KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 4 mrt 2026 · Tweede Kamer

Begroting Volksgezondheid, Welzijn en Sport (36800-XVI) 1e TK

Brontekst

Mevrouw Wiersma (BBB): Ik vraag me af of het de laatste of de vroegste maidenspeech is die hier heeft plaatsgevonden, maar dank, voorzitter. Ik begin natuurlijk met het feliciteren van deze twee nieuwe bewindspersonen op dit mooie dossier. Ik heb met beiden samengewerkt op andere portefeuilles. Ik wens hun heel veel succes bij de uitdagingen die hun hier op dit domein te wachten staan. Ik heb zelf getwijfeld over een maidenspeech, maar het hoort er toch een beetje bij. Als lid van een partij die voor behoud van tradities strijdt, moet ik er toch maar niet aan voorbijgaan. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik opgroeide in een situatie met veel uitdagingen. Er waren psychische problemen in de thuissituatie, er waren schulden en er was geen ondersteunend en versterkend netwerk. In de tijd dat ik zelf in het sociaal domein ging werken, noemden ze dat "een kansarme situatie". Tegenwoordig spreken we liever van "kansenongelijk" oftewel een ongunstige maatschappelijke startpositie voor een kind. Dat zijn zachtere woorden, waar minder oordeel in ligt, maar in principe blijft het hetzelfde. Ook in Nederland is de kans om je te ontwikkelen als kind verre van gelijk. Dat is wat me drijft, want ik weet hoe moeilijk het is om daaruit te komen. Toch gun ik alle kinderen die kans. Ik geloof persoonlijk, als mens, heel erg in eigen verantwoordelijkheid nemen, maar als er niemand is die je de weg wijst en helpt navigeren, is het moeilijk om op de juiste of de beste bestemming aan te komen. En niet iedereen heeft een reëel referentiekader. Als er één ding is dat ik uit mijn persoonlijke ervaring geleerd heb, is dat dat je, om jezelf, met welke achterstand dan ook, te ontwikkelen, die anderen nodig hebt: mensen die iets in je zien, die je stimuleren, die je zelfvertrouwen geven en die omdenken. Laag beginnen op de sociaal-maatschappelijke ladder gaat vaak gepaard met een soortgelijk zelfbeeld. Ik ben de sleutelfiguren die ik in mijn leven ben tegengekomen tot op de dag van vandaag dankbaar. Toen ik bijvoorbeeld een stage had bij de Wmo en daar een mentor kreeg, droegen wij toevallig dezelfde achternaam: Wiersma en Wiersma. Tijdens gezamenlijke werkbezoeken leidde dit soms tot verwarring. Dan deden we ons als grap weleens voor als familie wanneer cliënten zich dat hardop afvroegen. Waar dat als grap werd afgedaan, deed deze stagebegeleider destijds op vele vlakken wel degelijk een extra stap in het mij helpen mezelf te ontwikkelen in mijn rol als ambtenaar, meer dan redelijkerwijs vanuit professioneel oogpunt aan betrokkenheid van haar gevraagd kon worden. Ze wees mij werkmatig de weg, maar ze overtuigde mij ook van mijn eigen potentie. Die omgang met en voor elkaar is niet vanzelfsprekend. Dat is op de werkvloer niet het geval, maar ook niet in onze samenleving. Dat brengt mij op een van de kernwaarden. Ik heb 'm vandaag eerder gehoord, ik vind het ook bij BBB en ik sta er volledig achter: noaberschap. Als Friezin denk ik dat we iets soortgelijks hebben in mijn provincie, want daar noemen we het mienskip. Het betekent omzien naar elkaar, zorg voor elkaar en dat je daar soms ook even een extra stapje voor doet, onzelfzuchtig en zonder direct eigenbelang. In een maatschappij die steeds individualistischer wordt en verhardt, waarin anderen afbreken vaak gemakkelijker gaat en is dan elkaar opbouwen, waarin fouten vaak tot publieke afstraffing leiden in plaats van dat ze een waardevol leerpunt kunnen zijn en we elkaar ruimte geven, zijn dit kernwaarden waarvan ik hoop dat we die na zullen blijven streven. Daarin wil ik benadrukken, ook vanuit mijn eigen ervaring als minister, dat we hier daarin het goede voorbeeld moeten geven. Hoe wij elkaar publiekelijk bejegenen sijpelt door in de omgangsvormen elders: fysiek, maar vooral online. Dat is de wereld waarin onze kinderen opgroeien. Omdenken voor elkaar levert ons op de lange termijn veel op. Ik heb het vandaag eerder gehoord, maar er bestaat aantoonbaar minder eenzaamheid onder ouderen in gemeenschappen waarin nog een grote sociale cohesie is. Het leidt tot snellere signalering van zorgvragen, meer beweging en participatie en een betere mentale gezondheid, en dus minder depressie. Van zorg naar positieve gezondheid ligt dus ook in het principe van omdenken en in het uitdragen daarvan in alle delen van de samenleving. Dat moeten we ook als overheid nastreven: zorg die dichtbij, toegankelijk en bereikbaar is. Dan wil ik graag nog ingaan op het amendement dat voorligt. Dat dien ik samen met de VVD in en gaat over de financiering voor het plaatsen van een traumahelikopter op