KamerkringInloggen
← Verkenner

Uitspraak · 6 okt 2026 · Tweede Kamer

Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI)

Brontekst

De heer Schenk (FVD): Hartelijk dank, mevrouw de voorzitter. Het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie, het NADI, moet Nederlandse uitvindingen die de wereld fundamenteel kunnen veranderen, helpen om tot volle bloei te komen. Nederland heeft op dat vlak een roemruchtige geschiedenis. Wij denken aan de atlas, de telescoop, de microscoop, de cassette, de cd, de dvd, bluetooth en wifi. De omschakeling van uitvinding naar algemene ingang kan inderdaad lastig zijn, zo bewijst het voorbeeld van de onderzeeër. Al in de jaren twintig van de zeventiende eeuw bouwde de Alkmaarse Cornelis Drebbel drie volledig functionerende onderzeeërs, maar zijn opdrachtgever, de Engelse admiraliteit, zag er niets in. Het zou dan ook tot 1864 duren, eer voor het eerst een onderzeeër met succes militair werd ingezet. In Drebbels geval gingen er twee dingen mis. Voor het eerste probleem, de omslag van prototype naar inzet, lijkt het NADI uitkomst te bieden. Rond het tweede probleem hebben wij meer zorgen. Drebbel werkte niet voor onze eigen Staatse vloot, maar voor de Royal Navy. Wij lezen in de stukken dat ook het werk van het NADI een duidelijk internationaal karakter zal dragen, waarbij het de bedoeling is om talent uit het buitenland te halen. Daarbij zal Engels de voertaal zijn. Dat lijkt FVD een slecht idee. Nederland is geen economische zone, geen team, zoals de premier graag roept; Nederland is een land met een volk en een taal. Het verdient instituties die dat versterken in plaats van afbreken. Het is hoe dan ook een gotspe om te denken dat een volk als het Nederlandse, dat zo veel heeft bereikt en zo veel slims en moois heeft gebouwd, talent uit het buitenland nodig heeft om innovaties naar de markt te brengen. Zelfs als we buitenlandse krachten willen inzetten, zouden we moeten eisen dat deze Nederlands leren, zoals elk zelfrespecterend land van nieuwkomers eist dat ze de taal leren. Wat ons ook geen goed idee lijkt, is dat het NADI zich in de kern lijkt te richten op de vier domeinen die in het rapport van Wennink worden aangemerkt als sectoren van de toekomst, en die het kabinet daarom een soort van quasiheilig heeft verklaard. Het is Forum voor Democratie nog steeds niet duidelijk waarom specifiek voor die vier domeinen is gekozen en bijvoorbeeld niet voor agrifood of watermanagement. Wij zien dan ook geen noodzaak om ons economisch beleid volledig op deze vier domeinen te richten. Elke disruptieve innovatie die het waard lijkt en ons land verder kan brengen, zou wat ons betreft door het NADI op weg geholpen moeten worden. Maar welke innovaties zullen het waard lijken voor het NADI? Wij begrijpen goed dat onafhankelijkheid bij een agentschap als deze hoog in het vaandel moet staan. Van meer bureaucratie zal ook het NADI niet wendbaarder worden. Maar het roept ook de vraag op wie toezicht houdt. Hoe garanderen we dat uitvindingen die het agentschap ondersteunt, het daadwerkelijk waard zijn? Wat zijn de kaders waarbinnen we de effectiviteit straks gaan beoordelen?

Versie 2e4bd917b436db3c1facef99f442a6ee1773b13255ff06dc697adc2bc36d3e79 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.