook de diversiteit van die vragen, laten zien hoe breed het palet aan dreiging is, maar ook hoe belangrijk het is dat we daar een integrale aanpak voor zien. Dat was mijn inleiding, voorzitter. Dan kom ik nu op de diverse dreigingen. Ik begin met jihadisme. Een vraag van mevrouw Coenradie was of jihadisme nog steeds de grootste dreiging is voor onze nationale veiligheid. Het antwoord daarop is ja. De dreiging van jihadistische aanslagen, zowel in Nederland als Europa, blijft op dit moment de grootste dreiging. Door de aanhoudende contraterrorismeoperaties verzwakken we internationale organisaties als ISIS en Al Qaida wel, maar we zien ook hoe ze op verscheidende plekken toch weer de kop opsteken, zoals onder andere recentelijk in de Sahel. Daarnaast is de radicalisering van een nieuwe generatie jongeren die actief zijn binnen het jihadistische onlinemilieu, een zorgelijke ontwikkeling, die wij zien gebeuren. Uit online contacten kunnen namelijk op termijn nieuwe jihadistische netwerken ontstaan, die uiteindelijk ook weer een terroristische dreiging voor ons land kunnen vormen. Is er invloed van het conflict in Gaza op radicalisering? Dat was ook een vraag van mevrouw Coenradie. Ja, we zien gewoon dat internationale ontwikkelingen doorwerken op onze nationale veiligheid. We zien dat recruiters bij het ronselen en werven van jongeren, dat online gebeurt, gebruikmaken van internationale ontwikkelingen, zoals het conflict in Gaza, om jongeren op te ruien om zich aan te sluiten en om te pogen hen te doen radicaliseren. Dat vertaalt zich niet altijd in de bereidheid om geweld te gebruiken, maar de propaganda werkt wel. Natuurlijk volgen we die ontwikkeling nadrukkelijk. We hebben geen aanwijzingen dat dit in Nederland al heeft geleid tot hele concrete aanslagplannen. We zien ook dat er bij aanslagplannen altijd sprake is van een veelheid aan factoren, waaronder persoonlijke drijfveren, die uiteindelijk een rol kunnen spelen. Daaraan gerelateerd was er een vraag van de heer Struijs: zien we nu dat vreemde mogendheden via Snapchat onze jongeren ronselen om aanslagen te plegen? Ja, dat zien we. Het zogeheten "crime as a service" is een heel groot aandachtspunt. Het hangt samen met een breder probleem, dat ik wil duiden in het licht van ondermijning zoals we die in Nederland zien gebeuren. Daarbij zien we gewoon dat er een parallelle samenleving ontstaat, waarbij je eerste baantje niet werken bij de Jumbo is, maar het aannemen van een klus op Snapchat en een explosief aan iemands deur hangen. Dit is een zeer zorgelijke ontwikkeling. We zien dat dit bij steeds jongere jongeren gebeurt. We zien ook dat het besef van waar men zich in begeeft, heel laag is. Dat betekent dat op het moment dat men dat pad inslaat, het heel moeilijk is om daar weer van terug te komen. In het vragenuur zei ik gister dat ik zelf thuis ben geweest bij een jongen van 13. Hij had twee jaar geen scholing meer. Er was sprake van meerdere geweldsincidenten, ook met wapens, en intimidatie. Hij zit thuis met een enkelband. Ik zou niet weten hoe we dat tij moeten keren. Dit is echt zorgelijk, ook omdat dit zorgt voor een enorme poel aan handjes, om het zo maar te zeggen, om het vuile werk in ons land te doen, tegen een hele lage kostprijs. Dat gaat om werk voor wie dan ook, of dat nu criminele netwerken zijn of buitenlandse mogendheden. Zeer concreet kan ik zeggen dat wij de betrokkenheid van Iran bij de aanslagen die we hebben gezien op Joodse instellingen, mogelijk achten. We onderzoeken nu ook de Amerikaanse claims dat er met het oppakken van een Irakees een deel van het netwerk zou zijn ontmanteld, in ieder geval wat betreft het opdrachtgeverschap. We weten in ieder geval vrijwel zeker dat de uitvoerders hier, aan Nederlandse zijde, geen ideologisch gedreven motieven hadden en dit gewoon puur voor het geld hebben gedaan.

Versie ce4f86241aa24dacc27292971181408ef96efddaa42bf3b24132ccd6d2371dc5 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.