Uitspraak · 25 jun 2025 · Tweede Kamer
Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Huisvestingswet 2014, de Omgevingswet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Woningwet in verband met de versterking van de regie op de volkshuisvesting en met het oog op enkele andere met de volkshuisvesting samenhangende maatregelen (Wet versterking regie volkshuisvesting) (36512)
Brontekst
De heer Boswijk (CDA): "De ene helft weet niet hoe de andere helft leeft. Ze wisten het niet omdat ze het niet wilden weten. De waarheid drong pas door toen ze er niet meer omheen konden." Met deze woorden opent How the Other Half Lives, het baanbrekende werk van de Deens-Amerikaanse journalist Jacob Riis. In rouwe beelden en scherpe rapportages legde Riis het verborgen leven van stedelijke armen in New York bloot: overvolle, vervallen woningen, zonder daglicht en sanitair. Zijn confronterende werk schokte het publiek en raakte ook invloedrijke politici, onder wie Theodore Roosevelt. Die zou, diep onder de indruk van Riis' verslaggeving, als politiecommissaris en later als president pleiten voor sociale hervormingen en betere huisvesting. Riis maakte zichtbaar wat velen liever negeerden en toonde aan dat de vrije markt zonder grenzen zelden rechtvaardigheid brengt. Stel dat Jacob vandaag in Nederland zou leven, wat zou hij dan zien? Dan ziet hij misschien geen krotwoningen zonder daglicht of stromend water, maar wel nog altijd een samenleving waar goed wonen onbereikbaar is. Hij zou jonge ouders treffen die hun pasgeboren kind grootbrengen op de zolderkamer van hun ouders, omdat ze zelf geen betaalbare woning kunnen vinden. Hij zou grote gezinnen aantreffen die samengepakt leven in kleine sociale huurwoningen, of zelfs in garageboxen, of hoogbejaarden die noodgedwongen in hun woonkamer slapen omdat de slaapkamer op de andere verdieping niet meer bereikbaar is. Jacob zou een samenleving beschrijven waar het recht op uitzicht door sommigen als een groter recht wordt gezien dan het recht op een woning en waar de woningbezitter meer rechten heeft dan de woningzoekende. Hij zou opnieuw met beelden en verhalen laten zien wat we liever niet onder ogen zouden zien. Want ook al is de wooncrisis van nu anders van aard dan destijds, ze raakt evenzeer aan iets wezenlijks, namelijk dat het recht op een menswaardig bestaan begint bij een thuis. Voorzitter. De kern van deze wet is helder: we versterken de regie op volkshuisvesting. Dat is hard nodig. Het gaat hier namelijk niet alleen over het stapelen van stenen of plannen op papier. Het gaat erom dat het recht op een menswaardig bestaan ook moet gelden voor de andere helft. Dat vraagt om een andere manier van kijken: minder vanuit systemen en procedures en veel meer vanuit mensen, minder vanuit rendement en meer vanuit gerechtigheid. De vraag moet zijn: waar is de behoefte het grootst? Welke gemeenschappen kampen met het grootste gebrek? Waar komen de mensen klem te zitten? Waar stagneert het leven omdat een huis ontbreekt? Voorzitter. Het moge duidelijk zijn dat wij als CDA groot voorstander zijn van deze wet, van het versterken van de regie op volkshuisvesting, van twee derde betaalbare woningen, waarvan 30% sociale huur. Het moge duidelijk zijn dat wij voorstander zijn van de versnelling van de procedures en van het vergunningsvrij plaatsen van familiewoningen en mantelzorgwoningen. Voorzitter. We begrijpen als CDA de afweging die de minister maakt in de kabinetsreactie op het verbetervoorstel, namelijk dat zij ruimte wil geven aan regionale differentiatie. De gemeente Amsterdam is nu eenmaal anders dan de gemeente Tholen. Tegelijkertijd vind ik dat de minister meer recht zou moeten doen aan een aantal andere elementen uit het verbetervoorstel. De zorgen over de uitvoerbaarheid zijn namelijk reëel. Neem de vraag: wie neemt de regie als de gemeenten er onderling niet uit komen? Het verbetervoorstel benoemt terecht dat deze rol niet alleen duidelijk moet zijn, maar ook tijdig en daadkrachtig moet worden ingevuld. Op dat punt ben ik nog niet gerustgesteld. Ja, de wet voorziet in een rol voor het Rijk, maar het blijft vaag hoe die regie er in de praktijk uitziet. In het wetsvoorstel is er sprake van een aanwijzingsbevoegdheid. Als een regio er niet uit komt, kan de minister bepalen dat er toch wordt gebouwd. Maar de uitwerking van deze regierol blijft nog onduidelijk. In de kabinetsreactie verwijst de minister naar het stellen van een termijn in het ontwerpbesluit. Voorzitter. Ik ga ervan uit dat er vaste, strakke deadlines komen voor situaties waarin regionale woningbouwoverleggen vastlopen. Denk aan een termijn van drie maanden of korter. Die termijnen verschillen hopelijk niet per regio. Er moet straks één heldere termijn gelden voor elke woningbouwregio, ongeacht het stadium waar die zich in bevindt. Voorzitter. Is het straks voor elke woningbouwregio volstrekt helder wanneer zij een aanwijzing van de minister kunnen verwachten, vraag ik de minister. Dus geen twijfel, geen grijs gebied, maar klip-en-klaar. Want de minister weet: de kracht van een aanwijzing zit niet alleen in het besluit zelf, maar juist ook in de druk die ervan uitgaat. Iedere gemeente weet dan wat ie moet doen: voor volgende week maandag moet ik eruit zijn met mijn buurgemeenten, anders wordt er ingegrepen. Daar is duidelijkheid over nodig. Hetzelfde geldt voor de zogenoemde fallbackoptie uit het verbetervoorstel. Wat het CDA betreft komt er een stevig vangnet waarbij het Rijk de regie overneemt zodra het op regionaal niveau spaak loopt. Is de minister bereid om binnen deze wet een vergelijkbare voorziening structureel te regelen? Voorzitter. Nog belangrijker is een terecht punt van kritiek uit het verbetervoorstel: de wildgroei aan regio-indelingen. We hebben woningbouwregio's, woondealregio's en woningmarktregio's. Het wetsvoorstel beoogt deze samen te brengen, zodat juist die nieuwe woningbouwregio's de regie nemen over de volkshuisvesting. Maar dan moet die samenvoeging wel daadwerkelijk plaatsvinden. Wij hebben daar een amendement over ingediend. Ik heb alleen inmiddels van Bureau Wetgeving begrepen dat het amendement eigenlijk een motie moet zijn. Ik trek bij dezen dus het amendement in. Wij komen in tweede termijn met een motie.
Versie 8ece90102c0887890ca104ded2dabc57d23834af25e9bd3e80821aed6e9a0b77 · Officiële bron.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.