KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 4 feb 2026 · Tweede Kamer

Begroting Binnenlandse Zaken (36800-VII) (1e termijn Kamer)

Brontekst

De heer Sneller (D66): Dank, voorzitter. Mevrouw Huizenga, gefeliciteerd met de prachtige maidenspeech. Voorzitter. Net als miljoenen anderen nemen wij thuis, tijdens het ontbijt op zaterdagochtend meestal, de weekendplannen door. Eerst de basics: wassen, strijken, het oud papier wegbrengen. En er is ook altijd nog wel wat werk te doen. Een verjaardagsfeestje van de kinderen hier of daar, en ze willen meestal dan ook op zondagochtend naar het zwembad, en knutselen, en voetballen en met de poes spelen. Dan wil ik zelf graag nog een rondje hardlopen en mijn vriendin wil tijd om aan haar boek te werken. Enfin, u snapt het: veel meer wensen dan in de agenda passen. En dus geldt zoals bij iedereen: niemand krijgt helemaal zijn zin; het is geven en nemen, we schikken allemaal een beetje in. Soms gaat dat soepel en soms geeft het wat gedoe, maar elk weekend komen we er samen uit en maken we een schemaatje — dat vervolgens natuurlijk helemaal niet volgens plan verloopt. Want het zou toch een mooie boel zijn als we iedere keer dat we er niet direct uit komen, zouden besluiten om dat weekend dan maar helemaal niets te doen. Of dat een van ons zegt: ik bepaal voortaan in mijn eentje wel de huishoudagenda! Nee, voorzitter, het is democratie in het klein. Maar in de wereld in het groot zie ik eigenlijk dezelfde twee risico's voor onze democratische manier van samenleven. Aan de ene kant het risico van impasse, van besluiteloosheid en stilstand, en aan de andere kant dat van politici die zeggen: u kunt het allemaal krijgen. Politici die mensen op de mouw proberen te spelden dat ze, anders dan thuis of in hun vriendengroep, op de voetbalclub of op welke andere plek in de samenleving in het echte leven dan ook, in de politiek opeens wel alles kunnen krijgen wat ze willen zonder rekening te hoeven houden met anderen. Het is de stem van de autoritaire verleiding, die zegt: geef mij uw vertrouwen en ik schakel al die lastige tegenkrachten voor u uit, goedschiks en anders kwaadschiks. Beide bedreigingen kunnen onze democratische rechtsstaat ondergraven. Daarom moeten we in actie komen, enerzijds door te werken aan de slagvaardigheid van onze overheid en de besluitvaardigheid van onze politiek, en anderzijds door kanalen te graven naar de macht en de democratische rechtsstaat weerbaarder te maken. Voorzitter. Het beeld is namelijk bij sommigen ontstaan dat de democratie niet in staat is om de grote uitdagingen van onze tijd het hoofd te bieden. En dat is, helaas, niet helemaal zonder reden. Te lang heeft de nationale politiek de aanpak van een aantal grote problemen voor zich uit geschoven en een werkwijze ontwikkeld met enorme schaduwzijden. In de afgelopen twee decennia is het aantal wetten en regels ruim verdubbeld. En hoewel het aantal ambtenaren fors is gegroeid, bleef de productiviteit van de overheid achter bij die groei. Dat merken mensen in hun dagelijks leven, want ze kampen als burger met onbegrijpelijke brieven of ondoenbare regels. Ze merken toenemende regeldruk en afnemende autonomie, als ondernemer of als professional in de uitvoering. En tegelijkertijd zien zij de woningnood toenemen en de klimaatcrisis verergeren. Als er dan iemand voorbijkomt die zegt "ik zal met mijn vuist op tafel slaan en het oplossen", dan klinkt dat misschien aantrekkelijk, maar is dat geen eerlijk en duurzaam antwoord. Maar aan de andere kant is simpel zeggen "zo simpel werkt het niet" ook onvoldoende; dan dreigt stilstand. Dus moet wat mij betreft onze houding zijn: we gaan het beter doen. Het is hoognodig om de