Defensie-industrie
Defensie-industrie
statement · 11 jun 2025 · Tweede Kamer
Minister Brekelmans: Dank. Laat ik beginnen met zowel de Kamer als de betrokkenen op de tribune te bedanken voor de betrokkenheid bij dit onderwerp. Volgens mij realiseren wij ons allemaal dat als we het hebben over de defensie-industrie, we het dan hebben over de ruggengraat van onze veiligheid en de ruggengraat van Defensie. We kunnen namelijk wel plannen om de krijgsmacht te versterken en de budgetten kunnen ook toenemen, maar als dat zich niet vertaalt in meer materieel, munitie, innovatie en spullen, dan hebben we aan het einde van de dag niet meer gevechtskracht, die we wel heel hard nodig hebben. Daarnaast levert het natuurlijk ook veel kansen op. Een aantal leden refereerde daar ook al aan. Dat zijn kansen als het gaat om meer werk en meer innovatie, ook in specifieke regio's in Nederland. Volgens mij kunnen we wat dat betreft dus een hele krachtige agenda met elkaar uitvoeren, die bijdraagt aan zowel onze veiligheid als aan de economie en banen. Ik begrijp de onderliggende vragen vanuit de Kamer met de strekking: kan het niet sneller en meer en kun je niet nog meer creativiteit laten zien? Ik begrijp die vragen heel erg goed, want die urgentie en haast voelen we allemaal. Ik zou het beeld dat door sommigen werd neergezet dat er helemaal niets gebeurt of dat er nauwelijks iets gebeurt, toch wel willen nuanceren. De omzet van de defensie-industrie in Nederland is de afgelopen jaren gegroeid van 4 à 5 miljard in 2022 naar 9 miljard in het afgelopen jaar. Dat is dus bijna een verdubbeling in twee jaar tijd. Een voorbeeld hiervan is dat het aantal contracten dat is afgesloten in 2023, 760 was. Het afgelopen jaar waren dat er 890. Het totale bedrag dat met die contracten gepaard ging, is gestegen van 4 miljard naar 16 miljard. Het aantal mensen en banen dat het oplevert, is toegenomen. Aan de ene kant is er dus sprake van substantiële groei. Dat geldt voor zowel Nederland als andere Europese landen. Aan de andere kant ben ik het ermee eens dat het nog niet genoeg is. Als we nu heel veel typen wapensystemen bestellen, zie je ook dat de prijzen en de levertijden dan toenemen, terwijl je juist wil dat de aantallen toenemen en dat het zo snel mogelijk wordt geleverd. Wat mij betreft is het glas dus niet leeg, maar halfvol. Wat mij betreft is er alle noodzaak om er volle vaart mee door te gaan. Dat geldt ook voor de samenwerking met de defensie-industrie. Onlangs hebben we het platform DEFPORT opgezet, waarmee we structureel samenwerken met de defensie-industrie en daar ook overleg over voeren. Maar dat is natuurlijk niet de enige plek. We zijn als Defensie eigenlijk continu met verschillende sectoren en spelers in overleg over hoe we dit nou samen kunnen doen. Lukt het altijd om iedereen daarin voldoende aan te haken? Voelt iedereen zich daarin altijd gehoord? Het eerlijke antwoord is natuurlijk: nee. Dat lukt natuurlijk niet altijd. Vanuit onze kant, dus vanuit Defensie, valt daar nog meer aan te doen en kunnen we dat nog beter doen. Als je de manier waarop de samenwerking nu verloopt, vergelijkt met hoe die drie à vier jaar geleden ging, hebben we denk ik echt een fundamentele verandering ingezet. De heer Vermeer vroeg: waar zit nou precies de vertraging in die toch soms optreedt? Daar zijn eigenlijk verschillende oorzaken voor, die we allemaal moeten adresseren. Eén oorzaak is dat we pas langetermijngaranties kunnen geven en langetermijncontracten kunnen sluiten als we ook een langetermijnbudget hebben. Die 2%, of iets meer dan dat, hebben we nu structureel in de boeken staan, maar ik zeg daarbij: er is ook niet meer dan dat. Er wordt nu gesproken over een mogelijke 3,5%. Mocht dat ertoe leiden dat op de NAVO-top 32 landen met elkaar overeenkomen dat de 3,5% wordt afgesproken, dan hebben wij dat nog niet in onze begroting staan. Dat betekent dus ook niet dat ik als minister van Defensie de beschikking over dat budget heb; dat is er nog niet. Wat dat betreft blijft het een keuze maken in schaarste, ook met de iets meer dan 2% die we nu in de boeken hebben staan. We kunnen daardoor niet zeggen: voor allerlei terreinen zetten we nu langetermijncontracten uit, vooruitlopend op de mogelijke 3,5% die we nu nog niet op de begroting hebben staan. Dan verbaast het mij — als minister laat ik me een beetje boven het debat dat hier is gevoerd — dat partijen mij daarop aanspreken en vragen: waarom worden er niet meer langetermijncontracten afgesloten? Dat komt doordat de ene partij sneller wil gaan met het verhogen van het Defensiebudget dan de andere. Laat ik het dan op die manier formuleren.
Versie 151d62a5a27ac6d0bcf9884b05ef1eba70581d6deb67677b25c7fa0a58a77e6a · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Defensie-industrie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.