KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 11 jun 2026 · Tweede Kamer

de jeugdzorg en jeugdhulpverlening

Brontekst

De heer Stoffer (SGP): Voorzitter. Het weefsel van de samenleving, zo zou je gezinnen kunnen noemen. Als kinderen opgroeien in een stabiele en liefdevolle omgeving, biedt dat een stevige basis om hun weg in de maatschappij te vinden. Het omgekeerde is helaas ook waar. Een conflict, scheiding of andere verdrietige gebeurtenis kan een gezin verscheuren, met allerlei schade tot gevolg: vaders en moeders die elkaar niet kunnen luchten of zien, kinderen die gebukt gaan onder hooggespannen verwachten, jongeren die met zichzelf in de knoop raken, onveiligheid, geweld, trauma's. De maatschappelijke gevolgen en kosten van gezinsproblemen zijn gigantisch. Om het beeld van het weefsel vast te houden: als gezinnen uiteenrafelen, schaadt dat ook de samenleving als geheel. De deskundigencommissie verwoordde het glashelder. In vrijwel elk gesprek dat de commissie heeft gevoerd, wezen gesprekspartners erop dat de oorzaken van problemen die jongeren ervaren in het merendeel van de gevallen te herleiden zijn tot problemen in het gezin of in de nabije omgeving. Mijn vraag is: hoe reageert de minister hierop? Kinderen en jongeren worden nog te vaak gezien als individu met een individuele hulpvraag. Een kind meldt zich bij de hulpverlener, die er een stickertje op plakt of er een rugzakje aan hangt. Zelfs als ze niet weten wat het stickertje moet zijn, is er nog wel een stickertje. "Onbegrepen gedrag" heet dat dan. De overheid betaalt vervolgens de behandeling of het medicijn: probleem opgelost, zou je denken. Niet dus. Maar wat dan wel? De sleutel voor de oplossing van problemen van jongeren bevindt zich op precies dezelfde plek als waar die problemen zijn begonnen: in het gezin of in de directe omgeving, de gemeenschap. Door vroegtijdig erbij te zijn, kun je voorkomen dat een gezinssituatie op een later moment vreselijk ontspoort. De vraag is: hoe doen we dat concreet? De SGP heeft in de afgelopen maanden zelf de handschoen opgepakt en voerde vele gesprekken met gemeenten, belangenbehartigers, zorgverleners en maatschappelijke initiatieven. In de Week van het Gezin organiseerden we een rondetafelgesprek met experts. Vandaag presenteer ik dan ook een initiatiefnota met een serie concrete voorstellen om gezinnen en gemeenschappen te versterken. Voorzitter, die nota wil ik via de bode graag overhandigen aan de minister. Voorzitter. Dank aan de bode en aan de minister dat deze nota in ontvangst genomen werd. Die was er niet gekomen zonder het werk van onze stagiair Coert Baelde, die hierachter in de zaal zit als mijn medewerker vandaag. Coert, ontzettend bedankt voor jouw inzet, ook vanaf deze plaats. Voorzitter. We moeten dus het weefsel van gezinnen en gemeenschappen sterker maken. Ik denk dat we later in een uitgebreider debat over deze initiatiefnota daar nog wel op terugkomen. Ik wil er vandaag drie voorstellen uitlichten. In de consultatieversie van het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet wordt het belang aangestipt van infrastructuur voor informele steun aan gezinnen. Denk aan initiatieven zoals Samen Oplopen, Buurtgezinnen en de Eigen Kracht Centrale. Wat de SGP betreft kan niet worden volstaan met slechts het vermelden van die infrastructuur in de wet. We willen dat informele ondersteuning stevig wordt, gepositioneerd als onderdeel van de sociale basis. De norm moet zijn: eerst mogelijkheden van informele steun in kaart brengen voordat überhaupt professionele hulp overwogen wordt. Wijzig de Jeugdwet zodanig dat het familiegroepsplan expliciet wordt vormgegeven als een plan van het gezin en diens sociale netwerk, waarbij de regie in beginsel bij de familie ligt. Mijn vraag is of de minister bereid is om deze vragen mee te nemen in het wetsvoorstel. Een belangrijk knelpunt is dat bewezen effectieve informele ondersteuning afhankelijk is van tijdelijke subsidiepotten of incidentele lokale middelen. Goede projecten moeten na een paar jaar vaak weer stoppen. De SGP zou daarom graag zien dat het kabinet samen met gemeenten een meerjarige financieringsstrategie ontwikkelt voor preventieve gezins- en relatieondersteuning. Mijn vraag is hoe de minister daarnaar kijkt. Ten derde is het cruciaal om vroegtijdige gezinsondersteuning vorm te geven op basis van het uitgangspunt van het gewone leven. Voorkom dat gewone opvoed- en gezinsvragen onnodig binnen specialistische zorgtrajecten terechtkomen. Mijn vraag is of ook dit onderdeel zou kunnen worden van het wetstraject Reikwijdte Jeugdwet. Concreet stelt de SGP voor dat er in elke gemeente een laagdrempelig groepsaanbod komt dat de relatie van jonge ouders en kinderen ondersteunt. Mijn vraag aan de minister is — dit is mijn laatste vraag aan haar — of ze het daarmee eens is en of ze dat zou willen bevorderen. Voorzitter. Ik zou mijn bijdrage willen afsluiten met een uitspraak van iemand die de minister heel goed heeft gekend, wijlen mijn voorganger Bas van der Vlies. Hij zei geregeld: "We gaan het gezin pas waarderen als het te laat is." Nou, dat is een les die ik mijzelf persoonlijk vaak voor ogen houd, als ik afwegingen maak over wat ik ga doen versus de tijd die ik aan mijn gezin besteed. Gelukkig slaat dat af en toe naar de goede kant door, al vinden ze dat thuis weleens anders. Maar ik denk dat dit een uitspraak is die we ons ook als samenleving ter harte mogen nemen. Laten we het gezin niet pas waarderen als het te laat is. Dank u wel.

Versie 482c22302db604d3f7ebf5accdbbb81f2107dadfe1fbcc3e4c14e33302459c59 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.