Uitspraak · 1 apr 2026 · Tweede Kamer
Wijziging van de Wet educatie en beroepsonderwijs en een aantal andere wetten in verband met het verbeteren van de aansluiting van het beroepsonderwijs op de arbeidsmarkt (verbetering aansluiting beroepsonderwijs-arbeidsmarkt) (36670)
Brontekst
Mevrouw Raijer (PVV): Dank u wel, voorzitter. Het mbo moet doen waarvoor het bedoeld is: mensen opleiden voor het werk dat Nederland nu nodig heeft, waarbij vakmanschap en kwaliteit weer centraal moeten staan. Dit wetsvoorstel zet stappen in de goede richting: meer ruimte voor de praktijk, sneller opleiden van mensen met ervaring en meer flexibiliteit in het onderwijs. Daar zijn wij dus helemaal voorstander van. Dat zijn we ook van keuzevrijheid. Studenten moeten invloed hebben op hun opleiding. Instellingen moeten kunnen inspelen op de arbeidsmarkt. Maar dit mag niet ten koste gaan van de kwaliteit. Daarom vraag ik de minister: kan zij garanderen dat deze wetswijziging op geen enkele manier leidt tot kwaliteitsverlies in het onderwijs? Het begint met flexibilisering van de onderwijstijd. Meer ruimte betekent dat studenten eerder in contact komen met de praktijk. Dat helpt bij het maken van keuzes en kan uitval verminderen. Dat is positief. Meer vrijheid betekent ook dat instellingen hun onderwijs anders gaan invullen. Daar zit het risico, want als die vrijheid niet goed wordt begrensd, ontstaan er verschillen tussen opleidingen. De ene opleiding is dan stevig en praktijkgericht en de andere minder intensief en minder begeleid. Dat mogen we niet laten gebeuren. Hoe gaat de minister voorkomen dat er kwaliteitsverschillen ontstaan tussen instellingen? Welke harde, landelijk geldende kwaliteitsnormen zijn er? Een mbo-diploma moet namelijk overal dezelfde waarde hebben. Dan de verkorte opleidingen. Wij steunen dat mensen met ervaring sneller door een opleiding kunnen gaan. Dat is logisch en nodig in een krappe arbeidsmarkt, maar ook hierbij geldt dat snelheid nooit ten koste mag gaan van kwaliteit. Als instellingen zelf bepalen wie versnelt en hoe dat gebeurt, ontstaat weer het risico dat dit verschillend wordt toegepast. Dat kan leiden tot verschillen in niveau terwijl het diploma hetzelfde blijft en dat vinden wij wel onacceptabel. Het eindniveau moet overal gelijk zijn, ongeacht de route die iemand volgt. Mijn vraag aan de minister is dan ook hoe concreet wordt geborgd dat verkorte opleidingen nooit leiden tot een lager of verschillend eindniveau. Dan de keuzedelen. Wij zijn voor keuzevrijheid. Studenten moeten invloed hebben op hun opleiding en instellingen moeten ruimte hebben om in te spelen op regionale behoeften — dat is een sterke ontwikkeling — maar keuzevrijheid zonder duidelijke kaders kan natuurlijk ook doorslaan. Dan ontstaat het risico dat keuzedoelen worden gekozen omdat ze makkelijk of goedkoop zijn of goed passen in het rooster en niet omdat ze inhoudelijk iets toevoegen. Dat is niet de bedoeling. Keuzedelen mogen geen vrijblijvende opvulling zijn, maar moeten aantoonbaar bijdragen aan vakmanschap en directe inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Daarom vraag ik de minister welke waarborgen ervoor zorgen dat keuzedelen op elke instelling inhoudelijk, sterk en relevant blijven. De mogelijkheid om losse onderdelen van opleidingen aan te bieden, is een goede stap, die erbij helpt om inhoudelijk relevant te blijven. Voor werkenden en zijinstromers is dit essentieel. Niet iedereen kan een volledige opleiding volgen, terwijl er wel behoefte is aan gerichte ontwikkeling. Dat past ook bij de huidige arbeidsmarkt. Ook betere data over baankansen helpen om keuzes te maken en opleidingen scherp te houden, maar ook hier geldt weer dat flexibiliteit niet mag leiden tot versnippering van kwaliteit, want ook de losse onderdelen moeten voldoen aan dezelfde standaard als die van volledige opleidingen. Hoe wordt geborgd dat deze onderdelen dezelfde kwaliteit en waarde hebben als het reguliere onderwijs? Voorzitter. De kern is helder. Wij zijn voor keuzevrijheid en voor flexibiliteit, maar er is één harde voorwaarde: overal moet dezelfde hoge kwaliteit blijven gelden. Meer ruimte mag nooit leiden tot minder kwaliteit en meer keuze mag nooit leiden tot minder vakmanschap. Dank u.
Versie 57da611e1d06a0906280f7f59c33048f4d984e08ed70b2e28818fd208a686b15 · Officiële bron.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Annette Raijer