slagkracht van de overheid te vergroten door te vereenvoudigen, door te digitaliseren, door de Haagse departementale kokers te doorbreken en door minder afhankelijk te worden van externe inhuur. In de afgelopen tijd zijn hiervoor gelukkig ook veel bruikbare bouwstenen aangedragen: het rapport van de WRR, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, over de deskundige overheid; de adviezen van de Hoge Colleges van Staat over een realistische overheid; en de brief van de Raad voor het Openbaar Bestuur van eerder deze week aan de formateur. Allemaal nuttige wenken. Als we die gezamenlijk in de praktijk brengen, kunnen we zorgen dat de overheid ook echt levert op de grote uitdagingen van onze tijd. Voorzitter. Ervoor zorgen dat de democratie gaat presteren ten aanzien van die grote kwesties zal ook iets vragen van de Kamer. Vooruitgang vraagt om bewuste keuzes maken en die dan ook volhouden, maar het vraagt ook om geven en nemen. Want als 225 parlementariërs allemaal blijven hangen in hun eigen gelijk, gebeurt er niets. Dan biedt een minderheidscoalitie misschien een uitgelezen gelegenheid om daarmee te beginnen. Daarnaast hoop ik ook dat we als Tweede Kamer vasthouden aan een aantal van onze eigen goede voornemens. Zo zei de parlementaire ondervragingscommissie over uitvoeringsorganisaties, onder leiding van André Bosman: meer vertrouwen in de uitvoering en minder micromanagement vanuit de politiek. De werkgroep Grip op informatie, onder leiding van Inge van Dijk, zei: een meer ontspannen omgang tussen Kamerleden en ambtenaren is nodig, om daarmee ook meer lucht te geven aan de rijksdienst. De aanbeveling van de werkgroep Meer dan de som der delen, onder leiding van Kees van der Staaij, was: beperk het aantal moties. Dit jaar zijn het er alweer 450, na één maand. Diezelfde werkgroep zei: besteed meer aandacht aan onze wetgevende taak. Dat zeg ik tegen de voorzitter/rapporteur wetgevingskwaliteit. Laten we als Kamer ook serieus meer aandacht hebben voor al die evaluaties die wij krijgen, zoals we zelf hebben uitgesproken met de motie-Van Vroonhoven/Vermeer. Want we moeten niet vergeten soms ook te stoppen met beleid, of niet vergeten om inefficiënt beleid aan te passen. Het begin van een nieuwe kabinetsperiode is volgens mij een mooie kans voor een nieuwe start met deze voornemens en om ze in de praktijk te brengen. Voorzitter. Naast stilstand is de tweede bedreiging voor onze democratie de opkomst van autoritair leiderschap. Wereldwijd winnen autocraten immers terrein. In 2018 al verscheen het eindrapport van de staatscommissie parlementair stelsel. Nou kun je niet zeggen dat die in de volksmond "de commissie-Remkes" wordt genoemd, maar hier in de wandelgangen is dat in ieder geval wel het geval. Dat had de treffende titel: Lage drempels, hoge dijken. Het was een doorwrochte voorzet voor noodzakelijk onderhoud van de democratische rechtsstaat. Maar net als bij veel te veel staatscommissies de afgelopen 60 jaar, is er tot nu toe weinig terechtgekomen van de aanbevelingen. Er is mij veel aan gelegen om de aanbevelingen uit dat rapport niet van tafel te laten rollen. Onder opeenvolgende ministers van Binnenlandse Zaken is sinds 2018 veel voorbereidend werk verricht. Soms is er helaas ook een stap teruggezet, omdat het eigen gelijk het won van de wens om vooruitgang te boeken. Het is nu 2026. Ik zeg: het is tijd voor een democratisch offensief. De bal ligt op de stip; tijd voor de afronding.

Versie 19926f3b5361d5614dac0d8567a1258cc4c3d2ebd27afb33b23cb0000e7f8901 · Officiële bron.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 2b052652be26a1fa

12 okt 2026 · 9d0cf7b77462eadb

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.