KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 19 jan 2026 · Tweede Kamer

Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis

Brontekst

Minister Paul: Voorzitter, dank u wel. Ik ga mijn uiterste best doen om de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden. In de eerste plaats wil ik u, voorzitter, en de aanwezige leden bedanken dat we dit wetsvoorstel op zo'n korte termijn kunnen behandelen in dit wetgevingsoverleg. Ook dank aan mijn collega, de staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijk Zorg, en haar team voor de samenwerking op dit dossier en haar aanwezigheid bij dit overleg. Met name vragen over de uitvoering door de SVB zullen worden beantwoord door de staatssecretaris vanuit haar rol als opdrachtgever van de SVB. Voorzitter. Meerdere leden, ik geloof alle leden, hebben het proces rond dit wetsvoorstel aangestipt en hun ongenoegen daarover uitgesproken. Ik snap dat heel goed. Het proces is anders gelopen dan eerder gedacht en daarom zijn de vragen die uw Kamer heeft gesteld heel begrijpelijk. Het kabinet heeft op 9 december 2025 uw nadere vragen zo spoedig en volledig mogelijk beantwoord. Het krappe tijdpad en hoe een en ander is verlopen verdienen geen schoonheidsprijs. Dat heb ik ook in mijn eerdere brieven duidelijk aangegeven; de heer Flach refereerde daar al aan. Ik zal hier in mijn tweede blokje nader op ingaan. Tegelijkertijd wil ik hier het dilemma schetsen waar ik ook gewoon mee te maken heb. Als we hadden gewacht met stappen zetten, dan had het nog een hele tijd geduurd voordat we tot uitvoering over zouden kunnen gaan. De heer Neijenhuis schetste in zijn inbreng ook dat soms wetten worden aangenomen waarna we twee of drie jaar en soms nog langer moeten wachten tot ze goed en wel geïmplementeerd kunnen worden. Daarom nogmaals onze dank dat we vandaag dit wetsvoorstel kunnen behandelen. Het wetsvoorstel dat we behandelen betreft een aanpassing van de Regeling dienstverlening aan huis. De Centrale Raad van Beroep, de hoogste bestuursrechter in socialezekerheidszaken, heeft in maart 2023 helder gemaakt: de huidige wet leidt voor werknemers die zorg verlenen vanuit de pgb tot ongelijke behandeling van vrouwen, en dit is niet toegestaan. Aanpassing is daarom noodzakelijk. Dit wetsvoorstel regelt dat. Het gaat om pgb-zorgverleners met een arbeidsovereenkomst van minder dan vier dagen per week. Dit wetsvoorstel verbetert hun rechtspositie, in lijn met de uitspraak van de rechter. Deze wet legt het recht op een uitkering uit de werknemersverzekering wettelijk vast en het verbetert ook op andere punten de rechtspositie van deze zorgverleners, bijvoorbeeld als het gaat om loondoorbetaling bij ziekte, verlofregelingen, scholing, ontslag en de Wet flexibel werken, die in de Regeling dienstverlening aan huis wordt beperkt.

Versie cfa399cb14de624b5cf96186a987ab8c1c6a5b58b112d426b2d7b7240830a778 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.