statement · 2 apr 2024 · Tweede Kamer
Uitvoering sociale zekerheid
Brontekst
Minister Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit mij aan bij de begin- en de eindwoorden van minister Van Gennip en ook bij de opmerking van de heer Van Oostenbruggen. Er wordt in de praktijk ongelofelijk veel werk verricht door onze dienstverleners. Wij gaan daar soms weleens wat makkelijk overheen. We vinden het bijna normaal dat de AOW op de rekening staat, dat de kinderbijslag wordt uitgevoerd, dat de WW wordt uitgevoerd. Maar er zitten heel veel mensen achter die dat met heel veel bezieling doen. Ik denk dat we daar heel dankbaar voor mogen zijn. Ik wil in ieder geval ook even een compliment maken aan de Kamer; dat is niet om mij in te slijmen in dit debat. Er zijn wat technische briefings gehouden, ook door onze publieke dienstverleners. Dank ook voor de interesse van jullie kant. Ik denk dat het het beste is dat jullie als Kamer zelf horen waar zij nu tegenaan lopen, dus niet alleen via ons, maar ook uit eigen hand. Ik weet dat een aantal leden al op werkbezoek is geweest. Dat is erg gewaardeerd in de praktijk. Ik denk dat dat een manier is ... Het gesprek was soms doorspekt met dilemma's, zeg ik maar. We moeten dat blijven voeren om te kijken hoe we mensen het beste kunnen bereiken met regelingen die we hebben. Maar we moeten soms ook begrip hebben dat niet alles kan op elk moment en dat we daar met elkaar keuzes in moeten maken. Dat is volgens mij het gesprek dat we met elkaar moeten hebben. Voorzitter. Ook omwille van de tijd zal ik mij gelijk beperken bij de beantwoording van de vragen die door uw leden zijn gesteld. Ik heb het ook ingedeeld in een aantal blokjes. Het eerste zijn de vragen over de alleenverdieners. Dan de vragen over wat ik even noem de SVB. Dat is even breed. Het ging voor een deel over Atos maar ook over de ouderen; het was een vraag van mevrouw Keijzer. Dan het niet-gebruik van regelingen en nog een paar overige vragen die ik nog heb liggen. Allereerst het vraagstuk rondom de alleenverdieners. Een aantal van uw leden refereerde er al aan dat het een vraagstuk is dat al langer speelt en dat wij hebben opgepakt omdat het echt schrijnend is. Het gaat om mensen die uiteindelijk onder het sociaal minimum uitkomen doordat wij allerlei onbegrijpelijke samenlopen van regelingen hebben die voor individuele mensen echt verkeerd kunnen uitpakken. Wij hebben daar een aanpak op gezet die we op verschillende momenten met uw Kamer hebben gedeeld. Ik zal u even vertellen waar we nu staan. De gemeenten hebben zich bereid verklaard om ons mee te helpen om de mensen te bereiken die hiermee te maken hebben. Daar ben ik ze heel dankbaar voor. Zij hebben ons wel gevraagd: ga zo snel mogelijk werken met een lijst van mensen waar dit om gaat, want wij weten niet waar die mensen zijn. Ik heb aan de gemeenten gevraagd om in de tussentijd, voordat we de lijst hebben, proactief te proberen om mensen te vinden. Maar zij geven eerlijk aan — dat snap ik ook — dat het niet makkelijk is voor ze, want ze weten gewoon niet zo goed waar ze moeten beginnen. We hebben alle menskracht gezet op het samenstellen van die lijst. Daarvoor hebben wij gegevens nodig van de Belastingdienst, van Toeslagen en van het UWV. We zitten dus met elkaar drie databases te combineren om te zien hoe de mensen daar naar voren komen die hier waarschijnlijk mee te maken hebben. We willen dat zo snel mogelijk doen, maar het is echt een monsterklus. Ik hoop dat u daar begrip voor heeft. Je moet heel veel data tegelijkertijd gaan onderzoeken. De planning is nu dat we eind juni de lijst beschikbaar hebben voor de gemeenten voor de ondersteuning die we dan hebben. Dan kunnen ze heel gericht meteen met die lijst in de hand de mensen gaan benaderen, want dan hebben ze bij wijze van spreken de namen en de adressen. Dan kunnen ze op de specifieke situatie van de mensen ingaan om ze aanvullend ook de individuele bijzondere bijstand te geven. Daarnaast heb ik nu een wetsvoorstel in consultatie gedaan dat een soort overbruggingsregeling maakt vanaf 2025. Dan hoeven die gemeenten allemaal niet zelf meer te gaan zitten rekenen. Dan gaan we met een forfait werken dat zo hoog is dat we zo veel mogelijk daaronder willen laten vallen. Dat betekent voor sommige mensen overcompensatie, maar we maken die keuze juist op die manier om iedereen zo goed mogelijk te kunnen bereiken. Dat wetsvoorstel hopen we direct na de zomer hier in uw Kamer aanhangig te maken. Ik hoop dat we het dan ook snel kunnen behandelen, zodat we die forfaitregeling vanaf 2025 kunnen uitvoeren. Daarnaast moet er natuurlijk een fundamentele regeling komen. Dat hebben we ook steeds gezegd. Dit is natuurlijk ter overbrugging. We moeten een fundamentele regeling hebben om deze groep tegemoet te komen. Die zit in de fiscaliteit. Excuses dat het allemaal niet makkelijk is, maar dat is ook een kenmerk van dit vraagstuk. Die structurele regeling loopt mee in het Belastingplan voor 2025. Die fundamentele oplossing start wel pas in 2028, want zo veel tijd heeft de Belastingdienst nodig om het gewoon uitgevoerd te krijgen. Daar moeten de systemen voor worden aangepast. Maar dan hebben we die fundamentele regeling wel. De fundamentele regeling voor die groep zit 'm in het herintroduceren van de overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting, waar die eerder voor die groep werd afgeschaft, waardoor de ongelijkheid met de bijstand ontstond. Ik zie mevrouw Keijzer kijken. Ik probeer het zo eenvoudig mogelijk uit te leggen, maar het is heel ingewikkeld. Dat snap ik.
Versie ad19e022ffc21d2f0abc4b9f8069bd5d3257d9cb406518e53bbcc8453fdb4558 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.