KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 23 jun 2026 · Tweede Kamer

Jaarverslag en Slotwet 2025 ministerie Justitie en Veiligheid

Brontekst

De heer Ellian (VVD): Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Het is voor mij de vierde keer dat ik namens de VVD-fractie aan dit wetgevingsoverleg mag deelnemen. Ik vind het zelf altijd een leuk wetgevingsoverleg, omdat er heel veel wordt gesproken over waar we het geld aan gaan uitgeven, wat er anders moet en of er gestraft moet worden, en over gevangeniscellen. Maar dit is ook het moment waarop je even terug kunt kijken naar wat er eigenlijk is gebeurd met het geld dat wij vrijmaken voor iets superbelangrijks, namelijk de gehele strafrechtelijke keten. Om daarmee te beginnen: de coördinatie op de strafrechtelijke keten is inmiddels een langslepende kwestie. Ondanks de toegenomen uitgaven lijken de prestaties niet te verbeteren. Er is nog nooit zo veel geld uitgegeven: 18,9 miljard. De strafrechtketen lijkt echter vaster dan ooit te zitten. Straffen worden niet uitgevoerd. In zedenzaken wordt geen enkele doelstelling gehaald. Aangiftes van eenvoudige delicten worden veelal niet opgenomen. Deze week bleek dat het dan niet alleen gaat om commune delicten, maar ook nog eens om zwaardere misdrijven. Genoegdoening voor slachtoffers laat steeds langer op zich wachten en er is inmiddels een lijst van zelfmelders waar je u tegen zegt. Een terugkerende vraag voor ons is: welke concrete meetbare doelstellingen kunnen we met elkaar formuleren, zodat we zien waar we het geld aan besteden en wat we ervoor terugkrijgen? Een veilige samenleving of een sterke politie zijn mooie omschrijvingen, waar wij van harte achter staan, maar het zijn geen doelstellingen waarmee je vervolgens meetbaar kunt maken of het effect heeft gehad wat je doet. Ik geef een concreet voorbeeld: "Geachte Kamer, wij gaan vijf grote criminele samenwerkingsverbanden afbreken en we verwachten dat de verdachten veroordeeld zullen zijn binnen nu en vijf jaar. We gaan ervan uit dat daar extra beveiligde zittingen voor nodig zijn en dat er zoveel beveiliging voor nodig is." Dan is duidelijk wat het doel is en dan kun je vervolgens kijken of we onderweg zijn naar dat doel. Uiteindelijk is het gelukt en kijk je wat het heeft gekost. Mijn vraag aan de minister is dan ook: waarom is het zo moeilijk om de doelstellingen op die manier te formuleren? Dit is een aanbeveling die de Rekenkamer al meer dan tien jaar doet: wees concreter. En belangrijker nog: probeer dat ketenoverstijgend te doen. Zo'n doelstelling als "we gaan vijf grote criminele samenwerkingsverbanden afbreken" raakt natuurlijk een variëteit aan ketenpartners, van de politie tot de Dienst Justitiële Inrichtingen tot de rechtspraak, tot het Openbaar Ministerie en misschien nog wel meer. Ik ben in algemene zin erg benieuwd hoe de minister nu kijkt naar het functioneren van de strafrechtelijke keten. We hebben daar gisteren een brief over gehad. Ik hoef die hele brief niet door te akkeren. Er is een deltaplan, mede naar aanleiding van de motie, waar diverse collega's onder staan. Ik lees daarin dat TNO een opdracht krijgt tot het verrichten van een systeemanalyse, dat ketenpartners een problemen- en oorzakenanalyse doen, dat het bestuurlijk ketenberaad een dashboard gaat ontwikkelen. Ik moest denken aan oud-collega Knops van het CDA. Velen zullen hem nog kennen. Ik heb nog even het genoegen gehad om met hem in de Kamer te mogen zitten. Hij opperde vijf jaar geleden al: zou je niet een dashboard moeten maken, zodat je kunt sturen? Ik wil daarmee illustreren dat ik in de brief van de minister over het deltaplan eigenlijk best veel open deuren lees. Ik