KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Uitvoering sociale zekerheid

30 mrt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 223ae06ce566a304 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Mevrouw Palland (CDA): Dank, voorzitter. Uitvoering sociale zekerheid, leuker kunnen we het niet maken, makkelijker wel. Of niet? Dat is de vraag, want het is nogal een uitdaging. Negentien stukken op de agenda van vandaag gaan daarover: het aanpakken van hardheden, kan-bepalingen met ruimte voor een professional om zelf anders te besluiten als omstandigheden dat vragen of rechtvaardigen, gegevensuitwisseling om niet-gebruik tegen te gaan, complexiteit, communicatie en persoonlijke benadering. Er is veel in beweging en het is vooralsnog niet per definitie eenvoudiger of overzichtelijk. Voorzitter. Ik wil vandaag inzoomen op een paar punten, met als eerste de knelpuntenbrief, waarbij het kabinet oproept om hierover in gesprek te gaan. Ik wil er twee uitlichten. Als eerste: onder dienstverlening geeft het UWV als knelpunt aan dat de behoefte van de burger niet altijd centraal staat bij arbeidsmarktdienstverlening. Het UWV ziet dat socialezekerheidswetgeving niet altijd voldoende handvatten biedt om snel en effectief financiële ondersteuning of begeleiding aan burgers te bieden. Wetten en regelingen zijn veelal zeer specifiek, waardoor groepen tussen wal en schip vallen. Ondersteuning van de burger zou leidend moeten zijn en niet het type uitkering. Er zijn vaak meerdere loketten betrokken en een drietal ministeries. Ik heb hierbij twee punten. Als eerste: het UWV is bezig om de dienstverlening toegankelijker en persoonlijker te maken, dicht bij of dichter bij mensen zal ik maar zeggen. Maar vraagt dat dan niet ook om fysieke nabijheid? De fysieke locaties van het UWV concentreren zich, jawel, in de zogenaamde ruit van Alkemade. In het noorden, oosten en zuidwesten van Nederland zijn er veel minder locaties. Vanuit het rendementsdenken is één locatie per arbeidsmarktregio wellicht te verantwoorden, maar vanuit het perspectief van de burger zou nabijheid wenselijk zijn: niet 45 minuten autorijden, laat staan met het ov op locatie komen. Hoe kijkt de minister daarnaar? Zijn er mogelijkheden om wel fysiek nabij te zijn? Het hoeft natuurlijk niet altijd in een eigen UWV-kantoorpand, maar door het dichtbij te organiseren, in een gemeentehuis of de zogenaamde loopbaanwinkels zoals Borstlap suggereerde. Een tweede, wat meer fundamentele vraag is mij ingegeven naar aanleiding van een krantenpagina gisteren in het AD. Daarin stond een groot artikel met minister Wiersma over schoolmaaltijden. Daaronder stond een artikel met wethouder Heijkoop, woordvoerder participatie namens de VNG, die constateert dat minister Schouten in oktober 2022 5 miljoen euro voor schoolontbijten beschikbaar heeft gesteld. Vervolgens heeft minister Wiersma in december 2022 ook een groot plan over schoolmaaltijden gepresenteerd van 100 miljoen euro. En ondertussen is staatssecretaris Van Ooijen bij VWS bezig met het programma Gezonde School. Tijdelijke programma's, versnipperd, allemaal met de beste intenties, terwijl de onderliggende vraag is: lossen we hiermee de problemen structureel op? Voorzitter. Gemeenten roepen ons via de VNG op tot meer fundamentele herbezinning op het borgen en vormgeven van bestaanszekerheid met een maatschappelijk akkoord van Wassenaar. Ik heb zelf bij de begroting voor een omgekeerd akkoord van Wassenaar gepleit. De VNG heeft een omvangrijk essay gelanceerd, Bestaanszekerheid als belofte. Ik wil de ministers vragen, wellicht ook breder dan alleen vanuit dit departement, om met een inhoudelijke reactie te komen op dit essay, niet in de tweede termijn maar schriftelijk in een afzonderlijke brief, zodat we daarover met elkaar verder kunnen doorpraten. Een tweede knelpunt in de brief van het UWV zijn de verlofregelingen bij ouderschap: complexiteit van zes soorten verlofvormen die in hoogte, duur en opnamemogelijkheden allemaal verschillen. Burgers verliezen het overzicht, het creëert onzekerheid en het vraagt veel doenvermogen. Er wordt een toegankelijkheidstoets uitgevoerd, die hopelijk wat oplossingsrichtingen aandraagt. Wanneer mogen we deze verwachten? Voorzitter. We hebben de brief van de minister en de antwoorden op de vragen over de gezinnen die onder het bestaansminimum uitkomen ontvangen. Het probleem is groter dan gedacht. Circa 10.000 gezinnen komen door samenloop van regelingen onder het bestaansminimum uit. Dat moet opgelost worden; dat lijkt mij evident. De minister zegt binnen twee maanden met een uitwerking te komen. Dat is goed en nodig, maar om het dan nu concreet te maken, vraag ik het volgende. Voor een deel van de doelgroep lijkt het niet laten meetellen van een aanvullende bijstandsuitkering voor het toetsingsinkomen een oplossing, maar dat vraagt ook om aanpassing van wetgeving. Een uitvoerbaarheidstoets volgt nog. Wat is een reële termijn waarop we dit kunnen verwachten en waarop dit kan gaan werken? De gemeente Nijmegen is ondertussen zelf actief aan de slag gegaan en heeft gecompenseerd; hulde aan hen daarvoor. Zij hebben dus in ieder geval een praktische oplossing gevonden. Wat leren wij daarvan? Welke ruimte is er voor gemeenten? Ik neem aan dat het Rijk dit ook faciliteert of hierbij bijspringt als een soort tussenoplossing voor de structurele oplossing bij aanpassing van wet- en regelgeving. We lazen in de beantwoording van de tiende vraag dat er bij paren met een hoger netto-inkomen alsnog sprake kan zijn van een toetsingsinkomen waarbij er geen recht bestaat op het maximale bedrag voor huur- en zorgtoeslag. Zo'n echtpaar kan wel gebruikmaken van minimumregelingen van de gemeente, maar veel echtparen weten niet dat zij daar recht op hebben. Welke actie kan hierop gezet worden?

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.