KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 19 mei 2026 · Tweede Kamer

Wijziging van het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering in verband met het verbeteren van de bestrijding van heling, witwassen en de daaraan ten grondslag liggende vermogensdelicten (36036)

Brontekst

Minister Van Weel: Voorzitter, met alle plezier neem ik u mee in de wijze waarop ik mijn beantwoording heb gestructureerd. Allereerst dank aan de leden voor hun inbreng in de eerste termijn over een wetsvoorstel dat natuurlijk al even in voorbereiding is en dat wij nu uiteindelijk behandelen. Ik zal daar zo inhoudelijk op ingaan. Ik zal beginnen met een inleiding. Dan heb ik een blokje over de meerwaarde van dit wetsvoorstel. Daar was een aantal vragen over. Dan komt de reikwijdte, daarna de uitvoering en ten slotte de privacy en gegevensverwerking. Daarna zal ik aan het einde van mijn termijn de ingediende amendementen appreciëren. Voorzitter. Mijn inleidende spreektekst. Ik ben blij dat we vandaag dit wetsvoorstel behandelen. Ik ben namelijk echt van mening dat dit wetsvoorstel een belangrijke bijdrage zal leveren aan de bestrijding van heling, witwassen en vermogensdelicten zoals diefstal. Het wetsvoorstel doet dit door landelijke uniformering en digitalisering van in principe al bestaande verplichtingen voor opkopers en handelaren in gebruikte en ongeregelde goederen. Deze verbeteringen dragen eraan bij dat de afzetmarkt voor criminelen wordt verkleind en dat opkopers en handelaren die te kwader trouw zijn en malafide aanbieders van gebruikte of ongeregelde goederen sneller tegen de lamp lopen en kunnen worden vervolgd en berecht. Ook voor de aanpak van ondermijning is dat van belang. De hier genomen maatregelen dragen er ook aan bij dat plegers van vermogensdelicten en witwassen beter kunnen worden opgespoord en dat personen van wie goederen zijn gestolen, die goederen ook weer kunnen terugkrijgen. Om hiervan meteen een heel recent voorbeeld te geven: gisteren verscheen het bericht in de media dat de politie iemand heeft aangehouden die voor ongeveer €67.000 aan gouden sieraden bij goudinkopers in Rotterdam verkocht. Van in ieder geval een deel van deze sieraden staat nu al vast dat die zijn gestolen. De vrouw, in dit geval een zorgmedewerker, wordt ervan verdacht deze sieraden te hebben gestolen van cliënten. Ook wordt ze verdacht van het witwassen van deze sieraden. Zij kwam inderdaad in beeld na een controle van het digitale opkopersregister bij een goudinkoper. In Rotterdam wordt namelijk al met het digitale register gewerkt. Natuurlijk moeten we nog afwachten hoe het verdergaat in deze zaak, maar ik denk wel dat het een sprekend voorbeeld is van dat er bij een opkoper die te goeder trouw is waarschijnlijk bij individuele transacties geen alarmbellen afgaan, maar waardoor er door het feit dat er een match ontstaat met stopheling.nl een belangrijke bijdrage geleverd kan worden. Ik kom straks nog terug op de vraag of mensen dat wel of niet invullen. Daaraan wil ik meteen koppelen dat dit is waarom ik meerwaarde zie in het uniformeren en digitaliseren van wat nu al in delen gebeurt. Dit register bestaat al, maar op dit moment staat het gemeenten nog vrij om dat op een andere manier, zelfs op papier, in te vullen. Dit voorbeeld geeft al aan dat als je dit op papier zou moeten matchen, de kans dat iemand op deze manier tegen de lamp loopt een stuk kleiner is. Tegelijkertijd zijn dat ook weer administratieve lasten voor gemeenten, die al die papieren moeten gaan controleren, matchen et cetera, terwijl deze handel zich natuurlijk landelijk afspeelt, zo niet internationaal. Dus het automatisch kunnen matchen van systemen, het hebben van een automatisch register, is eigenlijk voor gemeenten een verlichting. Daarom zie je dat grotere gemeenten die daar al wel de middelen voor hadden, dit wel hebben ingericht. Hiermee ben ik van mening dat we ook kleinere gemeenten een verlichting van administratieve lasten geven. Op het moment dat die opkoper eenmalig geregistreerd staat — daar hebben we ook een centraal register voor, het DOL — houdt voor de gemeente namelijk de administratieve last op, kunnen de opkoper en de handelaar zelf hun informatie invullen en registeren in het onlinesysteem, en vindt daar de automatische toets plaats met Stop Heling, waarbij uiteindelijk notificaties terechtkomen bij de politie. Het is 2026 en velen van u zeiden het al: het is dus eigenlijk een proces dat op papier al bestond op basis van de oude wet nu naar 2026 brengen, waarin we dit gewoon digitaal kunnen doen en hopelijk matches kunnen hebben. Ik ben dan ook van mening dat dit een aantal vormen van verlichting gaat brengen in de administratieve lasten, bijvoorbeeld voor de metaal- en de kunstbranche, de voertuigenbranche en de kringloopwinkels. Waarom is dat? Omdat alleen nog maar de goederen die we bij AMvB aanwijzen als diefstalgevoelige goederen onder de registratieplicht vallen, terwijl nu in principe alles onder die registratieplicht valt. De registratieplicht vervalt dus voor goederen die geen waarde hebben in het economisch verkeer en om niet worden aangeboden om als afval te worden vernietigd of te worden gerecycled. Dat is meteen een antwoord op de vraag van de heer Diederik van Dijk, maar ik kom nog uitvoeriger terug op dat punt. Daarmee wil ik meteen doorstappen naar het wetsvoorstel en de meerwaarde daarvan.

Versie 0409052d426486a0b0a1da0d2afff464019e7ba3896f8547de2a5c0402710115 · Officiële bron.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.