vraag me af wat er de komende tijd gaat veranderen. Ik was een beetje teleurgesteld over de passage over de algemene aanwijzingsbevoegdheid. Het is een uiteenzetting van hoe die algemene aanwijzingsbevoegdheid werkt. Dat weten we inmiddels echt wel. Het gaat om de vraag wanneer de minister bereid is om in te grijpen in de sturing en in de bedrijfsmatige processen. Ik heb hier meerdere brieven over gelezen, ook van de ambtsvoorgangers van deze minister. Die zijn er eigenlijk nooit toe bereid. Maar wat heeft het dan voor zin? Veroorzaakt dat niet onder andere bij het ketenberaad soms ook een houding van … Ik wil het niet "achteroverleunen" noemen, maar ik bedoel dat het feit dat men weet dat de bevoegdheid nooit wordt ingezet, natuurlijk ook maakt dat je soms een beetje een prikkel mist om de zaken daadwerkelijk aan te passen. Dan ga ik naar de foutieve tenaamstelling. Ik heb net geluisterd naar collega Faber. Zij benoemde er ook al het een en ander over. Ik dacht maar eens in het licht van tijd en warmte: ik ga niet herhalen wat anderen zeggen. Ik kan me daar goeddeels bij aansluiten. Maar mij baart met name zorgen — ik denk dat ik me daarbij moet richten tot de staatssecretaris — dat ambtenaren die geconstateerd hebben dat hier iets misgaat, zich kennelijk niet vrij hebben gevoeld om daarover te melden. Sterker nog, die meldingen daarover zijn niet op een juiste manier afgehandeld. Dat is wel buitengewoon ernstig. Ik vind dat we daar niet te snel aan voorbij moeten gaan, want het is juist goed als ambtenaren constateren dat er iets fout is in het proces. Dat "iets fout" kan zijn dat onschuldige mensen in de penarie komen, wat buitengewoon vervelend is. Maar die andere kant is ook buitengewoon vervelend, namelijk dat veroordeelden hun straf ontlopen. Ik ben benieuwd hoe de staatssecretaris daarnaar kijkt, maar ook naar hoe het ervoor staat. Het is mij volstrekt onduidelijk. Wij krijgen een getal tussen de 800 en 900. Ik krijg de indruk dat het om veel meer gevallen zou kunnen gaan. Maar een vraag die erachter wegkomt, is: hoe kan het nou dat de identiteit niet overeenkomt? Dat heeft er dan toch ook mee te maken dat iemand bijvoorbeeld een naam opgeeft bij staandehouding, maar dat dan bijvoorbeeld de legitimatie niet goed gecontroleerd wordt of dat niet goed gekeken wordt in een WKV — zo heet dat volgens mij — waar je kan checken wat iemands identiteit is. Ik ben wel echt benieuwd — daarmee sluit ik me aan bij collega Faber — hoe het ervoor staat, wat het probleem is enn hoe dit moet worden opgelost. Moet de rechter de mogelijkheid krijgen om een en ander te kunnen beoordelen? Dat vind ik op zich prima, maar ik maak me wel een beetje zorgen over de omvang van dit probleem. Dan ga ik over naar bewaken en beveiligen, voorzitter. In het jaarverslag wordt — dat zie ik nu al een paar jaar op rij — met enige lof gemeld dat het steeds beter gaat en dat van alles is opgetuigd, zoals een landelijk coördinatiecentrum en een nieuwe adviesfunctie voor de NCTV. Er wordt van alles genoemd. Maar toch even de realiteit, met respect en waardering voor ieders inspanning: de capaciteit om mensen die bedreigd worden te beveiligen, staat nog steeds onder druk. Ik ben nu vijf jaar Kamerlid, en het is niet heel veel anders dan vijf jaar geleden. Wat is er dan de oorzaak van, terwijl we er nu zo veel geld voor vrijmaken — het uitgelezen moment om dit vast te stellen is bij het jaarverslag — dat er zelfs geld overblijft en er soms onderuitputting is, terwijl de capaciteit toch zo onder druk blijft staan? Het is wel van belang om een wat dieperliggende analyse van de minister daarvan te horen. De gevolgen zijn soms heel groot, en daar kan ik over