KamerkringInloggen
← Verkenner

Uitspraak · 8 okt 2026 · Tweede Kamer

Begroting Defensie (37020-X) (1e TK)

Brontekst

Minister Yeşilgöz-Zegerius: Dank u wel. Hier hebben we het net al kort over gehad, maar mevrouw Piri merkte op dat we werk moeten maken van de Europese defensie-industrie. Ze zei specifiek: 27 lidstaten zelf laten inkopen is duur en inefficiënt; moet het verdrag niet worden aangepast om tot één interne defensiemarkt te komen? Daar zal ik nog even wat specifieker op ingaan. Zoals gezegd moeten we inderdaad meer Europees samenwerken. Daar zetten we vol op in. Een sterke interne markt kan helpen om de Europese defensiemarkt beter te integreren en daarmee onze gezamenlijke slagkracht te vergroten. Naar verwachting komt de Commissie binnenkort met een mededeling hierover. We kennen de precieze inhoud nog niet, dus ik kan nog niet ingaan op hoe Nederland daarop zal reageren. Wel kan ik zeggen dat Nederland vier prioriteiten heeft voor deze mededeling. Zo zitten we op dit moment dus aan tafel. De eerste is dat de militaire behoefte leidend is bij opschaling van de defensie-industrie. Die moet gewoon leidend zijn. We moeten niet wensdenken, maar denken: wat is nu nodig? De onnodige barrières voor grensoverschrijdende samenwerking moeten worden verwijderd. Ten derde moet het makkelijker worden om bij raamcontracten van andere landen aan te sluiten. Dat zou ook heel veel schelen. Ten slotte is er de prioriteit van het vergroten van toegang tot financiering. Na publicatie van de mededeling zullen we zorgen dat we de Kamer snel opnieuw informeren en daarop ingaan. Mevrouw Nanninga vroeg naar het expliciet maken van de nationale strategische prioriteiten en hoe die zich verhouden tot onze NAVO-verplichtingen. Ja, wij zijn ons zeer bewust van de strategische positie van Nederland. Ons nationaal belang staat natuurlijk op nummer één. Het mooie is dat onze nationale belangen en de NAVO-verplichtingen daarbij niet twee losse werelden zijn. Wij doen er ook alles aan om dat op één lijn te krijgen, net als alle andere NAVO-landen overigens. Ze hangen nauw samen met elkaar en worden ook in samenhang bezien. De Defensienota laat ook zien dat dat bij de keuzes die we maken voor de inrichting en de versterking van onze krijgsmacht geen losse doelen zijn en dat er op beide doelen ingezet wordt. Onze investeringen zijn dus gericht op de militaire capaciteiten die nodig zijn voor de verdediging van ons eigen grondgebied, het ondersteunen van bondgenoten en doorvoeroperaties, voldoende voortzettingsvermogen en het behalen van de NAVO-capaciteitsdoelstellingen. Dit zijn dus de duidelijke doelen die we hebben vastgesteld en waar we op inzetten. Dan bouw je dus echt aan een krijgsmacht die je zowel nationaal als bondgenootschappelijk kan inzetten. Het is misschien goed om toe te voegen dat er voor de bescherming van de vitale infrastructuur daarnaast brede samenwerking nodig is — dat zat ook in het verhaal van mevrouw Nanninga — binnen de overheid en met bedrijven, private partijen en de samenleving. Nationale weerbaarheid is immers niet alleen een taak van Defensie, maar we spelen naar natuurlijk wel een sleutelrol in.

Versie 82edf963d4eb80ef1084d9556ebf4ddfd3b2fd559b508749891bbe2e021da7ce · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 24d9efe1827c2ee3

12 okt 2026 · f82a6341abd9ca88

12 okt 2026 · 3c3471a2995e1ab6

12 okt 2026 · 44cc32b4416227d8

12 okt 2026 · a81d0d5e07a866a6

12 okt 2026 · 787c98d698780638

12 okt 2026 · c1b32e95e1bdd2e8

Gegevens

Officiële bron
Tweede Kamer ↗

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.