statement · 29 jan 2026 · Tweede Kamer
Maritiem
Brontekst
De heer Goudzwaard (JA21): Dank u wel, voorzitter. Nederland beschikt over een sterk en veelzijdig maritiem cluster, dat van groot economisch en strategisch belang is. De kracht van dat cluster ligt in de samenhang tussen de maritieme maakindustrie, ons onderwijs en de daaraan verbonden kennisinstellingen. Een robuuste vloot onder Nederlandse vlag is daarbij eveneens onmisbaar. Economisch gezonde rederijen moeten wat JA21 betreft primair op basis van marktwerking de ruimte krijgen om te investeren in kwaliteit, innovatie en toekomstbestendigheid, want Nederland is nog steeds een vlaggenstaat die er internationaal toe doet. We staan wereldwijd op de 21ste plaats qua aantal schepen onder de Nederlandse vlag en op de 29ste plaats qua tonnage. Dat is iets om trots op te zijn. Voorzitter. Om deze wereldwijde positie te behouden is een effectief samenspel tussen de sector en de overheid noodzakelijk. Laat die zin niet een open deur zijn noch blijven, want op 18 februari zal de Europese Commissie naar verwachting de Europese Maritieme Industrie Strategie, de EMIS, presenteren, met richtlijnen voor de nationale maritieme sectoren. Het is van belang dat Nederland niet gaat afwachten, maar vanuit eigen kracht het voortouw neemt. Met de sectoragenda als uitgangspunt moeten wij de Europese inzet actief vormgeven, zodat de maritieme sector sterker, weerbaarder en ook toekomstbestendig wordt. Mijn vraag aan de minister is: welke concrete beleidsinstrumenten ziet de minister binnen de EMIS om de Nederlandse maritieme maakindustrie, onze rederijen en kennisinstellingen strategisch te versterken? Voorzitter. Ik vraag ook graag aandacht bij de minister voor een slepende kwestie, genaamd het "uitstempeldossier". In de praktijk bestaat er voor Nederlandse werven geen werkbare oplossing voor bemanningsleden die langer dan 90 dagen aan boord blijven. Onze werven lopen sinds de invoering van de Italiaanse en Franse visa jaarlijks op dit vlak vele tientallen miljoenen aan prachtige opdrachten mis. Mijn vraag aan de minister is als volgt. Onder het vorige kabinet is toegezegd dat dit dossier zou worden opgelost, maar dat is allerminst het geval. Welke concrete stappen zijn volgens de minister mogelijk, natuurlijk in samenspraak met de minister voor Asiel en Migratie — dat snap ik — om op korte termijn te komen tot een werkbare en juridisch houdbare oplossing voor het uitstempeldossier? En binnen welke termijn kan de Kamer hierover enige duidelijkheid verwachten? Voorzitter. Dan heb ik nog een klein blokje over onze pleziervaart, want ons land wordt, zoals de heer Heutink net ook al schetste, geconfronteerd met een grote vervangings- en onderhoudsopgave van bruggen, sluizen en vaarwegen. In tegenstelling tot weggebruikers en treinreizigers hebben vaarweggebruikers vaak geen realistisch alternatief. Omvaren vergt dagen, terwijl uitwijken over zee voor veel schepen natuurlijk geen veilige mogelijkheid is. Daarom de volgende vragen aan de minister. Hoe wordt de recreatievaart momenteel betrokken bij de planning en uitvoering van onderhoud en renovatie van bruggen, sluizen en vaarwegen? Hoe borgt onze minister dat afspraken over afstemming, alternatieve routes en communicatie ook daadwerkelijk door alle beheerders worden nageleefd? Welke concrete verbeteringen zijn het afgelopen jaar doorgevoerd naar aanleiding van gesprekken met de pleziervaartsector? En hoe wordt structurele terugkoppeling en bestuurlijke bijsturing georganiseerd wanneer knelpunten blijven bestaan? Ter afronding: de overheid moet onze maritieme kennis en industrie als strategisch nationaal belang behandelen. Dat betekent gericht investeren, slim inkopen en zorgen voor ruimte, mens en innovatie. Alleen zo behoudt Nederland zijn leidende positie op zee. Dank u wel, voorzitter.
Versie 50b197d599798bde4a8e7577f5ef6a27294a5093b526b280950bb83f0c94ea20 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Maarten Goudzwaard