Uitspraak · 1 apr 2026 · Tweede Kamer
Wijziging van de Wet educatie en beroepsonderwijs en een aantal andere wetten in verband met het verbeteren van de aansluiting van het beroepsonderwijs op de arbeidsmarkt (verbetering aansluiting beroepsonderwijs-arbeidsmarkt) (36670)
Brontekst
Mevrouw Biekman (D66): Voorzitter. Een paar weken gelegen was ik met collega Armut in de Brabanthallen bij Skills The Finals. Dat is de plek waar ruim 600 vmbo'ers en mbo'ers uit heel Nederland hun vakmanschap laten zien. Er waren onder meer tegelzetters, meubelmakers, automonteurs en koks. Er waren 57 vakwedstrijden. Het was echt heel indrukwekkend. Voorzitter. Er wordt weleens gezegd dat je 10.000 uren in iets moet steken om expert te worden, maar ik denk dat dat helemaal niet klopt. Het gaat namelijk niet alleen om de uren, maar ook om de kwaliteit van die uren, met gerichte oefening en goede begeleiding. Dat is precies wat ik zag in de Brabanthallen: leerlingen en studenten aan het begin van hun carrière, met geweldig vakmanschap. Collega Van der Plas had het er net ook over. Dat is echt heel mooi en geweldig om te zien. Je ziet daar gewoon de samenleving in het klein: de kapper, de timmerman, de autogarage en de patisserie. Voorzitter. In mijn maidenspeech heb ik gezegd: ik sta hier niet ondanks het mbo, maar dankzij het mbo. Schrijver en docent Karim Amghar noemt het weleens "het meest belangrijke onderwijs". Hij heeft gelijk. Het zijn de mbo'ers die de huizen bouwen waar heel Nederland om schreeuwt, die werken aan groene stroom van Nederlandse bodem, die onze ouders verzorgen en die onze kinderen opvangen. Maar zo cruciaal als mbo'ers zijn, zo weinig ruimte krijgt het mbo om zichzelf te vernieuwen. In het hbo en in het wo is er ontzettend veel vrijheid om onderwijstijd in te vullen, maar in het mbo schrijft de wet voor hoeveel uur precies er lesgegeven moet worden, terwijl juist in het mbo de grenzen tussen school en praktijk vervagen. Neem het Regionaal investeringsfonds mbo, waar dit kabinet opnieuw in investeert. Het gaat om 21.000 bedrijven die samen met scholen jaarlijks bijna 70.000 studenten begeleiden. Het gaat om bedrijven en roc's die samen hybride leeromgevingen bouwen met de nieuwste technologieën, zodat elke mbo'er vanaf dag één mee kan draaien in het bedrijf. Dat is de toekomst van het mbo. De huidige wet past daar niet bij, en dat moet veranderen. Het mbo verdient meer vertrouwen in de docenten en onderwijsteams, die elke dag voor de klas staan, meer ruimte en samenwerking met het regionaal bedrijfsleven, zorginstellingen, scholen en andere initiatieven. Als het mbo werkelijk als het meest belangrijke onderwijs gezien wordt, moeten we het ook zo behandelen. Daarom steunt mijn fractie deze wet. Ik wil mijn inbreng vandaag richten op drie elementen uit de wet: de urennorm, de keuzedeler en de beroepsbegeleidende leerweg. De collega's hebben het er ook al over gehad. Voorzitter. Over de urennorm is in het verleden veel te doen geweest; ik hoorde dit onderwerp ook al bij de collega's voorbijkomen. Voor 2014 kregen mbo-studenten soms amper les. De urennorm was uiteindelijk de oplossing, maar wij horen ook dat diezelfde urennorm inmiddels knelt. Onderwijsdiensten willen echt ruimte om te kunnen innoveren en om samen te werken met bedrijven, maar lopen vast in de regels, die gewoon niet meer passen. Studenten hebben aangegeven dat ze soms onnodig in de klas zitten om de uren maar vol te maken. Laat ik helder zijn over wat deze wet wel en niet doet. Het totale aantal uren verandert niet, als ik het goed begrijp: het onderwijsprogramma blijft 1.000 uur per jaar en de studiebelasting blijft in totaal 1.600 uur. Ook blijft minimaal driekwart van de onderwijstijd bestaan uit begeleide onderwijstijd en stages. Ook blijft bij de flexibele uren het onderwijsteam verantwoordelijk voor de voorbereiding en begeleiding. Ik neem echter de zorgen die de ouders en sommige vakbonden hebben gesteld heel serieus. Daarom heb ik de volgende vragen aan de minister. Kan de minister uiteenzetten hoe de inspectie precies toezicht houdt op de invulling van de flexibele uren? Als een opleiding de flexibele uren invult met activiteiten die niet bijdragen aan de