KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 1 jul 2026 · Tweede Kamer

Midden- en kleinbedrijf

Brontekst

De heer Prickaertz (PVV): Dank, voorzitter. Niet geheel toevallig opende Het Financieele Dagblad vandaag met een artikel waaruit blijkt dat ondernemers met minder dan 50 man personeel gemiddeld minder verdienen dan een zzp'er. Al drie jaar op rij slinken de nettomarges voor deze ondernemers door sterk stijgende lasten en een veel te hoge belastingdruk. Er zijn zelfs gevallen bekend waar ondernemers zichzelf zo weinig kunnen uitkeren dat ze onder bijstandsniveau verdienen. Ook daalt al drie jaar op rij de investeringsbereidheid bij kleine bedrijven en bedraagt deze vandaag de dag slechts 10% of minder van de totale omzet. Het kabinet spreekt al jaren over minder regeldruk, maar de resultaten zijn uiterst mager. Volgens de voortgangsrapportage zijn tot nu toe slechts 94 regels geschrapt, terwijl het kabinet zelf de ambitie heeft uitgesproken om 500 regels te vereenvoudigen of af te schaffen vóór de zomer van 2026. Dat is nu. Hoe beoordeelt de minister deze voortgang? Voorzitter. Ook de invulling van de regels waar de minister nu aan werkt roept vele vragen op, vragen of deze maatregelen daadwerkelijk tot minder regeldruk zullen leiden. Hiervan zijn meerdere voorbeelden te noemen. Voorzitter. Op papier belooft het kabinet minder regels, betere dienstverlening en een aantrekkelijker ondernemingsklimaat. In de praktijk ligt dit helaas totaal anders. Ondernemers ervaren juist meer verplichtingen, hogere administratieve lasten en steeds verder oplopende kosten. Een voorbeeld hiervan is de vrachtwagenheffing. Transportondernemers hebben nu al te maken met sterk stijgende kosten. Daar komt door middel van de vrachtwagenheffing opnieuw een gigantische lastenverzwaring bovenop. Uiteindelijk gaan de mensen thuis hiervoor de rekening betalen. Hetzelfde geldt voor de steeds verdergaande verduurzamingsverplichtingen. De invoering van zero-emissiezones in verschillende gemeenten is daarvan een duidelijk voorbeeld. Vooral ambulante ondernemers als marktkooplieden en kermisexploitanten lopen volledig vast. Elektrische alternatieven zijn extreem duur. Een elektrische vrachtwagen kost tussen de drie en de zeven ton. Dat zijn investeringen die voor de meeste ondernemers helemaal niet haalbaar zijn. Het risico bestaat dat markten en kermissen binnenkort gewoon niet meer bestaan. Daar blijft het niet bij. Ondernemers krijgen volgend jaar ook te maken met de invoering van de 12% pseudo-eindheffing op niet-uitstootvrije zakelijke auto's. Eigenlijk is het heel simpel: of je schaft een elektrische auto aan, of je betaalt die 12% pseudo-eindheffing. Linksom of rechtsom is dat een enorme lastenverzwaring voor alle ondernemers. Nog een voorbeeld is de tulpentaks, een btw-verhoging van 11% die desastreuze gevolgen gaat hebben in deze sector. In Spanje hebben ze de btw op bloemen en planten in 2012 verhoogd van 8% naar 21%. Het resultaat was dat de omzet daalde met 25% en dat 23% van de bloemisten failliet ging. Daarom heeft men daar in 2015 wederom een laag tarief ingevoerd van 10%. Hetzelfde geldt voor de aankomende suikertaks: de kosten stijgen, administratieve lasten nemen toe en de ondernemer is de dupe. Zo wordt op 12 augustus de PPWR, Packaging and Packaging Waste Regulation, van kracht voor elke ondernemer die verpakkingen produceert, verhandelt, importeert en voor het eerst op de markt brengt. Ondernemers moeten dan exact in kaart gaan brengen welke verpakkingen ze in omloop brengen. Dat betekent wéér een rapportageverplichting erbij. Voorzitter. Ondernemers hebben behoefte aan een betrouwbare overheid, die niet elke keer tijdens de wedstrijd de regels verandert. Het voorgenomen vuurwerkverbod laat dat scherp zien. Er is nog altijd geen duidelijkheid over een fatsoenlijke compensatieregeling, terwijl een adequate compensatie wel nadrukkelijk onderdeel uitmaakte van de politieke afspraken rond deze wet. Het is überhaupt zorgelijk dat een complete branche zomaar letterlijk de nek omgedraaid kan worden met een verbod. We kennen bovendien de geschiedenis van de pelsdierhouderijen. Ook daar werd een eerlijke compensatie toegezegd, maar uiteindelijk moesten deze ondernemers jarenlang procederen voordat er duidelijkheid kwam. Dat mag zich niet herhalen. Voorzitter. Beleid moet niet alleen goed ogen in beleidsstukken, het moet ook uitvoerbaar zijn voor de mensen die er dagelijks mee te maken hebben. Dat geldt ook voor de financiering van het mkb. De minister presenteert de groei van non-bancaire financiering als een succes, maar het is de vraag of ondernemers daar daadwerkelijk beter van worden. Deze financieringsvorm kent vaak veel hogere rentelasten, kortere looptijden en minder gunstige voorwaarden dan reguliere bancaire kredietverlening. Kan de minister daarom aangeven op basis waarvan zij dit als een succes presenteert? Is het niet veel belangrijker dat mkb-ondernemers toegang krijgen tot betaalbare en stabiele financiering, ongeacht via welke aanbieder die wordt verstrekt? Dank u wel.

Versie ef413365193add76bc364a226430af919668ccc77c7d835553eef24ebabfad6b · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 226655b5faac0a9a

12 okt 2026 · faf2eb0f5bc43eac

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.