KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 11 sep 2024 · Tweede Kamer

IVD-aangelegenheden

Brontekst

Minister Uitermark: Dit is een vraag van de heer Van Meijeren, die helaas nu niet meer aanwezig is. De vraag is of we niet te bang zijn gemaakt voor extremisme en terrorisme. Ik wil daarover zeggen wat ik net eigenlijk ook al heb gezegd, namelijk dat we ons echt met elkaar moeten blijven inzetten om de weerbaarheid hoog te houden, dat we te maken hebben met vormen van extremisme en terrorisme die echt dagelijks een dreiging vormen voor onze democratie, dat de kans op jihadistische aanslagen in Nederland de afgelopen jaren is verhoogd, dat de inlichtingendiensten zich daarom blijven inzetten voor onze veiligheid, binnen de kaders van de Wiv, van de wetgeving, en dat de beide toezichthouders de inzet van bijzondere middelen door de diensten in de gaten houden. Dan is er nog een vraag van de heer Van Meijeren. Hij geeft aan dat de dienst wantrouwen in de overheid aanmerkt als ondermijnende activiteit en vraagt of dat een opening van de dienst is naar het zijn van een gedachtepolitie. Laat ik daar maar heel duidelijk over zijn. Gedachten zijn vrij. Gedachten blijven vrij. Kritiek is gezond en hoort in een functionerende democratische rechtsstaat. Openlijke kritiek draagt er ook aan bij dat de instituties zich voortdurend doorontwikkelen, terwijl ze zich houden aan de taken en verantwoordelijkheden binnen de rechtsstaat. Kritiek, protest en demonstraties tegen instituties, inclusief de acties waarbij de grenzen van de wet worden opgezocht, zijn essentieel voor het functioneren van een democratische rechtsorde. Voor de onderzoeken van de AIVD is steeds de vraag leidend of er sprake is van een ernstig vermoeden van een dreiging tegen de Nederlandse democratische rechtsorde of van een dreiging tegen de nationale veiligheid. Daar hebben we het over. Daarbij kijkt de AIVD niet naar gedachten alleen, maar de dienst kijkt naar gedragingen en uitingen, naar intentie, capaciteiten en activiteiten. Dan kom ik bij het andere blokje. Dat gaat over wetgeving, toezicht en huisvesting. Daar wil ik over zeggen dat het voor dit kabinet belangrijk is dat er goede wetgeving is. Dat wil zeggen: regels die oog hebben voor recht en effect. Onafhankelijke onderzoeken hebben vastgesteld dat de AIVD en de MIVD de afgelopen jaren hebben moeten werken met regelgeving die niet goed aansloot op de praktijk; het wrong. Het kan niet zo zijn dat regelgeving zo statisch is en zo veel rapportage vraagt dat onze diensten minder kunnen innoveren en minder wendbaar zijn in het omgaan met dreigingen. De slagkracht en toekomstbestendigheid van de diensten staan dus onder druk. Dat hebben we moeten repareren met tijdelijke wetgeving vooruitlopend op een meer bestendige regeling, waar ik eind oktober met uw Kamer over kom te spreken. Op dit moment kan niet aan alle bevoegdheden van die tijdelijke wet toepassing worden gegeven, mede door de huisvestingsproblemen van de CTIVD. Meerderen onder u hebben daar vragen over gesteld. Ik kan zeggen dat ik om het huisvestingsprobleem te ondervangen de afgelopen periode gesprekken heb gevoerd met alle betrokken partijen, in het bijzonder met de CTIVD. De beoogde oplossing, waar wij op uit zijn gekomen, bestaat uit twee stappen. De eerste stap is dat de CTIVD per 1 januari tijdelijk, voor een periode voor anderhalf jaar, wordt gehuisvest en daarna vanaf de zomer van 2026 op de locatie Turfmarkt in Den Haag. Het is belangrijk dat we daarmee vaart maken. De diensten moeten zo snel mogelijk effectieve bedreigingen vanuit landen als Rusland en China kunnen onderkennen. De CTIVD moet voldoende toegerust zijn om daar toezicht op te houden. Dat vraagt om een optimaal samenspel. Mijn collega van Defensie en ik zullen ons blijven inspannen om de zaken waar wij verantwoordelijk voor zijn, zo goed en zo snel mogelijk te realiseren. Bij de toepassing van de tijdelijke wet wordt rekening gehouden met de capaciteitsproblemen die de CTIVD ondervindt, zodat de toepassing van de bevoegdheden onder de condities van de tijdelijke wet aansluit bij de uitvoerings- en de toezichtspraktijk. Bovendien gaan we de huidige wet grondig herzien met goede wetgeving, die in de praktijk werkt om Nederland veiliger te maken. Het spreekt vanzelf dat deze wetgeving goed moet functioneren voor allen die daarmee moeten werken, dus zowel voor de diensten als de partijen die betrokken zijn bij het toetsen en het houden van toezicht op het werk van de diensten, zoals de TIB en de CTIVD. Daarvoor zal ik mij ook inzetten. Over enkele weken gaan we daar met elkaar verder over in debat. Dan kom ik toe aan het kopje wetgeving. De gestelde vragen wil ik groeperen onder het kopje wetgeving.

Versie b91ea2df2d4000c64525eb9ad1fbac79280b92df3fed46da309290619b47d024 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.