Signalenoverleg commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven
Brontekst
Versie 5c8203cb4e3c291c · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenDe heer Van Zutphen: Er is al heel veel belangrijks gezegd. Ik heb een kleine aanvulling over maatwerk. Ik heb al eens over maatwerk gezegd dat het geen alternatief is voor slecht beleid en ook niet voor slechte wetgeving. Het moet dus beperkt blijven tot de situaties waarin je zegt: ik moet iets heel bijzonders doen. Dat is een pleidooi voor het maken van toegankelijke systemen, waarbij mensen weten waar ze aan toe zijn en dat ze zichzelf kunnen aanmelden voor bepaalde voorzieningen. Het is ook een pleidooi voor een overheid die uit zichzelf proactief naar de mensen toe gaat om het te hebben over wat ze nodig hebben, wat de overheid kan leveren en wat ze zelf kunnen doen om te voorkomen dat je bij maatwerk terechtkomt. Want maatwerk is over het algemeen aan de orde als het al uit de hand gelopen is. Dan komt er ineens iemand en is het te erg geworden om het met regels of systemen op te lossen. Ik denk ook dat het van belang is om tegen uitvoeringsorganisaties, maar ook tegen gemeenten — de decentralisatie kwam al even aan de orde — te zeggen: als je het eerst oplost en dan pas gaat kissebissen over wie het gaat betalen, zou dat al een enorme besparing opleveren. Want nu laten we mensen gewoon zwemmen, lost niemand het op, wordt het alleen maar erger en kost het uiteindelijk meer geld. Dus laten we eerst het probleem oplossen en dan kijken wie het gaat betalen. Over het algemeen is dat geen probleem, want er is wel geld om de dingen te doen die nodig zijn. Luisterend naar iedereen die inmiddels wat gezegd heeft, vroeg ik me af hoe vaak we dingen moeten herhalen. De collega had het net even over de crisisnoodopvang. Ik moest denken aan het rapport van de OVV van vorige week. 7.000 kinderen. Margrite en ik schreven al drie, vier, vijf jaar geleden over de crisisnoodopvang en de positie van kinderen. Er is niets aan veranderd. Iedereen zei toen ook: o, wat verschrikkelijk in Nederland. Nu zeggen we dat weer, maar we doen er niks aan. Dat doet zich niet alleen bij crisisnoodopvang voor, maar op meerdere terreinen. We zijn even verontwaardigd over de stand van het land en gaan dan weer door met iets anders dat ook heel veel aandacht nodig heeft. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we op een gegeven moment zeggen: nu klikken we het vast en gaan we het echt oplossen in plaats van alleen maar in verontwaardiging nog een keer achteromkijken en het volgende punt pakken. Ik denk dat het belangrijk is om aan elkaar te beloven dat we dit onderwerp bij de kop gaan pakken en dat we het echt gaan oplossen. Ik denk dat er heel veel manieren zijn om dat met elkaar voor elkaar te krijgen. De verschillen tussen de gemeenten die meneer Lawson net noemde, zien we op allerlei terreinen opduiken: als het gaat over jeugd, over participatie, over BMO-voorzieningen, over schuldhulpverlening en over vroegsignalering. We hebben daarover met z'n allen afgesproken dat het ook mag verschillen tussen gemeenten. Dat hebben we bij de decentralisaties in 2015 doelbewust voor ogen gehad. Maar we moeten misschien wel grenzen aan gaan geven met elkaar, zodat mensen weten waar ze in ieder geval op mogen rekenen, waar ze ook wonen, met welke postcode dan ook. Dat zou, als het gaat over het gevoel om gelijk behandeld te worden en serieus genomen te worden, enorm kunnen helpen. Ik vergat nog één ding. We hebben lang geleden een hardhedenbrief geschreven op verzoek van de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken. Ik heb nog geen reactie gehad. Op zichzelf is dat al een hardheid. Maar ik dacht wel: dit staat wel ergens voor. Van de kant van het landsbestuur werd gevraagd: wil je ons eens laten weten wat er aan de hand is in jouw ogen, in die van de Ombudsman, de Kinderombudsman en anderen? Welke hardheden zijn er? We hebben ze uitgeschreven, opgeschreven en aangeleverd. Nul. Dat zouden we ook anders kunnen doen, niet zozeer omdat je aardig moet zijn voor mij, maar omdat het hardheden waren die andere mensen aangaan.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.