BHO
BHO
statement · 18 jun 2026 · Tweede Kamer
De heer Bamenga (D66): Dank u wel, voorzitter. Namens de commissie dank ik de minister en de Algemene Rekenkamer voor de constructieve samenwerking en gesprekken van het afgelopen jaar. Die werksessies zijn nuttig gebleken. Ze helpen de Kamer om meer grip te krijgen op een begroting die inhoudelijk en financieel behoorlijk complex is. Juist daarom hopen de rapporteurs dat deze manier van werken wordt voortgezet. Verder wil ik de Dienst Analyse en Onderzoek bedanken voor de fantastische ondersteuning die zij de rapporteurs hebben geboden. Ik ga namens de commissie in op drie punten: de verbeterde verantwoordingssystematiek, de revolverende fondsen en tot slot de ODA-berekening en de koppeling met het bni. Voorzitter. Allereerst de verbeterde verantwoordingssystematiek. Laat ik benadrukken dat er over de BHO-begroting al veel verantwoording plaatsvindt. Het doel van de rapporteurs is dan ook niet om daar simpelweg nog meer aan toe te voegen. Het doel is juist dat die verantwoording de Kamer een beter en samenhangender beeld geeft van de complexe werkelijkheid achter deze begroting. Dat is extra belangrijk bij internationaal beleid, waar resultaten vaak indirect zichtbaar zijn en zich pas op langere termijn laten meten. Juist dan is de kwaliteit van inzicht essentieel: welke doelen worden gesteld, welke middelen worden ingezet, welke resultaten worden verwacht en hoe kan de Kamer beoordelen of beleid werkt? De rapporteurs zien dat de minister stappen zet richting een verbeterde verantwoordingssystematiek. Dat is een belangrijke ontwikkeling. Tegelijkertijd constateren de rapporteurs dat de uitwerking nog vrij abstract blijft. De brief van 11 mei schetst de hoofdlijnen, maar geeft nog onvoldoende inzicht in hoe dit er concreet uit gaat zien in de begroting zelf. Daarom heb ik hierover een aantal vragen. Kan de minister toelichten waarom bij de brief van de 11 mei geen concreet voorbeeld van de nieuwe systematiek is opgenomen, maar is volstaan met een beschrijving op hoofdlijnen? Is de minister bereid om nog voor het zomerreces een uitgewerkt voorbeeld van een begrotingsartikel met de Kamer te delen? Kan de minister daarnaast toelichten hoe in de nieuwe systematiek wordt geborgd dat doelstellingen, nulmetingen en streefwaarden helder en consistent worden opgenomen bij de indicatoren? Juist die elementen zijn essentieel om beleid toetsbaar te maken en om de relatie tussen middelen en resultaten inzichtelijk te maken. De rapporteurs constateren ook dat wordt voorgesteld de huidige tabel met indicatoren te laten vervallen, terwijl nog onduidelijk is welke indicatoren daarvoor in de plaats komen. Kan de minister toelichten waarom deze tabel nu al wordt losgelaten en kan de minister de Kamer per brief nog voor het zomerreces informeren over welke indicatoren en bijbehorende streefwaarden in de nieuwe begroting zullen worden opgenomen? Voorzitter, dan de revolverende fondsen. Ook op dit punt zien de rapporteurs dat de minister stappen wil zetten in de verantwoording. Dat waarderen wij. Tegelijkertijd blijft dit voor de Kamer een ingewikkeld terrein: geld wordt gedoteerd, komt deels terug en wordt opnieuw ingezet. De vraag is steeds: wat kan de Kamer daarvan goed volgen? Daarom ook hierover een aantal concrete vragen. Kan de minister toezeggen dat vanaf de begroting 2027 in de memorie van toelichting een overzicht wordt opgenomen van de dotaties aan de verschillende revolverende fondsen? Dan kan de Kamer in één oogopslag zien wat er jaarlijks aan deze fondsen wordt toegevoegd. Kan de minister ook bevestigen dat de factsheets voortaan zowel bij de begroting als bij het jaarverslag worden opgenomen? Dan de uitvoeringskosten. De rapporteurs begrijpen dat de minister voorzichtig is met het delen van gedetailleerde informatie. Tegelijkertijd moet de Kamer wel kunnen zien hoe die kosten worden betaald. Gebeurt dat uit de opbrengst van een fonds of op een andere manier? Is de minister bereid om dit in de factsheets op te nemen? Voorzitter, dan het belangrijkste punt bij deze fondsen: de mate van revolverendheid. Dat is namelijk uiteindelijk de kern van zo'n fonds: komt het geld terug, in welke mate en wat betekent dat voor de doelstelling van het fonds? De minister stelt voor om dit mee te nemen in de evaluaties. Dat is goed, maar voor de rapporteurs is de informatie alleen bij evaluaties eigenlijk te laat. Kan de minister daarom per fonds in de factsheets opnemen wanneer de evaluatie plaatsvindt? Worden deze evaluaties ook opgenomen in de Strategische Evaluatie Agenda? Is de minister daarnaast bereid om nog eens goed te kijken welke informatie over revolverendheid al eerder in de factsheets kan worden opgenomen, bijvoorbeeld met een korte duiding van de fase waarin een fonds zich bevindt en wat die fase betekent voor de mate waarin het fonds al kan revolveren? Tot slot op dit punt. Kan de minister in het factsheet ook opnemen wat uit eerdere informatie is gebleken over de revolverendheid en of dat aanleiding heeft gegeven om de doelstelling van een fonds bij te stellen? Voorzitter. Dan tot slot het ODA-budget en de koppeling met het bni. De rapporteurs hebben gezien, mede op basis van het werk van de Algemene Rekenkamer, dat de huidige systematiek onvoldoende inzicht biedt in hoe het ODA-budget zich verhoudt tot de internationale norm en welke beleidskeuzes daarin doorwerken. Het gaat hier om internationale solidariteit, klimaatrechtvaardigheid en het nakomen van afspraken die juist voor kwetsbare landen van groot belang zijn. Transparantie over deze cijfers is daarom essentieel. De huidige presentatie in de HGIS-nota maakt het voor de Kamer moeilijk om de ontwikkeling van het ODA-budget goed te volgen en te controleren. Dat geldt zeker waar het gaat om de effecten van gewijzigde rekenmethodes en eerdere beleidskeuzes. Daarom de volgende vragen. Kan de minister toezeggen om de tabel met het ODA-budget in de HGIS-nota bij de begroting 2027 zo aan te passen dat deze inzicht geeft in vier elementen: de OESO-norm, zowel in percentage als in miljoenen euro's, de raming van het bni, in miljoenen euro's, de zogenoemde "gemiste bijstelling", analoog aan de tabel van de Algemene Rekenkamer, en de doorwerking van maatregelen uit vorige kabinetten, eveneens in miljoenen euro's? Dat waren de vragen van de rapporteurs. Ik wil u graag danken.
Versie 5811182c3eceed5e1cb197c66724abf647ebabe3eab970f772bdc8cbbafb0020 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
BHO
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.