onderwijskwaliteit, welke instrumenten heeft de inspectie dan om in te grijpen? Voorzitter. De huidige wet kent ook een mogelijkheid waarmee onderwijsteams gemotiveerd kunnen afwijken van de urennorm mits de studentenraad instemt en de kwaliteit geborgd blijft. Deze mogelijkheid is er al jaren, maar deze wet schrapt die. Ik begrijp de redenering dat door de nieuwe flexibele uren die afwijkingsmogelijkheid eigenlijk niet meer nodig is, maar ik heb toch een vraag aan de minister. Wil de minister bevestigen dat onderwijsteams met deze wet per saldo meer ruimte krijgen en niet minder? Met het vervallen van deze mogelijkheid vervalt ook het instemmingsrecht van de studentenraad. Op welke manier denkt de minister deze te borgen? Voorzitter. Dan de stages. De wet stelt 250 uur stage per studiejaar verplicht. Ik begrijp dat het bevoegd gezag die uren mag verdelen over de gehele studieduur. Kan de minister dit expliciet bevestigen of toelichten? Er zijn namelijk nog wel wat onduidelijkheden hierover. Dan iets over de uitvoering. Het mbo bereidt zich nu voor op het schooljaar 2026/2027. Ik zag dat de wet in 2027 in zou moeten gaan. Beoogt de minister echt een inwerkingtreding in 2027? Hoe ziet de overgang er in de praktijk dan uit voor schoolteams die zich nu al voorbereiden op het volgende schooljaar? Daarnaast heb ik begrepen dat de SVB nog een uitvoeringstoets moet doen. Wanneer verwacht de minister dat deze toets komt? Voorzitter. Over de keuzedelen ben ik positief: meer keuzevrijheid voor studenten, minder bureaucratie en sneller inspelen op de arbeidsmarkt. Maar de keuzevrijheid is alleen iets waard als je ook weet wat je kunt kiezen. Studenten moeten dus weten waar ze die keuzedelen kunnen vinden. In het hbo en het wo kunnen studenten via Kies Op Maat minoren van verschillende instellingen vergelijken, maar in het mbo moeten studenten eigenlijk alle websites langsgaan en de instellingen aflopen op zoek naar een keuzedeel. Wil de minister daarom met de sector afspraken maken over hoe het aanbod van keuzedelen transparanter en beter vindbaar wordt gemaakt? Voorzitter. Dan de verkorte opleiding. De wet biedt daar ruimte voor aan zijinstromers. Dat is mooi, want zo kunnen zij op een snellere manier hun diploma behalen. Er valt wel nog steeds veel winst te behalen. Ik denk hierbij bijvoorbeeld aan de ervaren politieagent die wil omscholen naar de techniek. Een van de verplichte vakken is dan burgerschap. Hij zou daar geen vrijstelling voor kunnen krijgen omdat dit een verplicht vak is, terwijl hij eigenlijk bijna zelf voor de klas zou kunnen staan om die burgerschapslessen te geven. Daarom de volgende vraag aan de voorzitter. O nee, aan de minister. Hoe ziet de minister dit, ook gezien de eerder aangenomen motie van collega Tseggai over vrijstellingen? Ziet zij iets in een specifieke regeling voor toelatingseisen en vrijstellingen voor ervaren zijinstromers van bijvoorbeeld 27 jaar of ouder? Kan zij daarin de bbl-pilot voor zijinstromers van HMC, ROC Midden Nederland, CBM, ActiZ en Wij Techniek meenemen? Laat ik daarbij wel duidelijk zijn: het gaat mij hier om maatwerk voor mensen met ervaring, en niet om het verlagen van de lat. Ik vraag me ook af hoe deze verkorte trajecten zich verhouden tot het bestaande niet- bekostigde aanbod. Voorzitter. Dan de loopbaanbegeleidende leerweg. Die maakt het makkelijker om een deel van de opleiding te volgen, en dat is goed, maar die leerweg is niet bekostigd. Mijn fractie ziet hier kansen voor de stappen die we kunnen zetten naar een systeem van leerrechten en een nieuwe infrastructuur voor Leven Lang Ontwikkelen. Ziet de minister dit ook zo? Tot slot, voorzitter. Ik begon met Skills The Finals in de Brabanthallen bij de studenten die lieten zien wat goede oefening, begeleiding en praktijkervaring opleveren. Het gaat dus niet om 10.000 uur ergens tegenaan gooien, maar om gericht leren. Het mbo is het belangrijkste onderwijs van Nederland. Laten we het dus ook zo behandelen. Deze wet zet een goede stap die kant op, en D66 steunt deze van harte. Dank u wel, voorzitter.
Versie 57da611e1d06a0906280f7f59c33048f4d984e08ed70b2e28818fd208a686b15 · Officiële bron.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.