KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 12 nov 2024 · Tweede Kamer

Pakket Belastingplan 2025 en het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de huurtoeslag (vereenvoudiging van de huurtoeslag) (36311)

Brontekst

Mevrouw Maatoug (GroenLinks-PvdA): Dit is echt heel brutaal. Mijn partij zit al best wel lang in de oppositiebankjes. Wij gaan terug naar het beleid van de VVD. We draaien alle plannen terug. Dit was staand beleid van de VVD zélf. Heel fijn, dan weten we dat het die mensen daar in die bankjes zijn die de economie kapot aan het maken zijn. Ik ben net heel netjes amendement voor amendement langsgegaan, maar ik kreeg geen enkele vraag. Bij het wetgevingsoverleg noemde ik punten en sprak ik over de wetgeving, maar ik kreeg geen enkele vraag. En dan krijg ik hier het verwijt van onnauwkeurigheid? Kom op, zeg! Wij maken het volgende punt. Het was de motie-Hermans, die hier werd ingediend. Het is de VVD die blijft draaien aan die knop. Het is de VVD die, als ze aan tafel zitten, maatregelen op tafel gooien die niet eens in het eigen verkiezingsprogramma zitten. Het is de VVD die met een eigen amendement vervolgens aan die knop gaat zitten draaien en dan hier aan de interruptiemicrofoon tegen mij gaat zeggen: nou, mevrouw Maatoug, ik weet niet of het nauwkeurig is. Dit is het perfecte bruggetje naar de btw, het perfécte bruggetje. Want de nauwkeurigheid die mevrouw Van Eijk de GroenLinks-PvdA-fractie in de oppositie — heerlijk extraparlementair! — verwijt, betracht men op geen enkele manier in de eigen plannen van het kabinet, dat wél een heel ministerie heeft. In die tabel stond: we gaan de btw verlagen of verhogen als een hervorming, zoals in het rapport staat. Maar men was vergeten het rapport goed te lezen. Want wat stond er in dat rapport? Daarin stond dat het ging over doeltreffendheid en doelmatigheid. Wat men toen gedaan heeft, is zonder goede onderbouwing gaan zitten kaarten. Ik ben niet zo goed in kaarten, dus ik weet niet of het klaverjassen was. Ik ga geen kaartspelletjes noemen, want dan zeg ik het verkeerd. Maar wat ze toen gedaan hebben, is uitzonderingen maken. Dus je begint met een wet en je zegt: ik wil het simpeler maken, want het is een grote hervorming. Vervolgens maak je 'm ingewikkelder door uitzonderingen. Daarna heb je met een heel ministerie achter je nagedacht tijdens een formatie, maar heb je alle grensgevallen niet in beeld. Dan hebben we een minister in een WGO die gaat zwaaien met een handboek dat zo ingewikkeld is. Dan vragen we: hé joh, heb je in kaart gebracht waar het nu opnieuw ingewikkeld is? Dat was een hele simpele vraag van de heer Stultiens; dat waren hele simpele vragen van de hele Kamer. Maar de antwoorden daarop komen niet. Wij proberen vervolgens een heel volwassen debat te voeren. We zeggen: hé kabinet, even een vraag; blijven die beleidsdoelstellingen voor sport, cultuur en regionale media eigenlijk overeind of komen die te vervallen? Geen antwoord. Ik snap niet hoe je dat kunt rijmen met de passage die ik net voorlas uit het regeerprogramma. Ik snap niet hoe je dat kunt rijmen met de lessen die we met elkaar geleerd hebben. Ik snap niet hoe je dat kunt rijmen met de vragen die ik net kreeg van mijn zeer gewaardeerde collega van de VVD. Want als je wel de oppositie dit kan vragen, terwijl je dit niet aan je eigen kabinet vraagt, waar zijn we dan met elkaar mee bezig? Voorzitter. Ik had deze opbouw gekozen om de volgende reden. Natuurlijk is het moeilijk met de btw. Natuurlijk vinden fracties iets anders. Maar dat was toch precies de les, dat je weet welke doelstelling overeind blijft staan en dat je gaat praten met het maatschappelijk veld? Ik las het net zo mooi voor: "burgers en ervaringskennis". Dat zijn de woorden van deze coalitie zelf in het regeerprogramma. En dan doe je het vervolgens niet! Je doet het niet en de schade is gigantisch, niet alleen voor mensen die willen bewegen, voor het verenigingsleven, waar we het al over hadden, voor de tennisles en