meepraten. Soms wordt één uurtje extra al afgewezen: "Kan niet, want er zijn geen mensen voor." Ik ben wel oprecht benieuwd hoe deze minister, die nu toch enige tijd op die mooie stoel zit, daarnaar kijkt. Want aan geld kan het dus niet liggen. Voorzitter. Dan de hack en de ICT van het OM. Ik heb kennisgenomen van het AcICT-rapport, dat er op verzoek van de Eerste Kamer is gekomen. Dat is best wel zorgwekkend. Het Openbaar Ministerie is in zijn uitingen ook zelf redelijk bezorgd. Hoe kijkt de minister hiertegen aan? Dat vraag ik met name ook in het licht van een keten die moet functioneren. Als je geen goede ICT hebt, wordt dat best ingewikkeld. Maar ik vraag het ook in het licht van een nieuw Wetboek van Strafvordering. Ik begin me oprecht af te vragen: hoe ga je iets nieuws implementeren als je je basis nu al niet op orde hebt en je nu eigenlijk al niet kan waarmaken wat je waar moet maken? Ik ben dus heel benieuwd of de minister iets kan zeggen over hoe hij dit ziet en of april 2029 haalbaar is. Voorzitter, nog twee punten en dan ben ik klaar. Er zijn twee aangenomen moties van mij over tipgeld. Die liggen er nu al enige tijd. Eén motie heb ik ingediend bij de slotwet. Ik begrijp gewoon niet waar het nu op hangt. De Kamer heeft twee keer een motie van mijn hand in ruime meerderheid gesteund. De motie vraagt om uit te gaan van bedragen van 1 miljoen euro voor de nationale opsporingslijst. Oké, ik begrijp best dat dit misschien wat te heftig wordt gevonden. Maar ik heb tijdens de stemmingen nog eens gekeken op de nationale opsporingslijst. Ik heb 'm hier voor me, want ik wil het gewoon graag concreet maken. Het is ook allemaal openbaar. Jos Leijdekkers staat erop. Op hem staat een hoog bedrag. Sami Bekal Bounouare staat erop voor €50.000. Dat zijn de enige twee op wie een bedrag staat, op alle anderen niet. Dat geeft gewoon een vreemd signaal, want waarom zet je ze anders op die lijst? Ik heb nu twee moties, en ja, moties moeten toch worden uitgevoerd. Er staan ook andere types op, die allemaal voortvluchtig zijn. Overigens, zeg ik tegen de collega's, viel mij op dat er toch zeker meerderen gezocht worden vanwege doodslag of moord op hun partner. Dat is toch iets wat veel de aandacht heeft. Kun je daar niet gewoon … Zet er wat bedragen op en verhoog dan van een van die gasten het bedrag wat. Dat is wat de motie vroeg. Ik hoop echt dat de minister mij nu kan toezeggen: er komt een brief en dit gaan we doen, meneer Ellian. Dan ziet de samenleving en dan weten deze gasten ook dat ze gezocht worden. Er staat ook een serieus bedrag op de tip die leidt tot de aanhouding. Want dit is nou een voorbeeld van het ondermijnen van de rechtsstaat. Daar wordt vrij weinig aan gedaan. Tot slot Preventie met Gezag. Daar zei u zelf net wat over, voorzitter. U noemde dat "afwezigheid van gezag", geloof ik. Ik heb een hele eenvoudige vraag. De VVD-fractie heeft hier jarenlang voor gewaarschuwd, ook mijn collega Ruud Verkuijlen, oud-politieagent. Ga nou niet het wiel opnieuw uitvinden. Ga niet betaald figuurzagen met een paar jongeren. Dat zijn allemaal interventies die geen zin hebben. Nu blijkt uit het tv-programma Zembla dat het een heel versnipperde aanpak is, waar fors geld aan wordt uitgegeven. Ik ben dus benieuwd hoe de bewindspersoon — de minister, denk ik — hiertegen aankijkt. Dat je iets moet doen om te voorkomen dat jeugdigen in de georganiseerde of zware criminaliteit terechtkomen is helder, maar dit lijkt totaal niet effectief. Tja, dan zul je er toch op een andere manier naar moeten kijken. Dat was 'm, voorzitter.

Versie 6e3c4ed400e8321c9b6c388779f83e9e63056af029c7758a7c3698d2c0287bc0 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.