KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 1 okt 2026 · Tweede Kamer

Spoorgoederenvervoer

Brontekst

Staatssecretaris Bertram: Meneer De Hoop, uw commissie kan ervan overtuigd zijn dat we dit ook doen, samen met Defensie. Voor ons is dit belangrijk. Om twee redenen is het van belang. De combinatie met militaire transporten biedt weer nieuwe mogelijkheden voor het goederenvervoer. We zouden niet echt intelligent bezig zijn als we dat niet benutten. Dat is een dubbele ontkenning, maar goed. We gaan dat dus doen. Tegelijkertijd is het van belang omdat Brussel er serieus geld voor uittrekt en dan moet je er ook zitten. Voorzitter, u had zelf een vraag over de fast track. Het ministerie van Defensie is voornemens om in november een reactie te geven op de motie-Van Lanschot. Wij kijken uiteraard mee, want voor ons is die motie net zo van belang. Er zitten immers meekoppelkansen in de plannen van Defensie ten aanzien van het ontplooien van activiteiten in de verschillende regio's. We houden dat samen dus goed in de gaten. Voorzitter, dan vroeg u nog of in beeld wordt gebracht hoeveel extra spoor- en emplacementcapaciteit er nodig is voor de militaire opgaven en de Europese havenstrategie. Specifiek voor de militaire mobiliteit is het van belang om het rapport Tijd om te handelen van Christophe van der Maat mee te nemen. Daar ben ik zelf druk mee doende, samen met de staatssecretaris van Defensie. We hebben nu een integrale mobiliteitsanalyse. We zijn ook aan het kijken naar wat dit betekent voor de capaciteit op het spoornetwerk en de emplacementen. In de Maasvlakte investeren we al 130 miljoen. We zijn bezig met spoorverlengingen. Die zijn ook voor Defensie super van belang; ook 200 miljoen. In Deventer zijn we bezig met die 740 meterlijn. Wat we ook doen — ik zei het u net al — is: samen naar de Europese Commissie en ook samen naar de hotspotverkenningen, want daar zitten die corridors in. Dat zijn de momenten — dat is misschien nog een extra antwoord aan de heer De Hoop — waarop je er moet zijn, als die hotspots worden aangewezen. Want die zijn natuurlijk voor ons super van belang, ook financieel gezien. Dan was er nog een vraag van de voorzitter over de dualuse-infrastructuur en hoe we daar nou precies naartoe gaan. Misschien is het makkelijkste om te zeggen dat we het Nationaal Plan Militaire Mobiliteit en het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie echt in samenhang bekijken en dat we die ook een plek geven in de MIRT-systematiek. Het is voor ons van belang om de defensiegereedheid een plek te geven bij de opgaveduiding. We sturen half oktober de brief over het afweegkader naar de Kamer. Daarna hebben we de begrotingsbehandeling. Dan zitten we gelijk in week 2 of 3, zeg ik uit mijn hoofd, in alle MIRT-overleggen met de regio's. Dan zorgen we ervoor dat dit echt onderdeel is van die gesprekken. Ik had nog de vraag van de heer De Hoop — volgens mij heb ik die al beantwoord — of we wel voldoende doen in Brussel. Ja, we doen wat we kunnen doen. Tot slot was er nog de vraag van de heer De Hoop — die doe ik nog even, voor de zekerheid — of er in het afweegkader ruimte komt voor spoorgoederen en militaire mobiliteit. Ik heb u in de verschillende debatten toegezegd dat we bij dat afweegkader met Defensie samen zouden optrekken. Dat is eerlijk gezegd samen met Defensie ook uitdokteren hoever zij al zijn, want sommige plannen moeten nog verder uitgewerkt worden. Daar waar het kan, zijn we in ieder geval al eerste stappen aan het zetten.

Versie d3058ef9faa3d6bb0b380b81d7b8aea760323c6c93341e4d60b2d8ed62138d2c · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.