Uitspraak · 11 apr 2024 · Tweede Kamer
Kinderopvang
Brontekst
Minister Van Gennip: Voorzitter. Ook van mijn kant wederom dank voor een goed en inhoudelijk debat. Dank voor de richtingen die u hebt gegeven om na te denken over die 490 miljoen, maar ook over het nieuwe stelsel. We zullen daar ongetwijfeld nog vaker met elkaar over praten, maar dit geeft ons weer richting in hoe we verder kunnen. Ik denk dat het heel erg belangrijk is dat we met elkaar die stappen blijven zetten, juist omdat je een goede kinderopvang wil voor werkende ouders, misschien ook voor niet werkende ouders, en voor de ontwikkeling van de kinderen. Daar moeten we steeds de balans in vinden samen met de sector. En we willen echt toe naar een stelsel waarin we het risico, die onzekere toeslag en de zekere rekening, wegschuiven van de ouders. Het moet gaan om een zekerder toeslag versus een zekere rekening, zodat ouders echt meer toeslagen durven aan te vragen, niet geconfronteerd worden met hoge terugvorderingen en daarmee vaker gebruik gaan maken van de kinderopvang en heel veel minder last krijgen van hoge terugvorderingen. Met het van tevoren vaststellen van de arbeidseis kom je al een heel eind. Goed nadenken over hoe je inkomensafhankelijkheid vormgeeft, wat nog best complex is, is de andere stap. Op die manier gaan wij proberen de verschillende varianten uit te werken. Dan komen we op een gegeven moment, na de zomer, natuurlijk weer bij u terug, zodat we ook het juiste wetsvoorstel aan het uitwerken zullen zijn. Of ik dat dan ben of iemand na mij, zullen wij zien. Wij werken tot die tijd in ieder geval hard door. Dan waren er — nu heb ik lang genoeg gepraat om mijn ambtenaren te kunnen laten schrijven — nog een aantal concrete vragen. Ik heb hier allereerst de gegevensuitlevering. 90% van de kinderopvangorganisaties levert wel. 10% levert niet, niet continu of met fouten. Er zitten bijvoorbeeld fouten of omissies in burgerservicenummers. Bij die 10% die niet altijd of überhaupt niet levert, zitten ook grote organisaties. Het zijn dus niet alleen de kleinere organisaties of de gastouders, wat mensen al snel denken. Het is een vrij divers beeld. Daarom is het belangrijk dat we die gastouderorganisaties nu samen met de sector echt aan het stimuleren zijn. Dat zijn we overigens al twee jaar aan het doen. Vandaar dat ik in mijn brief heb geschreven dat we nu ook een boetebeleid aan het overwegen zijn als een soort stok achter de deur. De heer Flach vroeg: kunnen we ook de tarieven van de gastouders meenemen in het onderzoek naar waarom gastouders ermee stoppen? We vragen naar de oorzaken van de daling, dus als tarieven daar een rol in spelen, dan komt dat gewoon naar boven in dat onderzoek. Dus dan weten we dat ook. Er loopt overigens ook een onderzoek of er begint een onderzoek naar de structuur, niet de hoogte, van de kosten van gastouders, omdat we dat nodig hebben ter voorbereiding van het nieuwe stelsel en ter voorbereiding van de keuze voor wel of geen prijsregulering. Private equity. Laat ik allereerst zeggen: ik deel de zorg van mevrouw Maatoug. Ik heb hier eerder gewisseld dat we de uitkomsten van die onderzoeken hebben gezien, maar daar zie je toch niet alles in. Dus we moeten daar alert op blijven. Ik ga even schakelen met mijn collega Van Rij om te vragen welke discussies daar plaatsvinden. Dat lijkt me een hele goeie. En dan komen we even terug op de vraag wat daar speelt, wat wij in de kinderopvang zien, of het nodig is om een nieuw onderzoek te doen of dat we dat meer in het brede fiscale onderzoek mee moeten nemen. Dat kan ik me ook voorstellen, want dat gaat meer over constructies die je wel of niet wilt, dan over wat je ziet. Maar ik deel de zorg. Het is niet iets waarbij ik alleen maar naar oude onderzoeken wil verwijzen. Ik herinner mij de inbreng van de SP destijds. Toen zei ik: ik kan me wel voorstellen dat u die zorgen hebt. Toen kwam de Kamer gezamenlijk op en zei: wij delen deze zorgen. Die zorgen zijn er natuurlijk gewoon nog steeds en die willen we adresseren. Maar ik weet niet of een volgend onderzoek gaat helpen of dat we het meenemen in de voorbereiding, waar we mee bezig zijn, van op weg naar een nieuw stelsel met wel of niet een prijsplafond en prijsregulering. Waar moet je dan op letten? Om aan die zorg tegemoet te komen neem ik het liever mee in dat traject en het meer algemene traject van collega Van Rij.
Versie 03350668072d38f1c37c4a5334deeb38e87dc1c96bce6ee897da84ddbc77b86b · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.