Begroting Sociale Zaken en Werkgelegenheid (36200-XV) (1e termijn Kamer)
Brontekst
Versie 074288252c263ea2 · officiële bronMevrouw Palland (CDA): Ik had net een dropje in mijn mond gedaan, maar daar kom ik vast overheen. Dat is overigens ook tegen de kriebelhoest, maar ik zal met mijn bijdrage beginnen, voorzitter. Hoe vinden we weer meer gemeenschapszin? We leven in een extreem individualistische tijd, verzucht Robert Putnam, socioloog en emeritus-hoogleraar aan de Harvard Universiteit, in zijn interview in Trouw van afgelopen oktober. Putnam is de schrijver van onder andere Bowling Alone en The Upswing. De grote problemen van deze tijd, zegt hij, kunnen we eigenlijk alleen samen oplossen, zoals een pandemie en de oorlog in Oekraïne, maar ook de klimaatcrisis, het ultieme wij-probleem. Niemand kan het klimaat in z'n eentje redden, hoe rijk je ook bent. Ook de pandemie confronteerde ons met de noodzaak van solidariteit. We zijn afhankelijk van elkaar. Tot de jaren zestig van de twintigste eeuw ontwikkelden westerse landen en ook de Verenigde Staten steeds meer gemeenschapszin. Er kwamen verenigingen, vakbonden en sociale voorzieningen. Vrouwen kregen stemrecht. De ongelijkheid nam af. Dit was in tegenstelling tot het idee in de maatschappij van "survival of the fittest", ieder voor zich. De tegenbeweging hierop begon interessant genoeg in de kerken, met theologen die zeiden: "Die focus op jezelf is totaal gestoord. Lees eens de Bergrede, waarin Jezus zegt: bekommer je om de ander en niet om jezelf." Ook in de katholieke kerk ontstond er een sociale beweging onder paus Leo XIII, die zich het lot van arbeiders aantrok in zijn beroemde encycliek Rerum Novarum. We kennen ook het opkomen voor de kleine luiden. Wat we nodig hebben, is reflectie op onze verantwoordelijkheid voor elkaar en wat we daar zelf aan kunnen bijdragen. Putnam zei: jij hebt talenten, maar gebruik die niet voor jezelf, maar voor je land en voor de wereld. We zouden weleens aan het begin kunnen staan van een nieuwe opleving van gemeenschapszin. Voorzitter. Wij zijn allemaal mensen met talenten en mensen met verschillen. Dat maakt dat we elkaar kunnen aanvullen, verschillende perspectieven kunnen inbrengen en taken kunnen verdelen, aansluitend bij de talenten en de deskundigheden die er zijn. We weten het: gemengde teams doen het beter. En toch: er is een groot tekort op de arbeidsmarkt, terwijl er grote groepen mensen zijn die er nog steeds niet tussen komen, mensen met talenten. Ik realiseer me dat het niet iedereen lukt om bij een werkgever vol aan de bak te gaan, maar ik ben er wel van overtuigd dat we nu veel potentieel onbenut laten. Daarbij wil ik focus leggen op de waarden en de talenten van mensen. Ik wil mensen aanspreken, aanmoedigen, ondersteunen om mee te doen, om talenten in te zetten, om een steentje bij te dragen. Ik wil werkgevers ook oproepen om daar meer in te doen, om weg te blijven bij de race naar de bodem en naar de laagste kosten op arbeid, en bij het enkel selecteren van het schaap met de vijf poten en de rest afwijzen. We moeten inzetten op modern werkgeverschap. Ik heb het al vaker genoemd. Wat het CDA betreft is dat geen oproep vanuit de overheid dat iedereen alleen maar goed of lekker bezig is als hij fulltime werkt. Er kunnen meerdere redenen zijn waarom mensen dat niet kunnen of willen: vanwege beperkingen, vanwege gezin, vanwege zorg- of mantelzorgtaken of vanwege andere keuzes. Dat moeten we niet diskwalificeren en daarover moeten we ook niet neerbuigend doen. We moeten wel zorgen dat meer werken gewoon loont en de keuze en ruimte daarin aan de gezinnen laten. Daarnaast moeten we inzetten op innovatie, automatisering en robotisering om onder andere de arbeidskrapte op te vangen. Voorzitter. Wat mij betreft leidt het voorgaande tot een gezamenlijke agenda van overheid en sociale partners om hierop in te zetten, om veertig jaar na het Akkoord van Wassenaar met een spiegelbeeldige agenda aan de slag te gaan. In 1982 was de werkloosheid heel hoog en het economische tij was slecht. Werkgevers en werknemers kwamen tot een akkoord. Het was een eenvoudige afspraak op anderhalf A4'tje: loonmatiging voor werktijdverkorting. Dat leidde tot een betere internationale concurrentiepositie van het bedrijfsleven en het leidde tot meer werkenden, decennialang. Nu is de situatie volstrekt anders. De arbeidsmarktkrapte is heel hoog, we hebben te maken met een enorme inflatie en er zijn grote maatschappelijke opgaven. Het is tijd voor een nieuwe, herijkte agenda met wat ons betreft deze keer drie partijen: werkgevers, werknemers, maar ook het kabinet. Die agenda moet vormgegeven worden langs vier speerpunten. Als eerste betreft dat de verhoging van lonen, want vakmanschap moet beloond worden. Om daarbij een loon-prijsspiraal te voorkomen, zal je dat mede moeten financieren vanuit lagere lasten op arbeid. Dat leidt weer tot een belastinghervormingsopgave. Het tweede punt is inclusief werkgeverschap. Een extra inspanning van werkgevers jegens mensen die nu ook nog niet aan de slag komen: mensen met een arbeidsbeperking, langdurig werklozen, 50-plussers, nieuwkomers en de groep "beschikbaar maar niet gezocht". Werkgevers kunnen het zich ons inziens niet meer veroorloven om deze mensen af te wijzen. We moeten het ons als samenleving vooral ook niet willen veroorloven. Inclusiviteit is geen gunst, maar voorwaardelijk voor de gemeenschap, zo sprak mijn collega René Peters nog vorig jaar bij de begroting van SZW. Het derde punt betreft de verlaging van de marginale druk. Dat moedigt deeltijders aan om meer te werken, zonder te pushen op voltijdswerk voor iedereen. Dat werkt natuurlijk denivellerend en daarom zal ook dat punt moeten worden ingepast in de bredere belastingaanpassing, waarbij eenvoud, transparantie en het stoppen van het rondpompen van geld vooropstaan. Als laatste en vierde punt: de krapte van nu mag niet afleiden van de noodzaak tot het investeren in een leven lang ontwikkelen en in verduurzaming. Maak gezamenlijke afspraken over investeringen vanuit de loonsom door werkgevers, over een bijdrage vanuit de overheid met leerrechten en over toerusting voor technologische vernieuwing en duurzaam werk. Voorzitter. Op een aantal van deze punten is het kabinet al wel aan de slag of zijn er voorstellen gedaan, maar nog niet integraal. Uiteraard zijn sociale partners hierbij zelf ook aan zet. Ik zou deze omgekeerde agenda, 40 jaar na Wassenaar, graag willen meegeven aan beide ministers. Ik ben uiteraard ook zeer benieuwd naar een reactie van de ministers hierop.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.