KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 24 sep 2024 · Tweede Kamer

Water

Brontekst

Minister Madlener: Het is natuurlijk even wennen dat er een oud-PVV-collega hier aan deze kant van de tafel zit. Ik ben alleen geen PVV-minister; ik ben minister namens dit kabinet. Ik heb uiteraard ook niks tegen gezond verstand. Ik denk dat we allemaal ons verstand moeten blijven gebruiken. De zorg om het niet te halen delen we allemaal, want dat zou natuurlijk grote gevolgen hebben. Toen ik begon met dit ministerschap, dacht ik ook gelijk: we willen geen tweede stikstofcrisis; wat moeten we nu doen? Toch kunnen we een heel eind komen. De uitzonderingsgronden zijn ook een belangrijke doelverlaging, zou je kunnen zeggen, om die gevolgen te verzachten. Als we het echt niet kúnnen halen, dan is er een uitzonderingsgrond. Maar dat betekent inderdaad ook dat je echt je best moet doen. Dat gaan we dus ook doen. Al met al ben ik nog niet zo somber als ik was voordat ik minister was, dus dat is goed nieuws. Jullie houden mij vast scherp en samen zorgen we ervoor dat we gewoon een heel eind komen. Dat is de bedoeling. Een vraag van het lid Stoffer: in verschillende waterlichamen is sprake van historische belasting. Die heb ik eigenlijk al beantwoord. Historische belasting geeft een legitieme uitzonderingsgrond als we het doel niet halen. Een vraag van het lid Kostić. Wat heeft de minister gedaan met de aanbevelingen van deskundigen en specifiek met die van het watermanifest? In de antwoorden van gisteren op de Kamervragen van het lid Kostić ben ik per aanbeveling ingegaan op hoe ik naar de aanbevelingen van het manifest kijk en wat we daarmee doen. Op de aanbevelingen van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur ben ik in mijn brief van 30 juni ingegaan. Zo reageer ik steeds per belangrijk advies op de aanbevelingen. Ik weet niet of ik die zin helemaal begrijp. In ieder geval nemen we aanbevelingen serieus en gaan we daar ook op in; dat wil ik maar zeggen. Een vraag van het lid Soepboer over de KRW. Zouden we niet veel meer naar een uniforme Europese meetmethodiek toe moeten? Wat er binnen de KRW wordt gemeten, is EU-breed vastgelegd in de Europese richtlijnen. Daarbinnen is er ruimte voor nationaal maatwerk. Omdat er tussen landen verschillen zijn voor wat betreft de stoffen die worden geloosd, zijn er ook verschillen in hoeveel er moet worden gemeten. Dat verklaart dus waarom niet alles evenveel gemeten wordt in ieder land. Er zijn lokaal grote verschillen tussen wateren, vandaar dat we dus ook verschillend meten. Een vraag van het lid Pierik: het lijkt me van groot belang dat de waterschappen dezelfde stoffen gaan meten. Dat is eigenlijk dezelfde vraag. De normen voor chemische stoffen zijn gelijk binnen Nederland. De normen voor nutriënten zijn dat echter niet. Dat zijn de ondersteunende parameters om de biologie te meten. Normen voor nutriënten kunnen dus verschillen per watersysteem als daar verschillende planten en vissen in voorkomen. Dat is eigenlijk heel logisch, want niet ieder water is gelijk en een bepaald nutriënt is een groter probleem in het ene water dan in het andere. Dat verklaart de lokale verschillen. Overigens gaat de vergelijking met de stikstofcrisis ook niet helemaal op, want water verspreidt zich natuurlijk veel minder ver dan lucht. Stikstof verspreidt zich vooral via de lucht, en dat gaat over het hele land heen. Water is natuurlijk meer lokaal. Dat kan de norm niet halen in een watersysteem of op een lokale plek, maar dat zal dus niet gelijk zorgen voor een heel landelijk stikstofachtig probleem. Dat is dus ook nog een kleine nuance, of misschien in de praktijk wel een grote nuance. Is de minister blij met het verkleinen van bufferstroken naar 100 meter en zijn wij betrokken geweest bij die mestaanpak? Dat is de vraag van de heer Bamenga. Dit gaat niet over de brede beekdalaanpak, maar over bufferstroken langs Natura 2000-gebieden. Het verkleinen van deze bufferstroken van 250 naar 100 meter heeft nauwelijks invloed op de waterkwaliteit. En ja, ik word door mijn collega bij LVVN betrokken bij de keuzes in de mestaanpak. Die keuzes raken natuurlijk aan de waterkwaliteit. Maar we hebben zeer nauw overleg, dus dat gaat uitstekend. Vervolgens vraagt de heer Bamenga: wat heeft de minister ingebracht om de waterkwaliteit te verbeteren bij de mestaanpak? De resterende opgave voor de KRW is nadrukkelijk benoemd in het regeerprogramma. Het klopt wel dat er voor de uitwerking van maatregelen in het landelijk gebied een nieuwe start wordt gemaakt. Dat ligt primair bij mijn collega van LVVN. Met haar werk ik dus ook goed samen. Het lid Kostić vraagt: is het plan-Adema nou voldoende of niet? Of was dat niet de vraag van het lid Kostić? Het plan-Adema was volgens de RvS al onvoldoende om de waterkwaliteit te beschermen. Wiersma doet daar nog minder voor. Dat is eigenlijk zoals ik de vraag begrepen heb. Welke maatregelen nemen we om dat te compenseren? Dat is uw vraag. Het kabinet wil dus aan de Europese verplichtingen voldoen. Als het gaat om maatregelen voor de agrarische sector, dan is dat aan de minister van LVVN. Wij trekken samen op. Dat doen we goed. We evalueren dit jaar de Kaderrichtlijn Water om te kijken hoe we ervoor staan. Volgend jaar evalueren we de Nitraatrichtlijn. Als daar onvoldoendes blijken te zijn, zullen we naar aanvullende maatregelen streven. Ik heb nog wel een stapeltje, voorzitter.

Versie 6bcb6c55f25b1c647b10efb53e653aff3d5ec5f7f9934d56d44024415e0f1a67 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · c4999a1cfd4afec2

13 okt 2026 · 7988c2c7227566d9

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van dit debat · Officiële koppeling

Water

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.