Teuge. In Oost-Nederland is op dit moment een duidelijke witte vlek in de dekking voor deze traumazorg, terwijl tijdige inzet van een mobiel medisch team letterlijk het verschil kan betekenen tussen leven en dood. Ook in die regio moet de overheid daarin haar verantwoordelijkheid nemen. Structurele inzet op Teuge is noodzakelijk om de acute zorg in deze regio op niveau te houden. De financiering komt pas later op gang, in 2027, terwijl besluitvorming over de luchthaven pas later dat jaar kan plaatsvinden. Daarmee is feitelijke inzet pas veel later mogelijk. Dat is te laat. Daar was zojuist een interruptiedebatje over. Ik heb nu de eerste vraag aan de minister. Ziet zij mogelijkheden om samen met IenW via een overbruggingsmaatregel, zoals een ministeriële regeling of een AMvB, ervoor te zorgen dat de traumahelikopter op Teuge toch eerder operationeel kan zijn? Voorzitter. In deze begroting speelt ook het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord een rol. Op de uitvoering daarvan zijn in de voorliggende begroting forse schuiven toegepast. Het AZWA is juist bedoeld als kader om zorg en welzijn toekomstbestendig te gaan organiseren. Het mag niet uitgekleed worden om de afspraken die gemaakt zijn na te komen. Dan kom ik op het bredere beeld, voorzitter. Wat het kabinet voorstelt, doet het tegenovergestelde van wat wij willen. Het is een stapeling van bezuinigingen op ziekenhuizen, langdurige zorg en het eigen risico. Dat is geen hervorming, want het leidt tot verschraling. Het raakt precies de mensen die het al zwaar hebben en die al zorgmijdend zijn. Er zijn nu al ouderen die wegkwijnen achter gesloten deuren en die soms lang moeten wachten tot ze verschoond of gewassen kunnen worden, terwijl dit basale en fundamentele behoeften en voorzieningen zijn. Ook begeleiders in de gehandicaptenzorg vroegen daar vandaag aandacht voor. Ook zij maken zich grote zorgen over de voorgenomen bezuinigingen. Gemeenten die nu juist de ruimte en het vertrouwen nodig hebben, worden opnieuw geconfronteerd met tekorten in de Wmo en de langdurige zorg. U vindt mij aan uw zijde als het gaat over de ontwikkeling van zorg naar gezondheid. Maar lukraak kosten wegbezuinigen zorgt niet voor een betere gezondheid. De kosten gaan voor de baten uit: eerst zaaien, dan oogsten. Er moeten juist geen extra drempels opgeworpen worden voor de toegang tot zorg, omdat dat leidt tot uitgestelde zorg. Dat kost vaak juist nog veel meer. Ongericht bezuinigen leidt uiteindelijk ook tot een hogere werkdruk en mogelijk tot nog meer uitval in zorgpersoneel. Het werd al benoemd vandaag. Onze visie is: zorg dichtbij, kleinschalige woonzorglocaties, verzorgingshuizen nieuwe stijl, een sterke eerste lijn en goede steun voor mantelzorgers. Het kabinet kiest voor ombuigingen in de Wlz en het schrappen van middelen die juist voor die verzorgingstehuizen nieuwe stijl waren gereserveerd. Dat waren nou net de broodnodige eerste stappen op de goede weg. Die worden nu weer tenietgedaan. Dit lijkt op het eerste gezicht ook een besparing, maar er zitten veel extra verborgen kosten aan noodgedwongen langer thuis wonen. Dat vereist een integrale aanpak. Heeft de minister inzicht in hoe dit specifiek uitpakt, bijvoorbeeld in krimpgebieden? Daar maakt één verpleeghuis of wijkteam het verschil tussen er kunnen blijven wonen of noodgedwongen verhuizen. Als dat inzicht er niet is, is zij dan bereid om dat inzichtelijk te maken? Dan de ziekenhuiszorg. BBB is altijd helder geweest: basiszorg moet in de regio blijven. Streekziekenhuizen zijn onmisbaar, maar onder het mom van passende zorg wordt er gekort op medisch-specialistische zorg, lopen de marges terug en nemen bureaucratie en werkdruk toe. Hoe voorkomt de minister verdere verschraling in regio's waar mensen nu al verder moeten reizen voor spoedeisende hulp of geboortezorg? Voorzitter. Daar komt de verhoging van het eigen risico nog bij. Dan is er de maximering per behandeling. Het wordt niet €50, zoals het vorige kabinet had voorgenomen, maar €150. Daarbij heb ik de concrete vraag aan de minister of de maximering per behandeling over het hele zorgtraject gaat. Of kan het gebeuren dat de bijdrage per onderdeel van het traject in rekening gebracht wordt? Ook daar hoorde ik een interruptiedebatje over, met het Kamerlid van D66, over wat de intentie is. Kan de minister dat bevestigen? Ik moet afronden, zie ik. Dan wil ik tot slot nog iets vragen over de backpayregeling. Het lid Van Meetelen had daar een vraag over. Vorig jaar bij de voorjaarsbesluitvorming heeft de BBB 50 miljoen geregeld. Ik vraag de minister hoe het daarmee staat. Ik ben benieuwd. Dank.

Versie 758ef6eb006ee2d9423860158db23be28a822f6deb86f05a1f0b3686bfba8864 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.