Inburgering en integratie
Brontekst
Versie 4bd53e65977cfb59 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenMinister Van Gennip: We hebben geschreven dat we, inderdaad vooruitlopend op die wetswijziging, een ruimere uitleg willen geven zodat er meer maatwerk mogelijk is. Maar dat maatwerk betekent voor mij niet dat een gemeente sowieso zegt: we doen het voor alle statushouders anders. Dat maatwerk betekent voor mij dat een gemeente kan zeggen: bij deze statushouders zien we dat financieel ontzorgen beter op een andere manier tot zijn recht kan komen. Dat gaat overigens over het algemeen om de hoger opgeleide statushouders, die zeggen dat ze het eigenlijk beter zelf kunnen doen. Maar het mag geen reden zijn dat de gemeente zegt dat die het te ingewikkeld vindt en dat die het daarom weer terug uit handen geeft. Dan vroeg mevrouw Becker ook of we het voorlichtingsmateriaal van Femmes for Freedom onderdeel kunnen maken van het participatieverklaringstraject. In dat participatieverklaringstraject vindt voorlichting plaats over fundamentele rechten, waarden en vrijheden zoals we die in Nederland kennen. Ik heb zelf Femmes for Freedom nu twee of drie keer ontmoet en ik heb de materialen ook in ontvangst genomen. Dat ziet er gewoon heel goed uit. Ik heb het materiaal al bij de gemeenten onder de aandacht gebracht, maar dat zal ik nog een keer met nadruk doen. Verplichtstellen gaat in tegen de geest van de verantwoordelijkheid van de gemeente versus de rijksoverheid. Daar wil ik met u ook best een discussie over voeren, maar dat is een bredere dan alleen een discussie over de materialen van Femmes for Freedom. Maar ik kan die zeker nadrukkelijk onder de aandacht brengen. Dat zal ik nogmaals doen. Ik denk ook eigenlijk dat de meeste gemeentes echt blij zullen zijn dat ze dit soort goede materialen tot hun beschikking krijgen en daar dus hun voordeel mee kunnen doen. Dan ga ik nu in op de vragen over statushouders aan het werk. U kent het plan van aanpak van statushouders aan het werk. Een snelle start is essentieel; dat weet u ook. U kent de vier lijnen. U hebt ook kunnen lezen dat het voor alle statushouders is, ongeacht of ze wel werk hebben en ander werk zoeken, geen werk hebben of wel of niet op hun eigen niveau werken. Ook maakt het niet uit of ze onder de Inburgeringswet 2007, 2013 of 2021 vallen, nog in een azc zitten of al in een gemeente zitten. Het moet echt een alomvattend plan zijn om de verbetering van de arbeidsmarktpositie van statushouders voor elkaar te krijgen. Dan gaat het vooral om de vroege inzet op die combinatie van taal en werk. Hierbij is het belangrijk dat er draagvlak is bij de VIA-partijen, zodat er ook echt door de gemeentes, werkgevers, uitzenders, noem maar op, wordt samengewerkt om die vier lijnen voor elkaar te krijgen. Ik herhaal ze maar even: vroege participatie vanuit azc, ondersteuning en samenwerking met werkgevers en branches, regionale samenwerking, waar ook de startbanen onder vallen, en werken op eigen niveau. Dan had u een aantal specifieke vragen. Ik zal niet alle details van elke lijn gaan noemen. De eerste vraag was van mevrouw Becker en ging over de drie regionale initiatieven rondom startbanen. Het zijn er overigens inmiddels vier. Waarom zijn het er niet meer? Dat is omdat wij een aantal pilots, proeven, willen doen. Als wat er uit zo'n proef komt goed werkt, willen we dat breder uitrollen naar meer gemeentes. Je ziet ook dat de verschillende initiatieven op een andere manier vormgegeven worden. Zo is er een initiatief van een aantal gemeentes in Brabant, waaronder Nuenen. Dat wordt uitgevoerd door het sociaal ontwikkelbedrijf. Er is een pilot rond Brainport Eindhoven. Dat richt zich meer op techniekbanen. Ik heb gister ook een gesprek gehad met de gemeente Amsterdam over startbanen. In Almere gebeurt het met een uitzendbureau vanuit het azc. Zo zijn er verschillende soorten pilots om te kijken wat het beste werkt. Dan kun je natuurlijk ook zeggen: als de pilot met de vroege banen, de vroege start, vanuit het azc in Almere goed werkt, kun je dat op heel veel plekken doen. Als het via de sociaal ontwikkelbedrijven werkt, doe je dat weer op andere plekken. Dus op die manier wil je zo veel mogelijk pilots doen. Ik sta open voor meer pilots dan deze drie of vier. Als er andere ideeën zijn van andere gemeentes — ik gooi het gelijk maar even op — dan zeg ik: graag. Maar ik wil ook dat die pilots wel even tot wasdom kunnen komen en dat we daarvan kunnen leren wat wel en wat niet werkt. Aan het eind van het jaar kunnen we dan zeggen: dit zijn de geleerde lessen en deze pilot kunnen we goed landelijk uitrollen, en deze toch maar niet of op een andere manier. Dan gaan we dus ook ervoor zorgen dat we in 2024 die brede uitrol gaan stimuleren. Mevrouw Becker stelde ook een interessante vraag over de tekortsectoren. Ik denk niet dat de initiatieven te ad hoc zijn. Ik zou er wel meer willen zien. De initiatieven die er zijn, zijn over het algemeen vrij goed vormgegeven. Die zitten inderdaad ook in de tekortsectoren. In de kinderopvang — daar ben ik zelf voor verantwoordelijk — zijn er echt goede initiatieven om zijinstromers, groepshulpen vanuit statushouders te krijgen. Mijn collega van VWS is in de zorg aan het kijken of daar aanvullende maatregelen gewenst zijn om te stimuleren dat statushouders in de zorg aan de slag kunnen. Dat kunnen zowel statushouders met als zonder zorgachtergrond zijn. Bij het onderwijs is OCW actief aan het stimuleren dat er in het kader van het lerarentekort statushouders instromen via leer-werktrajecten die ontwikkeld worden met hogescholen. Dus zo zie je in een aantal tekortsectoren echt gestructureerde initiatieven. Werkgevers en sectoren kunnen ook zelf aan de slag. Gisteren gaf ik u al het voorbeeld van Refugee Talent Hub en Microsoft, geënt op de IT-sector. Dus nee, ik vind het niet te ad hoc. Maar ook hiervoor geldt, net als voor die pilots: je zou willen dat het in meer sectoren van de grond komt. Dat zie je ook gebeuren. Je ziet gewoon dat als zo'n IT-project in Amsterdam succes heeft, er andere sectoren komen die zeggen "dat zou ik eigenlijk ook wel willen". Ik weet dat de techniekbranche — het voorbeeld van de zonnepanelen kwam natuurlijk niet voor niks langs — ook aan het kijken is of ze meer statushouders kunnen vinden. In het oosten van het land wordt er voor praktisch geschoolde techniekbanen actief gezocht onder statushouders, om die dan via de leer-werktrajecten op te leiden. Mevrouw Becker vroeg ook naar vrouwelijke statushouders en ondernemerschap. Ik heb aan uw collega Thierry Aartsen toegezegd — ik denk dat dat tijdens het WGO was — dat wij in de PIP's extra aandacht zouden hebben voor vrouwelijke inburgeraars, zodat ze inderdaad veel meer aandacht krijgen en niet alleen maar met hun man op bezoek komen, waarbij die man het woord voert, maar ze ook zelf aangesproken worden op financiële zelfstandigheid en aan het werk gaan. Dit is ook een van de agendaonderwerpen voor mijn gesprek met de VNG: hoe gaat het daarmee? Dus dat doen we met vrouwelijke statushouders. Een actielijn voor ondernemerschap hebben we nog niet, maar ik weet wel dat een aantal gemeentes daarmee bezig zijn. Ik vind het wel een aardig idee om in onze volgende ronde van ons actieplan specifiek aandacht te geven aan ondernemers, waarbij we natuurlijk wel weer schijnondernemerschap moeten voorkomen. Het moet om echt ondernemerschap gaan, want schijn-zzp'ers komen natuurlijk helaas onder statushouders ook veel voor. De heer Van Baarle vroeg of er geen geld was voor het plan van aanpak. Hij zei eigenlijk ook dat hij het allemaal niet zo concreet vond en dat het niet opschoot. Dit is natuurlijk het eerste grote plan van aanpak voor statushouders, gedragen door heel veel partijen. De heer Van Baarle weet ook, in de traditie van de Tweede Kamer, dat als je een paar maanden voor de Voorjaarsnota iets stuurt, je pas een paar maanden daarna iets over het geld kunt zeggen. Ik weet ook niet of ik er daarna iets over kan zeggen. Dat zal allemaal nog moeten blijken. Belangrijk is dat alle acties er staan en dat gemeenten en werkgevers zich eraan hebben gecommitteerd om mee te doen. Ik ben het wel eens met de heer Van Baarle dat de volgende stap natuurlijk is dat er meer concrete acties komen. In mijn antwoord zojuist op de vraag van mevrouw Becker hebt u kunnen horen dat er al heel veel concrete initiatieven in zitten. Als je die vervolgens structureel wilt uitrollen en wilt kunnen begrijpen, moet je er natuurlijk onderzoek naar doen en moet je bekijken hoe je ze verder kunt uitrollen. Het is inderdaad een combinatie van zaken die we nog aan het uitzoeken zijn en zaken die we echt al concreet doen. Mevrouw Becker vroeg ook naar de loonkostensubsidie. Met de gemeenten en de VNG voeren het ministerie en ik doorlopend het gesprek over wat er nodig is om de dienstverlening door gemeenten aan bijstandsgerechtigden en specifiek statushouders te verbeteren. Met de gemeenten heb ik afgesproken dat we de goede voorbeelden beter gaan delen. Dat heb ik overigens samen met mijn collega Schouten afgesproken. U kunt dan denken aan successen die gemeenten nu al boeken met bestaande instrumenten. Daar hoort de loonkostensubsidie ook bij. Gemeenten kunnen die zelf inzetten voor een doelgroep met een ziekte of een handicap. Statushouders an sich vormen niet dé doelgroep, maar ze kunnen er natuurlijk wel onder vallen. Dan kan het worden ingezet. We monitoren op dit moment al voor hoeveel inwoners gemeenten wettelijke loonkostensubsidies inzetten. Tevens monitoren we het aantal inwoners met een Europese achtergrond en het aantal inwoners met een niet-Europese achtergrond waarvoor wettelijke loonkostensubsidie wordt ingezet. Statushouders vallen onder de tweede categorie, maar zijn geen expliciete groep in de monitoring. Via de Participatiewet van mijn collega Schouten wordt u tweemaal per jaar geïnformeerd over de resultaten van de monitoring. U wordt dus al geïnformeerd. Ik zie u kijken alsof het niet genoeg is, mevrouw Becker. Ik probeer uw vraag te raden!
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.