voor korfbal, maar ook voor de regionale media en voor cultuur, de plekken waar mensen elkaar ontmoeten en nieuwe inzichten krijgen. Dat zijn precies de dingen die dit kabinet met zijn sloopkogel wil breken. Mijn vraag over de btw aan dit kabinet is: zijn de beleidsdoelen voor sport, cultuur en regionale media komen te vervallen? We lezen het namelijk nergens terug. We zien ook nergens flankerend beleid. Hoe zit dat? Voorzitter. Ik heb nog een paar vragen. Die doen we even in de turbo. Ze zijn namelijk blijven liggen. Ik heb er nog een keer naar gevraagd — we hebben het net over het WGO gehad — maar ik vind het toch heel belangrijk dat we ze langslopen. De eerste is aan mevrouw Keijzer en de heer Van Hijum. Hoeveel mensen gaan erop achteruit door de verlaging van de huurtoeslag en de verlaging van de algemene heffingskorting? We willen die kruistabel. We weten dat honderdduizenden mensen erop achteruitgaan door de verlaging van de algemene heffingskorting, ondanks de verlaging van de schijftarieven. We weten ook dat sommige mensen er flink op achteruitgaan door de aanpassing van de huurtoeslag. Wat vindt de minister van de samenloop van deze twee dingen? Hoe lopen de effecten? Voorzitter. Twee. Wat is de onderbouwing van de verwateringsregeling in de BOR, behalve een signaal uit de praktijk? Als je minder dan 5% bezit, hoe komt de bedrijfscontinuïteit dan precies in gevaar? Waarom heeft het kabinet niet overwogen om de verwateringsregeling te schrappen? Waarom wil het kabinet de grens van 5% niet toepassen op het niveau van de erflater of schenker? Als je het op het niveau van de verkrijger of erfgenaam toepast, kan je toch onder de 5% komen? Wat vindt het kabinet nou eigenlijk van die 5%? Zoals ik het zie, wordt het namelijk op alle manieren ondermijnd. Voorzitter, ik heb toch een minuutje langer nodig, anders ga ik heel snel. Verder over de BOR. Het kabinet heeft al meerdere keren gezegd niet overwogen te hebben de bezitstermijn bij overlijden te verlengen. Waarom niet? Is dat gewoon echt bij niemand opgekomen? Is het kabinet bereid het alsnog te doen? Het kabinet zegt dat het niet goed na te gaan is of er in 1981 sprake was van gevaar voor de continuïteit van familiebedrijven. Maar de toenmalige regering heeft er wel dingen over gezegd. Kan de minister misschien aan de Kamer vertellen wat de staatssecretaris toen zei over de mogelijkheid dat de erfbelasting de bedrijfscontinuïteit in gevaar bracht? De voormalige staatssecretaris zei namelijk: "Deze bewering wordt echter met geen enkel gegeven onderbouwd. (...) Er doen zich in de praktijk nagenoeg geen problemen voor, omdat de mogelijkheid van een betalingsregeling op grond van artikel 65 van de Successiewet 1956 soelaas biedt." Ziet de minister reden om te twijfelen aan deze woorden? Zo ja, waarom? Wat is er veranderd sindsdien? Waarom is die step-up nou eigenlijk nodig, vraag ik ook. Het kabinet zegt: "Zonder deze bepaling zou een Nederlandse dividendbelastingclaim kunnen ontstaan ter zake van voor de fusie of splitsing buiten Nederland ontstane winstreserves. Een dergelijk gevolg is ongewenst." Waarom is dat dan ongewenst? Hoe zit het in andere landen? Welke landen hebben nog meer zo'n step-up? Het kabinet zeg ook dat er geen step-up plaatsvindt "indien de fusie in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing." Maar hoe controleer je dat? Als de belastingontwijking een bijproduct is, is het dan wél prima? De laatste. Klopt het dat de schriftelijke beantwoording ten aanzien van de BES-wet alleen op basis van Nibud-berekeningen voor Bonaire is gebaseerd en niet op basis van gegevens in Sint-Eustatius en Saba? Als dat klopt, kunt u die dan ook doen toekomen? Want nu is er geen volledig beeld. Dat zeg ik ook in het kader van de weging van amendementen. Voorzitter. Echt tot slot: ik hoop heel erg dat de Kamer bijstuurt voor de werkende Nederlander.

Versie 35e02480395384cecf47e39ae66353b5d5c3046d86f94950c90f1053757fc306 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.