statement · 10 sep 2026 · Tweede Kamer
Pensioenonderwerpen
Brontekst
De heer Neijenhuis (D66): Voorzitter, dank u wel. De overgang naar ons nieuwe pensioenstelsel is in volle gang. Samen met collega's bezocht ik afgelopen woensdag de AFM en DNB. Daar zag ik hoeveel werk er wordt verzet; dat is ook wel goed om te benoemen. Ik kom zo natuurlijk nog op alle vragen en kritiekpunten, maar veel gaat ook gewoon heel goed. Een groot deel van de deelnemers en het pensioenkapitaal gaat dit jaar naar dat nieuwe stelsel of is het afgelopen jaar al overgegaan. Dat gaat voor een heel groot deel gelukkig ook heel zorgvuldig. Een zorgvuldige transitie betekent echter ook dat we goed kijken naar de mensen bij wie het niet goed gaat. Er zijn al veel vragen gesteld over de compensatie; daar sluit ik me voor een groot deel graag bij aan. Natuurlijk sluit ik me niet aan bij de vraag of we dan weer teruggaan naar het vorige stelsel. Een groot deel van de compensatie wordt juist betaald uit al die invaarbonussen; die ben je dan ook meteen weer kwijt. Ik denk dat we als wetgever wel moeten constateren dat we dit deel ook gewoon niet goed gedaan hebben. We hebben die keuze eigenlijk gedelegeerd aan de decentrale sociale partners op iedere plek, en we hebben ons daarbij onvoldoende gerealiseerd dat er dan in heel veel gevallen gekozen kon worden voor die overgang in één klap in plaats van voor spreiding. Daardoor zitten we nu met deze situatie. Ik denk dat het daarmee ook begint, met erkennen, en dat we ook moeten kijken naar een oplossing, voor zover die mogelijk is. Dat is dan ook mijn vraag aan de minister: is een oplossing hiervoor überhaupt nog technisch mogelijk? Daarnaast vraag ik graag aandacht voor werknemers met een verzekerde pensioenregeling. Actieve regelingen moeten op tijd voldoen aan de nieuwe pensioenwet, maar pas 26% van de contracten is overgezet. Ook met een piek rond de jaarwisseling blijft er dus veel werk liggen, en de gevolgen daarvan kunnen groot zijn. Als een regeling niet op tijd wordt aangepast, kan een werknemer plotseling belasting verschuldigd zijn over het opgebouwde pensioen. De minister zet nu vooral in op betere informatie en in het voorjaar volgt misschien nog persoonlijk contact. Mijn vraag aan de minister is: welke aanvullende maatregelen liggen klaar als de huidige aanpak onvoldoende werkt, en wanneer worden werknemers rechtstreeks gewaarschuwd als hun werkgever niet in actie komt? Voorzitter. Dan een andere groep die echt duidelijkheid verdient: de oud-werknemers en gepensioneerden met een oude verzekerde DB-regeling. Die regelingen gaan niet mee in de pensioentransitie, en toch is er veel onzekerheid. Mensen zien berichten over dat pensioenfondsen de pensioenen allemaal verhogen, maar hun eigen pensioen blijft achter. Na jaren van hoge inflatie kan ik me best wel voorstellen dat die mensen zich erg teleurgesteld voelen, helemaal als ze dachten, en voorgespiegeld hadden gekregen, dat die pensioenen gewoon mee zouden gaan stijgen. Ook hier is natuurlijk informatie weer van belang, niet alleen voor die deelnemers, maar ook voor mensen met een verzekerde regeling die blijft staan. Van termen die we hier gebruiken, zoals "DB", "DC", "slapend", "actief", begrijpen wij allemaal wel waar het over gaat, maar veel mensen begrijpen dat natuurlijk niet. Daar moet je wel echt goed duidelijk over communiceren. Vandaar de volgende vragen. Herkent de minister het belang ervan dat werknemers goed worden geïnformeerd en op de hoogte zijn van hun pensioenrechten, ook als deze niet worden ingevaren? Hoe ziet de minister toe op adequate informatievoorziening aan deelnemers van verzekerde regelingen? Tot slot nog een andere grote verandering, en dat is de demografische verandering. We leven met z'n allen langer; dat is natuurlijk heel fijn. We gaan echter dus ook in niet al te lange tijd van 3,6 miljoen naar 4,6 miljoen AOW'ers. Tegenover iedere AOW'er staan dus steeds minder werkenden. Gelukkig willen steeds meer mensen na hun AOW-leeftijd actief blijven. Niet omdat het moet, maar juist omdat zij dat graag willen, omdat zij kennis, ervaring en energie willen blijven inzetten. D66 vindt dat we die ambitie moeten ondersteunen. Het is daarom goed nieuws dat steeds meer cao's ruimte bieden om na de AOW-leeftijd nog opnieuw een arbeidsovereenkomst te kunnen aangaan. Ik sluit mijn betoog af met de volgende vragen aan de minister. Kan hij ondersteunen dat dit vaak gebeurt en zorgen dat dit voor veel meer mensen bereikbaar wordt? Ziet hij kansen om hier samen met sociale partners in op te trekken? Wil hij in toekomstige cao-onderzoeken ook kijken naar afspraken over het pensioenontslagbeding en over doorwerken na de AOW-leeftijd? Dank u wel.
Versie d7a3e504be0a87086bb9ced6b5476374ff0d6b9cac4153a0ea48a1f327eafc36 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.