Wet kwaliteit incassodienstverlening (35733)
Brontekst
Versie 39089eb6fa2b6ea1 · officiële bronMinister Weerwind: Dat is exact wat ik beoog en hoe ik de praktische uitvoering zie. Meneer de voorzitter. Ik ga nu dieper in op de schuldenproblematiek. Daar zijn veel vragen over gesteld. Met name is gevraagd hoe een Nederlander die schulden heeft daarvan afkomt. Laat ik duidelijk zijn. Principieel ben ik van mening dat schulden waar mogelijk zo snel mogelijk moeten kunnen worden afgelost. In mijn vorige werk als burgemeester van Almere, Velzen en Niedorp heb ik gezien hoe lang mensen in schuldenproblematiek kunnen blijven en hoeveel jaren op water en brood leven dat betekent, met ernstige, kale, nare situaties. In de brief van 3 november 2021, naar aanleiding van de motie-Van Beukering, is aangegeven dat alle stappen van invordering binnen de keten op zichzelf gerechtvaardigd zijn, maar dat de optelsom daarvan tot excessen kan leiden. Daarom wil ik naar een stelsel dat uitgaat van alert vertrouwen. Dat is ook naar voren gekomen in het gezamenlijke paper vanuit de partijen van de thematafels. Ik vind het belangrijk om snel en duidelijk onderscheid te maken tussen de schuldenaren die het betreft. U sprak daarover. Hebben we te maken met een schuldenaar die niet wil betalen? Of hebben we te maken met een schuldenaar die niet kan betalen? Ik vind dat je die verschillen helder in kaart moet brengen. Ik zal dan ook eerst de verschillende stappen in het incasso- en executietraject inzichtelijk maken, zodat duidelijk wordt of actie mogelijk is of dat andere stappen dan incasso of executie gezet moeten worden, zoals schuldhulpverlening of beschermingsbewindvoering. We moeten differentiëren, kijken waar we het over hebben, kijken wat het probleem is en wat daaraan te doen is. Daarmee krijgen we een ordentelijk proces, dunkt mij. Meneer de voorzitter. Gevraagd is of ik met een wetsvoorstel kom waarin wordt geregeld dat de rechter een betalingsregeling kan opleggen. Soms sta ik op de schouders van reuzen of van mijn voorgangers. Hierop kan ik bevestigend antwoorden, want men heeft dit al in werking gesteld. Er wordt momenteel een wetsvoorstel op dit punt voorbereid. Streven is om het conceptwetsvoorstel toch wel in het eerste halfjaar in consultatie te laten gaan. Ik ben al ingegaan op de Verwijsindex Schuldhulpverlening. Dat is een goede methodiek om inzicht te krijgen in de mensen die zich hebben gemeld bij schuldhulpverlening. Nogmaals, de gemeenten kunnen niet verplicht worden om hierop aan te sluiten. Ik adviseer ze wel degelijk om dat te doen. Ik zie een trend waarbij steeds meer gemeenten zich daarop aansluiten. Er is gevraagd welke eisen de overheid zichzelf oplegt. Als we de overheidsincasso bundelen in één bureau, is de minister het er dan mee eens dat de burger bij één incassobureau terecht moet kunnen? Dat was een vraag van het Kamerlid Kat. Die gedachtegang omarm ik volledig. Ik verwijs naar het CJIB. Het CJIB voert de betalingsprocedures uit voor de meeste rijksorganisaties, uitgezonderd de Belastingdienst. Daarnaast zijn de overheidsorganisaties bezig om voor de verschillende rekeningen die een burger bij rijksorganisaties heeft een centrale betalingsregeling via het CJIB af te spreken. Daarmee wordt gestart met het CJIB en DUO, de Dienst Uitvoering Onderwijs, en vervolgens zullen andere organisaties naar verwachting aansluiten. Er werd mij ook gevraagd of ik iets ga doen aan het maximaliseren van de rente. Dat is een van de punten uit het coalitieakkoord waar mijn collega, de minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen, mee bezig is. Ik heb mij laten informeren dat zij voor de zomer een brief hierover naar de Kamer zal sturen. Is het voor een schuldenaar goed te controleren of een incassodienstverlener geregistreerd is? Gerechtsdeurwaarders en advocaten zijn uitgezonderd van de registratieplicht in het incassoregister. Zij hebben een eigen beroepsorganisatie waar zij geregistreerd staan, het Landelijk Advocaten Tableau of het gerechtsdeurwaardersregister. Het klopt dus, zoals enkelen van u hebben opgemerkt, dat de burger alle drie de registers moet raadplegen. De registers zijn niet gekoppeld; ik geef dat volmondig toe. De vraag is mij gesteld of incassobureaus zicht hebben in de zorgkaart en wat mijn gedachten daarover zijn. Ik weet dat de collega's van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de ZorgkaartNederland hebben voor huisartsen en ondersteuners, maar wat te doen bij problematische schulden? Hoe gaan we daarmee om? Ik deel de observatie van deze Kamer dat de zorgkaart zeker van belang is voor alle problematische schulden. De toegang daartoe, alsook het contact met de gemeente en het zich bewust zijn van het bestaan van deze zorgkaart, wordt dan ook door de minister van Volksgezondheid en de minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen breed besproken met de incassobureaus en andere betrokkenen, zoals deurwaarders en schuldhulpverleners. U ziet dat ik mij even begeef op het terrein van een ander departement. Voorzitter, tot zover de schuldproblematiek. Dan wil ik nu ingaan op de reikwijdte van het wetsvoorstel. Waarom richt het wetsvoorstel zich op natuurlijke personen en niet ook op rechtspersonen? Immers, de Afdeling advisering van de Raad van State vroeg hier ook naar. Ik ben blij met deze vraag. Uitgangspunt bij een regulering van de incassomarkt is de bescherming van kwetsbare schuldenaren. Dat is duidelijk. Daarom is ervoor gekozen om natuurlijke personen te beschermen. Een natuurlijk persoon draagt persoonlijke aansprakelijkheid, dus kan ook worden getroffen in het eigen vermogen. Dat is niet het geval bij een rechtspersoon. Wie zijn dan die natuurlijke personen? Dat kunnen consumenten zijn, maar het kunnen ook personen zijn die als zzp'er werken, personen die een eenmanszaak hebben, of personen die werken in een ondernemingsvorm die geen rechtspersoon is; denkt u bijvoorbeeld aan een vennootschap onder firma. Dat betekent dus dat veel kleine bedrijven geen rechtspersoon zijn, maar onder de categorie natuurlijke personen vallen. Dat betekent dat ook zij beschermd worden door dit wetsvoorstel. Als rechtspersonen wel onder de reikwijdte van deze wet worden gebracht, dan gelden de regels in het wetsvoorstel ook voor de gehele zakelijke markt. Op dat punt is overheidsingrijpen naar mijn idee als niet proportioneel ingeschat.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Verder bij de Tweede Kamer
Externe officiële informatie